The words you are searching are inside this book. To get more targeted content, please make full-text search by clicking here.

PKN Kwartaalbladen jaargangen 6 t/m 10

Discover the best professional documents and content resources in AnyFlip Document Base.
Search
Published by Stichting PKN, 2019-02-18 16:43:05

PKN Blad jaargang 6 t/m 10

PKN Kwartaalbladen jaargangen 6 t/m 10

7e JAARGANG n~. 1...c;- JUNI,1984

Van de redaktie ... .

Voor veel verzamelaars is een actieve periode aangebroken. Na
de langdurige winterstop kan er weer volop gegraven en gezocht
worden. In het juni-numme r zijn vele korte en interessante ar··
tikeltjes opgenomen die goed in een zomerse uitgave passen.
Voor de volledigheid vermelden wij hier dat he t plaatsen van
advertenties en stukjes in de vraagbaak gratis is . Voor een
beter onderl ing kontakt en het uitwisselen en verkopen van
overcompleet materiaal is het een goede gelegenheid, dit via
een berichtje in de P .K. N. aan anderen mede te delen.

Op zaterdag 24 en zondag 25 november wordt weer de Nationale
Verzamelaars Jaarmarkt gehouden. Als u van plan bent om op
deze beurs een kraam of tafel te huren kunt u uw opgave via
L.v.d.Berg, Bloemstede 22, 3608 TK Maarssenbroek, laten lopen .
Hiermede steunt u de P.K.N. en krijgen wij een marktkraam ter
beschikking om de Pijpelogische Kring te promoten. Voor de
vele leden die deze beurs reeds bezochten is het overbodig
dit evenement aan te prijzen. voor de anderen is het een
gemis als zij zouden besluiten ,deze markt over te slaan.

Wij wensen all e abonnees een plezierige en zonnige vakant ie
toe.

NIEUWE LITERATUUR

Historie Clay Tobacco Pipe Studies: Volume 2
Inhoud : The history of Nominy Plantation with emphasis on the
clay tobacco pipes (Mitchell), Clay tobacco pipes from five
archaeological sites in Nebraska (Pfeiffer), W. White pipes
from the Foote House dump, 10 AA 96 (Pfeiffer) , Identification
of diamond stamped elbow clay smoking pipes (Rist), Sally
Michaels: A mid- 19th century North Carolina pipemaker (Sidbury)
Clay Tobacco pipes from the town of Lillooet, British Columbia
(Pfeiffer), Two New Jersey pipe moulds (Jung), Clay pipes in
an 1875 Wm.Demuth & Co . Catalogue (Sudbury & Pfeiffer).
Prijs: $ 6,75 en $2.00 verzendkosten. Te bestellen bij: B. Sud-
bury, P.O.box 2282, Ponca City , OK 74602, U.S.A.
Vol.! is ook nog verkrijgbaar voor $5 . 00 bij hetzelfde adres.
Society for Clay Pipe Research, Newsletter 2. Inhoud: Wale's
Feathers , Een 18e eeuwse Hollandse 'baksteun', Een figurale
pijp uit Leiden, Een alternatief gebruik van kleipijpen.etc.

VIER EEUWEN NEDERLAND - JAPAN

door Toon Steendijk

Dit was de titel van een tentoonstelling die onlangs in Lei-
den, in het museum voor Volkenkunde, werd gehouden. De ten-
toonstelling ging over de periode 1609-1856, de tijd dat de
Nederlanders via de VOC als enigen handelsbetrekkingen met
Japan mochten onderhouden, mits ze zich geïsoleerd op het
handelseiland Decima vestigden. Om hun betrouwbaarheid te be-
wijzen moesten ze op bepaalde tijden naar de Shogun reizen en
hem met geschenken eren. Deze reis naar Edo ging te voet en
per boot en kon maanden duren. Bij zo 'n hofreis hield men een
dagelijks journaal bij en noteerde al le onkosten; men noemde
dat de ongelden. In de notities over de ongelden die men bij
de reis van 1626 had, z ien we bij de aankoop van proviant -
niet als handelswaar - een bedrag genoteerd voor de aankoop
van tabak.
Voordat de Nederlanders in 1609 naar Japan kwamen waren daar
al de Portugezen, maar die werden er door de Japanners uitge-
zet, omdat ze zich niet alleen tot handeldrijven beperkten,
maar ook hun godsdienst wilden invoeren.
Zoals de tabak na de ontdekking van Amerika, door de Portuge-
zen, naar Europa is gekomen zo zouden ze ook dit kruid naar
het oosten kunnen hebben gebracht, maar daar is veel onzeker-
heid over . Er bestaan ook redenen om aan te nemen dat de tabak
al in Japan en China bekend was. In elk geval was het in 1626
voor de Nederlanders te koop.
Zelf heb ik een Japans pijpje, ong. 20 cm lang met een houten
steel , een mooi bewerkt metalen mondstuk en een bewerkt klein
metalen kopje (zie afbeelding).

Het wordt vaak als opiumpijpje aangeduid maar een Japan-des-
kundige zei mij dat het zeker voor tabak werd gebruikt; als
gastvrij gebaar bood men de gast enkele trekjes aan uit dit
kleinkoppige pijpje. Op de tentoonstelling stond zo'n pijpje
ook als tabakspijp aangegeven naast een leren tabakszakje.
Bij het weggaan kocht ik nog het boekje dat bij de tentoon-
ste lling hoorde. Er stonden 15 gekleurde zgn. Nagasaki prenten

2

in met afbeeldingen van de Hollandse zakenman uit de 18e eeuw .

Op 7 voorstellingen had de J apanse kunstenaar hem afgebee ld

met een lange Gouwenaar. Deze pijp moet dus wel typerend ge-

weest zijn voor de Hollanders in Japan. Aan de andere kant was

het hier, in de 19e eeuw 1 de gewoonte om het Japanse lakwerk

met de goudkleurige en rode versieringen na te maken. Presen-

teerblaadjes, lepeldoosjes , snuifdoosjes en onderzetters zijn

daarvan bekend. Minder bekend is het dat ook pijpaarde pijpen

zo gelakt werden. Toevallig kreeg ik onlangs een dergelijke

pijpekop in mijn bez it. De doorsnede van de ketel is ong .2 ½cm

en hij is 4 cm hoog, aan de buitenkant zwart gelakt en met

goud en rode verf bewerkt.

De Gouwenaar werd in Japan bewonderd en hier was het Japanse

lakwerk in 'trek'. ~~~~ _.; ., .. ,

1 '~"~~~~.,._ .,.

,,_,.., ..,'t1. ' ~ · · ~ ~il. . .~, --Ji ~
:a,O"UI' t&>~&, ~ - ..~~.,. ...,...K- .-
- .-- - J
c::;"' ..~4'r·,.~&~~~:.."11V
~ ·f : .
i== t~~&r1~~ ~6'~,..

. ,tO.rw. IJ O .._.;.._.
~~,~·;~.1-~,~.,,'t+i~~ -~ 'l_i.r:""'" ó' \ · - c. •
. ·I
t "\ , -
···i (r~-..'.1..1,~~..B,~~~~o--.t~.-.~...-l"1>!,cw...,.~_ --- • . . . 'l ...
..,,,,.. •t-o ~'n~ - - .·. - "'.'"_ - ~ r:- · ·9 - ,

.t 4

.;,.!.
-rJ - ~--..~ -+v"'"...<... .. ~ , .. -- ... ....
~ ·~""'·ie-r..,.,,"'~ - ·-•.rWc-.. ·r ·tl l~ i
"'9n-WO'IW (l,~"t,+f ,~i"'11rç(. . , ~~ ! 1
..:~~~ ~~~~~~;/_J i~

Transcriptie archiefstuk over de ongelden. -. 2. 1
't naevolgende voor provisie voor een sack sout - .9 .8

voor soyo misso ende asijn 4.5.-
voor gesouten ende gedroochde visch -.5.-
voor lamsolij 3.-.6
voor 6 eijndvogels ende 20 hoenders 2.7 . -
voor 30 tamme duijve en velthoenders -.9 . -
voor 150 eijeren 5.3.5
voor sackij ofte Japanse wijn
voor branthout ende colen 3. 1.-
voor touback
voor cnollen radijs ende Micans -.5.-
voor arbeitsloon ende barck vracht
om alle 't voorzegde beneden in de barck te brengen 1• 1• 4

-.8.-

3

EEN VENLOSE PIJP

door F. F .Kompier

Toen ik enige jaren geleden in de Gemeentelijke Archiefdienst

van Venlo bezig was de pijpenindustrie van dat stadje in de

vorige eeuw na te vorsen (zie PKN nr.16), waarbij ook enige

do zen boven water kwamen met pijpekoppen die in Venlo gevonden

waren, kon ik geen enkele daarvan met zekerheid aan de pijp-

fabrikant Lenssen t oeschrijven .

Vooral het merk ' Wapen

van Venlo ' ("les pipes

dit roi sont gravés des

armes de la vi lle de

Venlo") intrigeerde me,

temeer omdat een derge-

lijk exemplaar niet

voorhanden was .

In het afgelopen jaar

werd ik echter opgebeld

door een enthousiaste

medewerker van die

dienst, die me verheugd

vertelde, dat er door

een groep kinderen

o. l. v . hun onderwi jzer

te Horst-Meterik gedu-

rende e en aantal weken

eni ge honderden scher- Wapen van Venlo

ven en pijpekoppen aan het dagli cht waren gekomen. Tijdens de

'determinatie' van het gevonden materiaal ontdekt e de heer

Schatorjé van de Gemeentelijke Archiefdienst, dat er een

' Wapen van Venl o' en een 'gekr oonde 46 ' bijzaten, waarvan u

op de andere pagina de foto 's ziet .

Zo te zien zijn de pijpen redelijk goede produkten, al getuigt

de bewerking met de agaats teen niet van een grote per fectie .

Overigens ligt de vindplaats van deze pijpen zo'n 15 km ten

noordwesten van Venlo.

Literatuur:
Kompier,F . F. Pijpenfabricage in Venlo I, II, III . Pijpelo-
gische Kring Nederland, 4e jrg . , nr. 16, 1982

4

5

EEN ACHTTIENDE EEUWSE PIJPMAKER HDG

door E. Nijhof

In Deventer en naaste omgeving worden regelmatig 18e eeuwse
pijpen met reliëfmerken gevonden , die de initialen HDG dragen.
Er zijn drie variaties bekend met aan de rechterzijde een
staande leeuw met geheven zwaard, a l dan niet met kroon (zie
afb.1-3). Een ander type (afb.4), heeft aan de rechterzijde
de leeuw in Hollandse tuin met vrijheidshoed . De pijp van afb .
5 toont aan de linkerzijde een gekroond wapenschild met de
kruispijp, die geflankeerd wordt door twee staande leeuwen al s
schildhouders. Zeer grof is de gravering van de pijp van afb.
6, deze heeft aan de rechterzijde een afbeelding van het for-
tuin. De initialen op de linkerzijde wijken van de andere
pijpen af door de opvallende grootte.
De grote hoeveelheid van bovengenoemde pijpen die gevonden
zijn doen het vermoeden rijzen dat we hier te maken zouden
hebben met de produkten van een 18e eeuwse pijpmaker uit Deven-
ter. Uit zeer uitgebreid archiefonderzoek dat heeft plaats ge-
vonden is niets gebleken van een pi jpmaker met dergelijke ini-

tia l en ( ! ). Vermoedelijk hebben we hier te doen met een pijp-

maker die in het oosten van het land werkzaam was, aangezien
mij niets bekend is van vondsten uit het westen van Nederland ,
mogelijk uit een van de IJsselsteden. Ook uit Zwolle echter
zijn geen pijpmakers bekend die voldoen aan de initialen
HDG (2) .
Graag zou ik in contact komen met personen die eveneens in het
bezit zijn van hiernaast afgebeelde pijpen . Op grond van het
verspreidingsgebied zijn mogelijk verdere conclusies te trek-
ken.

Noten:
1. Onderzoek J.W.Bl oemink, Deventer.
2. Zi e onderzoek Zwol le in: A.Carmiggelt - Zwolse tabakspijp-

makers en hun produkten. Zwolle , 1980

6

M

7

DE VAL VAN DE CITADEL VAN ANTWERPEN

door J.v.d.Meulen en P.Bakker

In de 18e en 19e eeuw werden veel kleipijpen geproduceerd die
betrekking hadden op historische gebeurtenissen. Op de ketel
stonden de betrokken personen en familiewapens afgebeeld.
Slechts zelden krijgt men scènes, landschappen of gebouwen te
zien waar vredesbesprekingen, veldslagen of conferenties
plaats vonden. Deze beperking ligt mogelijk bij de vormmaker/
graveur, die de voorstelling aan de hand van een voorbeeld, in
de mal moest aanbrengen. De vorstenhuizen en hun familiewapens
waren veelvuldig, in etsen, lithogravures en schilderijen,
vereeuwigd doch afbeeldingen van veldslagen waren waarschijn-
lijk moeilijker te verkrijgen. Over de val van de citadel van
Antwerpen bleken echter wel lithogravures voorhanden te zijn
om dit feit in een herdenkingspijp weer te geven.
De Goudse pijpmaker Michiel Swartjes, of zijn weduwe, had een
pijp laten graveren met als onderwerp de verdediging en val
van dit belangrijke bolwerk.
Op de ketel staat op de linker zijde, in een ovale omlijsting
me t daarboven de tekst Z:E:DE BARON CHASSE, een voorstelling
van David Hendrik Chassé, generaal der infanterie die aanwij-
zingen geeft voor de verdediging. Deze afbeelding was ontleend
aan de litho van H.J.Heerenbrood (1787-1833) en gedrukt bij
Deguerrois en Co in Amsterdam. De voorstelling op de andere
zijde, is door slijtage van de vorm helaas niet duidelijk te
onderscheiden. Onder de tekst: GIT.VAN ANTWERPEN, staat de val
van de citadel afgebeeld. Als voorbeeld heeft waarschijnlijk
een litho van de Franse schilder en lithograaf Denis Auguste
Mar ie Raffet (1804-1860) gediend.
Het hielmerk is het scheepje, terwijl aan de linkerzijde het
Goudse wapen als bijmerk was aangebracht.
De historische achtergrond voor het ontstaan van deze pijp is
als volgt: Tijdens het Wener Congres (181 5) werd het Konin-
krijk der Nederlanden gegrondvest. Spoedig bleek dat tussen de
ver schill ende staten veel confliktstof opgesloten lag, op het
gebied van r el igie , economie en taal. Immers het Koninkrijk
bestond uit het Nederlands sprekende protestantse noorden en
he t overwegend katholieke Vlaams en Waals sprekende zuiden.
Het ongenoegen van de zuidelijke staten vond zijn neerslag in
een aantal petities die mees tal vruchteloos waren. In 1830
verklaarde de voorlopige regering en het nationaal congres van
de zuidelijke staten België onafhankelijk. Bij de conferentie
in Londen kon men e lkaar niet v inden in de voorwaarden waarop

8

Litho van H. J.Heerenbrood (1787 -
1833) Overgenomen uit: Legerkoerier,
3le jrg . ~r.11 , 1982

Ovoïde p1Jp met baro n David Hendrik
Chassé , generaal der infanterie.

9

de scheiding van noord en zuid een feit zou worden. Na een
tiendaagse veldtocht van Koning Willem I, om een gunst i ge on-
derhandelingspositie te verkrijgen, ging Frankrijk zich daad-
werkelijk met de strijd bemoeien. Zij stuurden een leger naar
het meest zuidelijke steunpunt van de Nederlanden en beleger-
den de vesting.
De vesting was ten zuiden van Antwerpen gelegen en had een be-
zetting van 4500 man onder aanvoering van generaal baron D.H.
Chassé. De vrees om met Frankr ij k in een openlijke oorlog te
raken blijkt wel uit het feit dat Chassé de opdracht had om de
citadel niet tot het uiterste te verdedigen maar zolang vol te
houden totdat aan de eer en plicht voldaan zou zijn. De bele-
gering duurde van 30 november tot 23 december 1832 . Door de
voortdurende beschietingen waren de verdedigingswerken zodanig
verzwakt, dat de situatie kritiek werd . Het conflikt, ontstaan
aan de onderhande lingstafel, voortgezet in het beleg van de
citadel, kostte 124 soldaten het leven en 360 gewonden. De
verliezen aan de kant van de Franse belegeraars zullen niet
veel hiervan afwijken. De citadel werd over gegeven aan maar-
schalk Gérard . Toen de definitieve overgave een feit was reik-
ten de Franse soldaten de verdedigers kameraadschappelijk de
hand en trakteerden hen op jenever en tabak.

No ten
a . Drs.H.Amersfoort. Chassé geeft citadel van Antwerpen over
aan de Fransen. Legerkoerier, 3 l e jrg. nr.11, 1982
b . Met dank aan de Sectie Militaire Geschiedenis , 's-Graven-
hage en Historisch Museum Rotterdam, At las van Sto lk voor
hun medewerking.

VOOR U GELEZEN ....

De Duitser Gu stav Nachtigal ( 1834-1885) was arts, bij toeval
werd hij ontdekkingsreiziger. Op een van zijn tochten stuit
hij op de Tubu 's, een volk dat Nachtigal omschrijft als een
wantrouwend en inhalig volkje. Tussen deze stam ontdekt hij
een man die " zij n t abak niet kauwt maar rookt in een stuk
kamelenmest waarin hij een gat heeft gebaart" . Nachtigal en
zijn l otgenoten mogen hun reis niet vervolgen, door omkoping
slaagt de kleine groep er uiteindelijk in te ontsnappen.
Onder de titel 'Rook uit een pijpje van kamelenmest ', s t aat

in de Volkskr ant van 7 februari 1984 , deze anekdote uit het

boek van Christopher Hibbert, getiteld Africa Explorer .

10

SEDAN 1 SEPTEMBER 1870

door Leen van den Berg

Soms hebben pijpekoppen, die we vinden of op een andere manier
in ons bezit krijgen, betrekking op een historisch gebeuren.
Zo ook de hieronder afgebeelde kop, die betrekking heeft op
de Frans-Duitse oorlog van 1870-1871.
Op de ene zijde staan Napoleon III en de koning van Pruisen
afgebeeld, op de andere zi jde een mitrailleur me t daaronder:
Sedan 1 Sept 1870. Op de steel staat: Mijnen degen in handen
van (links) de Koning van Pruisen (rechts). Wat gebeurde er op
1 september 1870 te Sedan? De Duitsers versloegen in deze veld-
slag h~t Franse le-
ger en dwongen Napo-
leon III tot over-
gave, hij werd ge-
vangen genomen en
vervolgens afgezet.
Aanleiding tot
deze oorlog was
de kandidatuur van
de Duitse prins
van Hohenzollern-
Sigmaringen voor
de Spaanse kroon,
waartegen Napoleon III zich verzette. Door de intriges van
Bismarck werd deze oorlog uitgelokt. De vrede werd op 10 mei
1871 te Fr a nkfort am Main getekend. Frankrijk moest Elzas-Lo-
tharingen afstaan en 5 miljard franken oorlogsschatting beta-
len.
Het is wel meer opgemerkt dat de pijpmakers het historisch ge-
beuren op de voet volgden, niet alleen nationaal maar ook in-
ternationaa l van hun belangstelling blijk gaven, mede omdat
zij wel wisten dat het publiek dit alles meebeleefde en dat
daardoor een markt ontstond voor hun produkten.
Deze pijpekop werd in Gouda gevonden , de maker is mij helaas
onbekend .
Literatuur:

Kleine Winkler Prins Encyclopedie, 1954
Beknopte encyclopedie door K.Terlaan, 1947

Met medewerking van P . Tengnagel en F.Maayenburg .

11

KLEIPIJPEN GEBRUIKT BIJ DE TABAKSROOKKLISTEER

door F.Tymstra

Vanaf het moment dat zeelieden de tabak van Amerika naar Euro-
pa transporteerden heeft de medische wereld grote belangstel-
ling voor dit bijzondere kruid getoond .
De plant bleek een probaat geneesmiddel te zijn tegen ver-
schillende kwalen . Zo gebruikte de chirurgijn de tabaksrook
als middel tegen darmverstoppingen. Het principe bestaat uit
't inbrengen van rook in de darmen via het rectum. Daardoor
wordt de darmwand geprikkeld en dat leidt tot ontlasting.
Als instrument gebruikte men de tabaksrookklisteer en bij
enkele toepassingen werd de stenen pijp gebruikt. De eenvou-
digste vorm van tabaksrookklisteer bestaat uit twee pijpen.

~fb.i oe · {abaksrookklisteer van Johnson
Uit: Praktische Anweisung zu einem er-
weiterten Gebrauch der Johnsonschen
Rettungsmittel 1790, of Rel ief from ac -
cidental death - London 1785

Eerst werden de pijpen gevuld en daarna aangestoken. De ene
steel ging in ' t lichaam van de patiënt, de andere in de mond
van de dokter . Vervolgens worden de kopopeningen stevig tegen
elkaar aangedrukt en de rook in het lichaam geblazen. Deze
me thode was al bekend bij de Noord-Amerikaanse indianen.
In 1775 komen we 2 toestellen tegen van de Engelsman dr. Alex
Johnson. Het eerste instrument bestaat uit een mondstuk, een
blaas met opening, waarop een kleipijp aangesloten kan worden
(zie afb . !).
Het tweede lijkt veel op de aaneengesloten pijpen van de In-
dianen. De ve rbetering is een tussen liggend bodemloos ton-
vormig doosje, dat als r e servoir dient (zie afb.2)
De oudste klisteer, die ntot het heil der rnenschheid hebben
bijgedragen" is volgens Stisser (1686) de tabakspijp van de
barbaren 0 of te wel de Turken, die voor het zuigen van tabaks-
ro ok pijpen van leer gebruikten , die buigzaam waren"

12

afb.2 De tabaksrookklisteer van Jo hnson
Uit: Praktische Anweisung zu einem er-
weiterten Gebrauch der Johnsonschen

Rettungsmittel 1790, of Re lief from ac-
cidental death - London 1785

---~ ~ --~<:

.. ,,

1 ;· ~ ,'"'"'-.;

afb . 3 Tekening van F.de Bakker (1740). Overgenomen uit: Al-
gemeen Woordenboeck (1778).

13

Ir.R.A.Gorter merkt in zijn artikel over de tabaksrookklisteer

over het voorgaande op~ dat hoewel Stisser hier van leeren

pijpen spreekt~ hij daarmee ongetwijfeld alleen de verbin-

dingsslang, tussen he t mondstuk en de pijp bedoeld heeft ( zie

afb. 4)

In de loop der tijden is de 'f.,{'[
klisteer telkens verbeterd, ech-

ter de rol van de kleipijp was

uitgespeeld.

Opgemerkt kan worden, dat de

tabaksrookklisteer ook gebruikt

werd voor het tot bewustzijn

brengen van schijndoden en dren-

kelingen. Tot 1913 heeft men van

deze methode gebruik gemaakt,

daarna is men overgegaan op

kunstmatige ademhaling.

Niet alleen bij mensen, maar ook

bij dieren werd de rookklisteer afb . 4 De 11turksche" klisteer
gebruikt (zie afb.3). Volgens Uit Sti sser : De machin is fu-

overlevering schijnen vroeger migatoriis. Tab.I (1686)

sommige Drents e boeren het zelf

bij hun kalveren tot te passen, teneinde een bezoek van de

veearts uit te sparen.

Bronnen:
Ir.R.A .Gorter . De historie en ontwikkeling van de tabaksrook-

klisteer a ls middel tot het opwekken van levensgeesten bij
schijndoode drenkelingen. Overdruk uit het tijdschrift
1'Het Reddingswezen". z.j .
Prof .dr. H.A. Bosman Jelgersma. Poeders, pillen en patiënten.
1983
Fanny Kelk. Gebruiken rond een exotisch genotmiddel .
uit: Eva, augustus 1969.

Herkomst afbeeldingen:
1,2 e n 4. uit: Ir.R.A.Gorter. De historie en ontwikkeling va n

de tabaks rookklisteer.
3 uit: Fanny Kelk . Eva , augustus, 1969

Werft U ook een nieuwe abonneé voor de P. K. N. ?

14

DE PIJPENMAKERIJ

door J.v.d.Meulen

Het archiefwerk vereist vaak een volhardende en geduldige werk-
wijze, die soms ook royaal beloond wordt. Het verzamelen van
gegevens, over het voorwerp en de makers; wat ons allen zo
bezighoudt, geeft net zoveel voldoening als een nieuwe aan-
winst voor de pijpencollectie .
Bij een recent onderzoek stuitte ik op een bes chrijving van
een pijpenmakerij, waarin veel details opgenomen waren. De
bron van deze gegevens is een inventarisatie over het wel en
wee van de nijverheid in de Bataafse Republiek (1) tijdens de
Franse overheersing.
Hieronder volgt de letterlijke weergave van de beschrijving
van het func tioneren van een pijpenmakerij omstreeks 1800 .

Pijpenma,kerij

Tabakspijpen worden uit eene fijne taaije witte,
van kalk en ijzer deelen bevrijde kleiaarde vervaar-
digd . Deze kleisoort komt uit Keulen uit het
Luiksche en uit Ardenne in tonnen die 460 lb wegen.

NB. De fraaiste pijpen worden te gouda gemaakt,
in het begin der 18e eeuw waren aldaar 500
van deze fabrieken, in 1767 300 en nu 50.

Men snijdt deze aarde in een ton met messen; men
slibt dezelve met vater; - zeeft ze, en mengt dezelve
met een vette doch gemenere kleisoort.
De pijpaarde nu tot een behoorlijk deeg gebmgt
zijnde, neemt de roller een brok van het deeg rolt
het met de handen uit, houdende aan het eene einde
zoveel over om er den kop van te kunnen ma,ken. Zodra
deze in zo verre gerolde pijpen, eenigzins d:r'oog
zijn, worden zij door een stomp ijzerd:r'aad met eene
onbegrijpelijke vaardigheid en naw.,Jkeurigheid door-
boord, dusdanig worden zij met den draad in den vorm
gebragt, (Zijnde van gegoten koper uit twee zeer

glad geslepen stukken, welke naauwkeurig op
elkander sluiten, ieder stuk is de juiste
helft der pijp, de einden zijn open, opdat
de overvloedige aarde er zou kunnen uitge-
perst worden. )
die alvorens met lijnolij bestreken is, nadat de pijp
naauwkeurig in de eenen helft des vorms geplaatst is,

15

wordt de andere helft toegeslagen en geschroeft,
waarna met den stopper in de opening des vorms ge-
drukt, de kop daar door uitgehold, en aldus de ge-
heele pijp volkomen gevormd zijn, komen ze niet zon-
der onnaauwkeu.righeid uit den vorm . Van deze onver-
"djdelijke onevenredigheeden worden zij door middel
van een daartoe geschikt mes , o,n blikke werktuig be-
vrijd, voords om den band des kops gekarteld, en de
cieraden rond.som den steel en des verkiesende op den
kop zowel als de letters of het fabrieksmerk op het
voetje ingedrukt.
Thans blijft nog de zogenaamde verglasing over, hier
in bestaande, dat de pijpen zagtkens door middel van
een agaat gepolijst werden.
Van de mate der polijsting hangt de schoonheid der

branding niet weinig af.- nu worden zij verder vol-

komen gedraagt; zonder dit zouden ze in de branding
geelagtig worden.
De branding wordt doorgcands 14 uuren aangehouden .
Nabij de trekgaten legt men in den oven gebroken van
gevormde pijpen, om daar aan te onderzoeken of zij
genoeg gebakken zijn; nadien echter de gebakke pij-
pen in den mond zouden kleeven, worden zij met een
zekere lijmstof bestreeken en met een doek afgewre-
ven: deze vloeistof bestaat uit eene oplossing van
gomdragant, witte zeep en witte wasch.

Men heeft mij gevraagd of het mogelijk ware om de
pijpen in de branding eene zwarte couleur te kunnen
geven, Ik heb reeds uitwerking van alsemhout op
reeds volmaakte pijpen beproeft, en bevonden, dat
zij wel ras in deszelfs rook volkomen fraaij zwart
worden, en hetgeen zonderling schijnt, niet alleen
uit, maar ook inwendig door den geheele zelfstan-
digheid der pijpaarde, in hoe veel stukjes ik de-
zelve ook brak, zo scheen zij niet anders dan een
van zwarte zelfstandigheid gemaakt lighaam, pij-
penfabrikeurs die zwarte pijpen begeeven te vervaar-
digen, kunnen zich deze op een zeer gemakkelijke en
onkostbaare wijze ten nutte maken en beproeven op
welken weg zij die couleu.r aan eene menigte pijpen
te gelijk zouden kunnen geven. Ik vertrouw dat zulks
zal plaats hebben, wanneer men in den oven nadat de
branding volbragt is, eenige elzen takken werpen en
dezelve brandend doet smeulen,- den oven zodanig

16

sluitende dat den pijpen van den rook moeten door-
drongen worden.
Bron:
1. Rijksarchief 's-Gravenhage. Verzamelcollectie 2.21.06,
coll. nr.51, Goldberg nr.45
VRAAGBAAK
Wie kan mij helpen? Bij opgravingen kwam ik onderstaande piJ-
pen tegen. Ondanks naspeuringen heb ik de herkomst niet kunnen
achterhalen. De afmetingen van de pijpen kan ik helaas niet
geven omdat de pijpen niet in mijn bezit zijn.

-

Graag zou ik willen weten in welke tijd ze gedateerd moeten
worden, wie de maker is en de plaats van herkomst.
Informatie sturen naar: Th.G.Gerritsen, Burchtgracht 5, 6851
BJ Huissen.

SPECIALE AANBIEDING
Bij voldoende belangstelling is er voor de abonnees van de
P.K.N . een korting van 40% op het nieuwe boek van H. R.Tupan,
getiteld: De Bruidegomspijp, de geschiedenis van een volks-
kundig huwelijksfenomeen. De normale winkelprijs van dit fraai
uitgevoerde boek i s !35,- Zij die voor deze korting in aanmer-
king willen komen moeten zich voor 15 juli schriftelijk opge-
ven bij: J.v.d.Meulen, Utrechtse Jaagpad 11 5 , 2314 AT Leiden.

17

TWEE ORIGINELE PIJPNAMEN UIT .DE ACHTTIENDE EEUW

door E.Nijhof

Tot op heden zijn oorspronkelijke namen voor p1Jpen nauwelijks
bekend. De meeste namen dateren uit de negentiende eeuw of
zelfs uit deze eeuw. Veel benamingen zijn door verzamelaars 10
onze eeuw aan de verschillende typen pijpen gegeven(!).
Twee namen zijn bekend geworden doordat de pijpmakers ze met
een steelstempel op de steel hebben aangebracht. Het zijn de
koffypijp en de scheepjespijp.
De laatste is een hielloze pijp en is gemerkt met het scheepje
(zie afb.3), de datering is derde kwart achttiende eeuw. Be-
halve de relatie met het merk 'het scheepje', is het goed mo-
gelijk dat, misschien om het merk, deze pijpen zeer in de
smaak vielen bij schippers. De lengte van deze pijpen is onge-
veer 25 cm geweest, dit zijn typisch de pijpen die tijdens het
verrichten van werkzaamheden in gebruik zijn geweest. Een an-
dere aanwijzing voor het gebruik door schippers i s de vondst
van ongeveer 30 exemplaren van dit type in een scheepswrak in
de IJsselmeerpolders (2).
Uit de eerste helft van de achttiende eeuw dateren de in afb.
1 en 2 afgebeelde koffypijpen. Deze twee pijpen behoren tot
de lange pijpen (de pijp van afb.! is 51,9 cm lang) van he t
trechtervormige type. De merken zijn de visser en het scheepje.
Een andere koffypijp (waarschijnlijk tot de kortere typen be-
horend) dateert uit het tweede kwart van de achttiende eeuw.
Deze pijp is op de voorzijde van de kop gemerkt met het merk
'de koffiekan'(afb.4), evenals bij de scheepjespijp, komen de
naam en het merk overeen. Aangezien koffypijpen niet direkt
a an een beroep of ambacht gekoppeld kunnen worden moet een
oplossing ergens anders gezocht worden.
Het eerste gebruik van koffie in Nederland dateert waarschijn-
lijk uit de zestiger jaren van de zeventiende eeuw, op dat
moment zijn thee en tabak al geruime tijd ingeburgerd (3).
De koffie wordt in de beginperiode voornamelijk in koffiehui-
zen gedronken, later wordt dit zo gewoon dat men ook thuis
koffie drinkt. Naast de kroegen speelden de koffiehuizen een
voorname rol in het sociale leven. Men kwam hie r vaak bijeen
om een praatje te maken, dronk koffie en rookte een pijp. De
koffiehuizen waren al gauw zeer populair, uit een beschrijving

uit 1668 over Amsterdam blijkt dat de "Coffeehuysen zoo vol
menschen~ dat ze gepropt waren" (4). He t is mogelijk dat de

pijpen in de koffiehuizen koffyvijpen genoemd werden. Uit de
negentiende eeuw is de naam koffiepijp wel bekend uit de

18

~·· ,...:.

!UIH

~~

~~o~:, r.

e:ouoct•

,.,,

/

/

/
/
/

,,,,, /
<

19

Weense koffiehuizen . We spreken dan over Kaff eepf e ifen, deze

is echter bedoeld voor een duidelij k afwijkend type pijp (zie
afb.5).
Een aanwijzing voor h et roken

van pijpen in koff iehuizen is

de volgende anekdote uit een
klu cht uit 1669 waarin een
heer naar een koffiehuis gaat:
"Gaat hij dikwijls een pijpje
roken. Op het Rokin, a lwaar de
Thee Heel puik is, en de Co ffi
mee 11 (5).

Naar alle waarschijnlijkheid

ziJn de hier besproken pijpen

voor de koffiehuizen bedoeld
geweest, zij kunnen op bestel-

ling van de koffiehuizen door
de Goudse pijpmakers gemaakt
zijn.

afb . 5 Kaffeepfeife (Westerwa ld )

Literatuur:

1. Duco,D. De naam van de pijp. Pijpelijntjes V, nr.l, 1979
2. Tijmstra,F. Over de lengte van 17e en 18e eeuwse kleipij-

pen. Pijpelogische Kring Nederland, Se jrg. nr. 18,
blz. 36, afb.U, 1982
3. de Kleyn,J. De kraantjeskan met conische vorm, een oud type
koffiekan. Antiek 7, nr . 6, 1973
4. Blankaart,S. Verhandelinge van de Coffée, aangaande des

zelfs kragten in gezonde luiden en alle ziekten.
Amsterdam, blz. 142, 1686
5. Vinc ent,Y. Pefroen met 'et schaapshooft . Amsterdam, blz . 9,
1669

OPROEP

In verband met een inventarisatie en onderzoek naar het voor-
komen van namen en woorden of letters op stelen, wil ik ieder
verzoeken of u wilt nagaan of ook in uw verzameling namen e . d.
op pijpestelen voorkomen en dit aan mij doorgeven. Als ook
het merk op de pijpekop bekend is wilt u dit tevens vermelden?
Uw reakties kunt u sturen naar: L.van Duuren

20

DE PIJPENVERZAMELAAR VAN KLAAS; EEN .ANEKDOTE

door Arnold Carmiggelt

Niet alleen de geschiedenis van kleipijpen maar ook de ge-
schiedenis van pijpenhistorici en -verzamelaars is e en s t udie-
object, dat zo nu en dan in pijpelogische publicaties belicht
wordt . Onlangs kreeg ik een boek in handen, waarin een anek-
dote, over een pij penverzamelaar, was opgenomen die ik U nie t
wil onthouden.
In dit boek 'Nederland en zijne bewone rs' ( 1876) bes chri j ft de
a uteur Edmondo de Amicis zijn reis door Nederland in 187 3 en
noteert nauwkeurig h e tgeen hij h eeft gezi en en ge hoord. Wan-
n e er deze Italiaan een beschrijvi ng v an Rotterdam geeft, me rkt
hij ook het een en ander op over de rookgewoonten van de
Nederl anders en hij geeft tevens een anekdote weer , die Ro t-
terdammers hem verte ld hebben en over een pijpenverzamelaar
gaat.

"Maar wat mi j het meest verwonderde was , dat op dat uur alle
personen die ik ontmoette, heer en en burgerluidjes, nunnen en
knapen, een sigaar in de mond hadden . Die onzalige gewoonte
van 'wakende te dr oomen ', zooals Emile Girardin het noemde
toen hij het rooken den oor log aandeed, speelt zulk een belang-
rijke rol in het leven der Nederlanders, dat het noodig is er
opzettelijk over te spreken.

Het Neder landsche volk i s misschien van alle bewoners van het
Noorden het volk, dat het meest rookt . De vochtigheid van den
gr ond maakt het hun tot een behoef te, en de matige pri j s van
den tabak maakt het iedereen mogelijk aan die behoefte te
voldoen . Om een voorbeeld te geven hoe ingeworteld die gewoon-
te is, i s het voldoende te zeggen, dat de schippers van de
trekschuit, die de water- diligence van Nederland is, den af-
stand meten naar het rooken . Ze zeggen b . v . niet dat deze of
gene stad zooveel mijlen ver is, maar zooveel pijpjes . Wanneer
men in een huis binnenkomt, wordt u door den gasthee1~., na de
eer ste begroeting, dadelijk een sigaar aangeboden; wanneer ge
vertrekt geeft hij er u nog een, soms een stuk of wat, meê.
Op straat ziet men menschen" die een sigaar aansteken aan het
nog brandende stompje van de vorige, zonder een ogenblik stil
te staan, alsof z e evenmin een minuut van den tijd als een
mondvol rook missen kunnen . Velen slapen in met de sigaar in
den mond, steken haar op, als ze gedurende den nacht wakker
wor den, en ' s mor gens dadelijk weer, eer ze nog een voet bui-
ten het bed ge zet hebben . Een Nederlander, zegt Diderot, is

21

een levend fornuis, en het schijnt inderdaad dat het rooken
een onmisbare levens- functie voor hem is . Velen beweren dat
al die rook hun verstand benevelt. Maar met dat al, zooals
Esquiros terecht opmerkt, als er één volk is, dat een scherp
en juist verstand heeft, dan is ' t het Nederlandsche . Ook
moet gezegd worden, dat in Nederland de sigaar geen aanleiding
tot nietsdoen is, noch een middel om 'wakende te droomen' .
Integendeel, iedereen doet zijn zaken, terwijl hij met een
regelmatigheid als van een stoompijp zijn witte rookwolkjes
uitblaast. En de sigaar, in plaats van een uitspanning te zijn
is een prikkel en een hulp tot het werk . 'De rook ' - zeide een
Hollander tegen mij -'is onze tweede adem ', en een ander gaf
me deze definitie van een sigaar :'de zesde vinger van de hand.

Nu ik toch over den tabak spreek, zou ik wel lust hebben het
leven en sterven van een fameus Nederlandsch rooker te verha-
len . Maar ik ben wei iet wat bang voor het schouderophalen van
mijn Hollandsche vrienden, die, toen ze mij dit verhaal deden,
zich terecht beklaagden, dat de vreemdelingen die over Neder-
land schrijven, belangrijke en eervolle zaken overslaan, om
zich met zulke malle grappen bezig te houden.
Doch hoe ' t zij, die grap vind ik zoo eigenaardig, dat ik haar
niet in de pen kan houden .
Er was dan eens een rijk heer uit den omtrek van Rotterdam,
Van Klaas geheeten, in de wandeling 'grootvader Van Klaas ' ge-
noemd, daar hij zeer oud was . Het was een rijk man, en de
overlevering voegt er bij, dat hij zijn fortuin gemaakt had
als een eerlijk koopman, in Indië, en dat hij zachtzinnig van
aard en goed van inborst was . Uit Indië teruggekeerd, had hij
zich een prachtig paleis bij Rotterdam laten bouwen, en in dat
paleis had hij een museum bijeengebracht van alle soorten en
vormen van pijpen, die de zon aanschouwd had, uit alle landen
en alle tijden, van de pijpjes, waar de oude barbaren hennep
uit rookten, tot de prachtige pijpen van meerschuim en amber
met figuren en goud, die in de fraaiste winkels van Parijs
prijken. Zijn museum stond voor bezoekers open en aan ieder
die het bezocht, gaf mijnheer Van Klaas, na zijn uitgebreide
rook- geleerdheid gelucht te hebben, de zakken vol met sigaren
en tabak en bovendien een catalogus van het museum in fl uweel
ingebonden.
Mijnheer Van Klaas rookte anderhalf ons tabak per dag en
stierf in den ouderdom van 98 j aren, zoodat, als men rekent
dat hij met zijn achttiende jaar begonnen is, hij in den loop
van z~Jn leven 4383 kilogram t abak opgerookt heeft. Trouwens
hij deed zich bij zijn dood kennen als een niet minder groot

22

rooker dan bij z~Jn leven. De overlevering heeft de bijzonder-
heden van zijn uiteinde bewaard. Hem ontbr aken nog weinige da-
gen om zijn 9Be jaar voi te maken, toen hij voelde dat zijn
einde nabij was . Hij liet zijn notaris komen, die óók een
echte r ooker was, en zonder verderen omhaal zeide hij : 'Notaris ,
iaat ons mijn pi j p en de uwe stoppen; ik ga sterven ' . De pij-
pen wer den gestopt en opges token, en mijnheer Van Klaas dic-
teerde zijn testament, dat later in gansch Nederland beroemd
is gewor den .
Na over een groot deel van zijn vermogen beschikt te hebben
ten voor deeie van bloedverwant en, vrienden en godshuizen, dic-
teer de hij verder het volgende :
' Ik wil dat alle rooker s van het land genoodigd wor den op m~Jn
begravenis, bij oproeping in de couranten, brieven, circulai-
res en alle mogelij ke middelen . Elk rooker, die aan de uitnoo-
diging gehoor gee ft, zal tien pond tabak en twee pijpen ont-
vangen, waarop m~Jn naam, rrriJn wapen en de datum van mijn dood
ge schreven moet zijn . De armen van de buurt, die mijn lijk-
koets volgen, zullen elk jaar, op mijn sterfdag, een groot pak
tabak ontvangen. Al wie de begravenis bijwonen, moeten, wan-
neer ze deel willen hebben aan de toegezegde voordeelen, zon-
der ophouden gedurende ai den tijd dat de plechtigheid duurt,
doorrooken . Mijn lijk moet gelegd worden in een kist, die van
binnen bekleed is met het hout van mijn oude sigaren- kistjes .
Op den bodem van de kist moet een doo s met franschen, zooge-
naamden capor al- tabak en een pak van onzen ouden Hollandschen
gelegd worden. Aan mijn zijde moet mijn lievelingspijp liggen
met een doos zwavelstokken . ... daar men nooit weet wat er ge-
beuren kan. En wanneer mijn lijkbaar op het kerkhof is aange-
komen, moeten alle personen van den stoet, eer ze heengaan, er
voor defileeren en de asch van hun pijp er over uitschudden '.
De uiterste wil van mijnheer Van Klaas werd nauwkeurig ten
uitvoer gelegd . De begravenis was prachtig, en de ganse stoet
was in een dichte wolk van rook gehuld. De keukenmeid van den
overledene, Geer trui, aan wie haar heer een aanzienlijk jaar-
geld vermaakt had, op voorwaarde, dat ze haar hardnekkigen
afkeer tegen den tabak overwon, liep mede achter het lijk met
een papier- cigarette tusschen de lippen; de armen zegenden de
nagedachtenis van zulk een milddadig heer, en door het gansche
land klonk z ijn lof, gelijk zijn naam nog heden aiierwege be -
kend is".

Uit: Ami c is, Edmondo de . Nederland en zi j ne bewoners. Leiden,

blz. 52- 55, 18 76

23

7e JAARGANG <\R. "2..b SEPT EMBER,1 984

Van de redactie .. ..

Nederlands Kampioenschap Pijproken te Dordrecht.

Op zondag 20 mei j.l. werd de de Statenzaal van 't Hof in Dor-
drecht het kampioenschap pijproken gehouden, alsmede de ver-
kiezing van de pi j proker van het jaar 1984.
Het Dordtsche Pyproockersgilde organiseerde deze dag in samen-
werking met de overkoepelende organisatie,de Stichting Pijp .
De P.K.N. werd in de gelegenheid gesteld een expositie in te
richten en rek lame t e maken.Gezien de vele reakties en geani-
meerde gesprekken kijken we terug op een zeer geslaagde d ag.
Ook via deze weg willen wij de St i chting Pijp en het Dordtsche
Pyproockersgilde nogmaals bedanken voor de geboden ruimte en
de spontane en enthousiaste medewerking die wij hebben geno-
ten. De fraa ie vitrines werden belangeloos ter beschikking
gesteld door Bram van der Linden , antiquair te Heinenoord,
waarvoor onze dank . Tevens was er , voor het eerst in Neder-
land, de antieke houten pijpencollectie van het Museum de
Confrèrie des Maîtres Pipiers uit het Franse Saint-Claude te
bezichtigen. Als Pijproker van het jaar is met grote meerder-
heid van stemmen Ralph Inbar , TV- presentator, gekozen.

PIJPENDAG van de P.K.N. in Utrecht .

Ook dit jaar houden we een pijpendag, en wel op 13 oktober in
het Universiteitsmuseum, Biltstraat 166 in Utrecht.
Aanvang: 13.00 uur. De organisatie is in handen van Piet Smie-
sing en Hans Br inkerink . Het programma is zeer interessant :
Jos Engelen houdt een causerie over "Afstammelingen van de
Westerwaldse pijpmakers in beide Limburgen" Hieraan verbonden
is een kleine expositie van pijpen uit de periode 1850-1 920
van Limburgse pijpmakers,alsmede pijpmakersgereedschap.
Ferry Kneefel vertoont een speciaal vervaardigde film over
Givet en Gambierpijpen . Ook doet hij ui t de doeken hoe hij
zelf pijpen vervaardigt .
Hans Brinke rink en Piet Smiesing t onen in een vitrine opge-
graven pijpen uit een late vuilnisbelt.
Wen st U de pijpenmiddag bij te wonen , dan moet u zich schrif-
telijk opgeven bij Piet Smiesing ,Mont evideodreef 92, 3563 BK
Utrecht .
Aanmeldingen graag voor I oktober , waarna u een routebeschrij-
ving zal worden toegestuurd.

25

EEN INTERESSANTE 19e EEUWSE PI JPENSTORT IN GOUDA.

door J.van der Meulen,M. Steenbergen en F .Mayenburg

Bij riol eringswerkzaamheden in Gouda op een braak liggend
terrein,hoek Drapiersteeg en Vest, stuitte de dragline op een
pijpenstort, waarin zich veel rijk versierde reliëfpijpen be-
vonden. Nader onderzoek van het terrein leverde meerdere con-
centraties pijpfragmenten op. Er werden ongerookte pij pen en
misbaksels gevonden, o . a. met glazuurdruppels op de ketel,
vanaf het begin 17e tot eind 19e eeuw . Di t vondstverslag zal
zich hoofdzakelijk beperken tot de bodemvondsten die bij de
aanleg van de riolering gedaan zijn.
Op een diepte van ca . 1,5 meter onder het maaiveld bevond zich
een concentratie niet- gerookte pijpen, die alle een merkwaar-
dig blauwe verkleuring bezaten. Deze verkleuring kan aan de
zichtbare en met de neus waarneembare olieverontreiniging toe-
geschreven worden. Het feit, dat hier vr oeger een garage ge-
staan heeft, zou deze vervuiling kunne n verklaren. Na ver loop
van tijd verdween de blauwe tint van de pijpen en kregen deze
hun oorspronkelijke kleur terug.
De vondst kenmerkte zich door een grote vormenr i jkdom. Enkele
stelen van figurale pijpen droegen de naam van de pijpmaker
uit wiens "winkel" de stort afkomstig was.

Vondsten .

Het ontbreken van misbaksels en de vele p1Jpen die gaaf, of te
compl eteren ware n, doet vermoeden dat we hier niet met het af-
val van een nog werkzame pijpmaker te maken hebben, maar moge-
lijk met het opruimen van een oude voorraad.
De kwaliteit van de produkten getuigt van vakmanschap. Aan de
afwerking is de nodige zorg besteed, deze is redel ijk tot
goed t e noemen. De vormen zijn op meesterlijke w1Jze met een
scherp ges token voorste lling gegraveerd. Om de gravering ook
goed op de kleipijp te doen overkomen, moet de kleisamenstel-
l i ng aan hoge ei sen vol doen . Zij moet een grote plasticiteit
bezitten en fijnkorrelig zijn.
Beschrijving van de vondsten:
ORANJE-PIJPEN .
Een drietal pijpen werd gevonden me t als motief het 5O- jarig
regeringsjubileum ( 1813- 1863) van het huis Oranj e Nassau .
De eerst e datum op de pijpen heeft betrekking op de .landing
van Willem I te Scheveningen, na de Franse overheersing. Op
één pijp (afb . 1, 2) staat boven het opschrift 18 13- 17 NOVEM-
BER- 1863, in een lint ' ORANJE BOVEN', het geheel is gef lan-

26



keerd door een vlag en wimpel. Op het tweede exemplaar (afb.
3,4) staat in een lint aan de bovenzijde van de kete l 'LEVE
NEERLANDS VORSTEN'. Op de linkerzijde van de ketel is een ge-
kroond wapenschild aangebracht, omgeven door eikebladertakken.
In een halve cirkel staat het opschrift 'NEERLANDS HERSTELLING'
geflankeerd door een v l ag en wimpel. Op de rechterzijde staan,
omgeven door een krans van eikebladeren, de jaartallen 18 13
en 1863. Rondom de krans staat ' ONDER HET HUIS ORANJE NASSAU'.
Een bijzonder fraaie pijp (afb.5,6) draagt op de ketel de beel-
tenissen van koning Wi ll em I en Willem III. Op de steel staat
'EENDRAGT MAAKT MAGT' en 'NEDERLAND EN ORANJE'. Het hielmerk
van deze pijp is de gekroonde 52.
De drie beschreven pijpen hebben alle de karakteristieke ge-
kromde steel, zoals die op afb.5,6 te zien is. De pijpen waren
bruinachtig van kleur .
Het regeringsjubileum van koning Willem III i s ook niet onge-
merkt voorbij gegaan. Op een tweetal pijpen staat deze gebeur-
t enis afgebeeld . Deze pijpen hebben, in tegenstelling tot de
vorige, een rechte steel. Op de rijk versierde pijp van afb.
7,8,35 staan op de 15 cm lange steel de kwaliteiten van deze
vorst aangegeven: het doorgraven van kanalen, hulp bij de wa-
tersnood in Vlissingen en Brielle, aandacht voor schone kun-
s ten en in het algemeen zijn mildadigheid. In de hoorn des
overvloeds (afb.35) kan een kijkglaasje gemonteerd worden. Op
de ketel zijn afbeeldingen van koning Wil l em III bij de eeds -
aflegging en op latere leeftijd te zien .
Ter gelegenheid van het 25-j arig jubileum in 1874, werd nog
een speciale pijp vervaardigd (afb . 9, 10). Deze pijp zal later
in dit artikel uitvoerig beschreven worden .
De mannekop met baard (afb.34) zou ook betrekking kunnen heb-
ben op Willem III, want op de stee l st aat 'WILHELM'. Of dit
ook werkelijk zo is, viel helaas niet te achterhalen.
DIERMOTIEVEN.
Een zeer uitgebreide groep vormen de pijpekoppen met voorstel-
lingen van dieren. Vooral de grote verschillen in de vormge-
ving is interessant. Zeer fraai zijn de pijpjes, waarbij in
het verlengde van de steel, een vis staat afgebeeld (afb .11,
12) . Van het vissemodel van afb. 11 bestaat een variant, waar-
bij de klei in de vissebek nie t i s weggesneden. Dit type lijkt
veel op afb. 12, maar l aatst genoemde is veel groter .
Het sigarepijpj e van afb . 13 geeft in de gekrulde staart van de
kat de mogelijkheid een ki jkglaas j e te monteren. Op dit hoorn-
pijpje is het opschrift 'DE GELAARSDE KAT VAN MOEDER DE GANS '
aangebracht. Een andere pijp, waar ook een optisch glaas je in
aangebracht kan worden is de pijp met de olifant (afb.17) .

28

29

In het zadel zit een aapje, waarvan de kop meestal ontbreekt,
De drie zwijnskoppen (afb. 21,22,23) zijn gemaakt in kunstig
gegraveerde mallen, die met veel gevoel en kennis zijn ver-

vaardigd.
MENSELIJKE FIGUREN EN GEZICHTEN.
Een opzienbarende vondst was het mercuriuskopje (afb, 14) met
a ls steelopschrift 'B.VAN DER MAAS' en 'IN GOUDA ' . Van de rij k
versierde pijpen was dit het enige exemplaar met de naam van
de pijpmaker. Bij het type ' korte izabé ' de 'grote- en kleine
Engelsche ' kwam de naamsvermelding veelvuldiger voor,
Een curieuze pijp is te zien op afb . 15, hier steekt een Chi-
nees dwars door de ketel, terwijl zijn ene been op de steel
rust. Een ander e opmerkelijke pijp heeft de vorm van een man-
netje (afb.32) , waarbij ~e ketel de vorm heeft van een manne-

kop met het lichaam eronder.
FIGUUR- en GLADDE PIJPEN.
Vooral in deze groep komen we piJpen tegen met de naam B.van
der Maas op de steel (afb.24 t/m 28). Met uitzondering van
afb. 25 komen deze pijpen later ook in het assortiment van de
f irma Goedewaagen voor. De pijp van afb.24 is ook i n zwarte

uitvoering gevonden.

Niet alle pijpen uit het vondstcomplex staan afgebeeld , omdat
het merendeel terug te vinden is in de oude catalogi van de
aarden- tabaks & sigarenpijpenfabriek P.Goedewaagen & Zoon.
Hieronder volgt een lijst met catalogusnummers, die gelijk-
vormig zijn aan de in de stort voorkomende pijpen . Als in dit
artikel een afbeelding is opgenomen van de betreffende pijp ,

dan staat dit tevens vermeld.

0r.isc hrijving Catalogus nr. afbeelding

figuurpijp 45 19
paardje
coloradokever 46 34
izabé
Wilhelm 48 9,10
Jubelfeest 1889 23
zwijnskop 61 16
bok 66 26
figuurpijp 72 17
olifant
Chinees 105 15
zwijnskop 22
gladde pijp 106 24
paardehoef 107
109
120
129

132

154

30

31

_J

Omschrijving Cata logu s afbeelding

herder 155 11
gladde hoorn 160
vis 166 27
izabé met anker 169 21
i zabé 171
zwijnskop 181 14
pukkel-pijp 184 18
anker 197
fi guurpi j p 198 13
Mercurius 201
hondje 216 28
hoorn met hond 219
gelaarsde kat 226
figuurpijp 227
paard 228
mannekop 233
mannekop 303
versierde hoorn 306
versierde izabé 327
mannekop 328
hondekop 329
versierde izabé 331
versierde doetel 361
peer 371
omgezette kop 394
gladde pijp 471
gl adde pijp 472
gladde pijp 473

Modellen die niet in de catalogus van Goedewaagen voorkwamen
zijn de afbeeldingen 1-2,3- 4,5- 6,7-8, 12,25 ,30,31,32 en 35 .

ANDERE PIJPEN .
In de stort en de directe omgeving zijn ook een aantal pijpen
gevonden, die moeilijk toe te schrijven zijn aan B.van der
Maas. De 'Oranjepijp' (afb.5,6) met het merk de gekroonde 52
is waarschijnlijk gemaakt door J.de Gidts in Gouda. Ook wer-
den diverse sigarenpijpen gevonden met op de ene zijde het
merk de gekroonde 75 (afb.20) en op de andere zijde' A. V.
IJZENDOORN'. De pukkelpijp (afb . 29) heeft op de roerzijde van
de ketel het merk de krijgsman, welke aan P.van Essen toebe-
hoorde. De mannekop met muts (afb . 33) is bijna een copie van
een pijp die door de firma Gambier (Frankrijk) is gemaakt, on-
der de naam ' Gaulois', model nr.992.Een merkwaardige vondst

32

33

waren de gladde pijpjes , die bij Goedewaagen afgebeeld staan
onder de nummer s 47 1, 472 en 473, gemerkt met de gekroonde 17
in een cirkel . Op één van deze exemplaren stond op de s t eel
FIOLET , een pijpenfabr i ek in St . Orner (Frankrijk).
Ee n van de weinige pijpen met het merk van B.van der Maas was
een pijp met omgezette kop(cat .nr.394). Op de hiel s taat zij n
merk de gekroonde 26 .

Wie was B. van der Maas?
Uit de s t elen met opschriften kon worden vastgesteld dat de
s tort a fkomst i g was van Bar thol omeus van der Maas. Evena l s
zij n voorvaderen woonde hij " op de Gouwe" op nr. 9 1.
Zij n grootvader, Jan van der •Maas , was de eer s t e pijpmaker in
de familie. Hij legde zijn meesterproef af op 9 juli 1773 . Hij
zett e op zijn pijpen de merken 'de gekroonde 26'en'het dubbel-
de krui s ' (?) . Beide mer ken zijn van vader op zoon overgegaan.
Ui t het huwel ijk van Jan me t J udith de Jong werd Hendrik gebo-
ren , die in de voetstappen van zijn vader zou treden,
Toen Hendrik in 1851 overl eed, ze tte zij n vrouw Sophia van der
Noo t, samen met haar zoon Bartho lomeu s , het bedrij f voort ,
Barthol omeus werd geboren op 22 me i 18 17, als getuige was
Willem van der Noot , ook pijpmakersbaas , aanwezig , Op 10 au-
gustus 1842 trouwde Bartholomeus me t Dirkj e van der Noot ,
dochter van Daniël van der Noot, die pijpmaker sknecht was . Het
ber oep van Bartholomeus was op dat momen t nog s li jter , Vanaf
1847 ging hij z ich met het pijpmaken bezig houden.
Naast de merken ' de gekr oonde 26 ' en ' he t dubbelde kruis' voeg-
de hi j in 1854 no g 'd e gekr oonde 17' toe (4) .In 1857 kreeg hij
van he t s ted el ijk bestuur toesterrnning om het merk SM op zi jn
pijpen te zetten (3 ,9). De vergadering van "Konnnissarissen van
Pijpenfabrieken en Pijpe nhandel" was gegriefd dat hen in deze
kwestie ni et om advies gevraagd was . Men was van men ing da t
he t merk SM zeer eenvoudig te verwarren was me t het merk WS ,
indien men één van beid e omgekeerd zou houden . Kommiss aris
de Gidt s kreeg ver volgens opdr acht om een pijp met he t merk
SM t e bemachtigen . I n een brief, gedateer d 3 1 december 1857 ,
richtte men een klacht t ot de burgemeester, omdat B.van der
Maas II z ich nie t ontzi et op velletjes z ijne r pijpenmandjes te
ze tten, WS model '' (5) . Volgens de onder t ekenaars P . Goedewaa-
gen en G.C . van Want i s deze hande l swi j ze zeer nade lig voor
de laatstgenoemde .
Naa st het pijpmaken had Bartholomeus ook neveninkoms ten, zoal s
handel in pijpaarde . Toen hij op 5 juni 1880 ove rl eed werden
twee ber oepen ver meld:pijpmakersbaas en kaashandelaar. Zij n
dood was het e inde van een mee r dan 100-jarige pijpmakeri j.

34

24

27

8 , 1/1\N 01?~ P1'1A5

35

GENEALOGIE VAN DE FAMILIE VAN DER MAAS (1) .

J an van der Maas 25 juni 1747 - 4 maart 1811
Hendrik van der Maas X Judith de Jong (16 maart 1774)
Bartholomeus van der Maas 19 mei 1776 - 14 januari 1851
X Sophia van der Noot (1805)
22 mei 1817 - 5 juni 1880
X Dirkje van der Noot(IO aug. 1842)

Wat gebeurde er met de mallen van B.van der Maas?
De grote overeenkomst tussen de modellen uit de stort en de
typen die in de catalogus staan deed al snel vermoeden dat
P.Goedewaagen de vormen van B.van der Maas overgenomen zou
kunnen hebben . Uit de inventarisatie van pijpvormen, in het
bezit van de firma Goedewaagen te Nieuw-Buinen (8), blijkt
dat in vorm nr. 181 (afb.21),ondanks een poging de herkomst
weg te vijlen, op de steel aan de linkerzijde 'P.VAN DER MAAS'
en rechts 'IN GOUDA' staat . Waarschijnlijk is door· vijlen een
P inplaats van een B gelezen. Als voorstelling van deze siga-
repijp is beschreven dat op de ketel een vossekop is afgebeeld.
Na vergelijking van de afbeelding in de catalogus en de pijp
blijkt dit echter e en zwijnskop t e zijn .
Een andere pi j p levert ook vermeldenswaardige gegevens op . De
beschrijving van model 72, in bovengenoemde inventaris luidt:
' Tabakspijp . Slanke doetel zonder hiel met rechte steel van
11, 5 cm, eindigende met een knoop. Rechts op de ketel staande
in de kerk koning Willem III met erboven het jaartal 1849.
He t gehe e l tussen bladertakken.Links op de pijpekop, eveneens
tussen bladertakken een gekroonde W met er tussen een lint,
dragende het opschrift ' JUBELFEEST' . Op de stee l schelpjes met
er tussen in pare lomlijst ing rechts ' GEHULDIGD 12 MEI' en links
'12 MEI 1889 '. Deze beschrijving past ook bi j afb . 9,10 met
uitzondering van het jaarta l. Op het exemplaar uit de stort
staat het jaartal 1874. Dit type pijp is dus zowel ter ere van
het 25-jar ig als het 40-jari g regeringsjubileum van koning
Wil l em I II geproduceerd. Het enige wat men moest veranderen
was he t jaartal op de steel. De andere 'ORANJE '-pijpen van
Bartholomeus behoefden een grotere ingreep om weer actueel te
zijn en werden niet opnieuw gebruikt .
Een ander voorbeeld van hergebruik van mallen is het pijpje
me t de coloradokever.De bladeren op de ketel van de produkten
van Goedewaagen en van der Maas zijn volkomen in over eenstem-
ming met elkaar , maar op de vormnaad van het Goedewaagenmodel
(cat .n r . 48 ) i s een bladversi ering aangebracht. Door veelvuldig
gebruik i s de vorm uitgesleten en moes t worden ' opgehaa ld'.

36

a !loooe100C1

33

1-a..l::::::=:i..-l::::=:3111__.l CM
37

Hierdoor pasten waarschijnli jk de vormhelften niet meer nauw-
keurig en werd een bladversiering ter camouflering aangebracht.
De stort van B. van der Maas zou een aantal door Goedewaagen
vervaardigde pijpen kunnen bevatten.Om een aantal r edenen is
dit niet waarschijnl ijk . Bij de opgraving is geen enkele maal
een steel met de naam van Goedewaagen gevonden en ook geen pi j-
pen met een van zijn merken . De figurale pijpen,met de naam
B. van der Maas (afb . 24 t/m 28), die identiek in de cata l ogus
van P . Goedewaagen staan afgebeeld, ondersteunen het idee dat
deze stort met al zijn modellen aan Bartholomeus van der Maas
moe t worden t oegeschr even. Ook het archiefonderzoek geeft aan-
wiJzingen in deze richt i ng.In 188 1 l iet P . Goedewaagen het door
Bartholomeus gezet t e merk ' de gekr oonde 26 ' in het merkenboek
inschrijven. Een bewijs van de contacten tussen beiden (6).
De mallen waren in het gehele produktieproces zeer kostbare
werktuigen. Als P. Goedewaagen de vormen overgenomen zou heb-
ben is dit mogelijk terug te vinden i n de kasboeken, waarvan
een aantal bewaard zi jn gebleven. Regelmatig duikt de naam van
B. van d er Maas op in verband met de leverantie van pijpaarde .
Op 19 maart 1880 s taat aan creditzijde het niet geringe bedrag
van !8 12, - vermeld(2) . Hoewel geen verdere details zijn gege-
ven, mogen we aannemen dat d i t geld bestemd was voor de over-
name van de mal l en .
Uit alle opgesomde feiten lijkt mij de conclusie ger echtvaar-
digd, dat Bartholomeus vlak voor zijn dood de pijpvormen aan
P.Goedewaagen heeft verkocht en zich nog uitsl uitend met de
kaashandel heeft beziggehouden.

De foto's werden gemaakt door Fr eek Mayenburg. De tekeningen
door Martin Steenbergen (afb.25 , 31,32 , 34,35) , Peter Bakker
( af b.29,30,33) en Hans van der Meulen (afb . 24 ,26 , 27 , 28).
De pijpen op de foto's zijn niet op ware grootte afgebeeld.

Bronnen:

1. Gemeente Archief Gouda: Geboorte- ,Doop- en Trouwr egi sters
2. Gemeente Archief Gouda : Goedewaagen A3/7
3. Gemeente Archief Gouda: Pijpmakersgi l de Archief P . A. 30
4. Gemeente Archief Gouda: idem, P.A.3 1
5. Gemeente Archief Gouda : idem, P . A. 36
6 . Helbers,G . C. en Goedewaagen D.A. Goudsche Pijpen 1942.
7. Laansma,S. Pijpmakers en pijpmerken .1 977
8 . DÜco,D. Goedewaagen inventaris. 1978
9 . DÜco,D.H. Merken van Goudse pij penmakers. 1982.

38

WIENER KAFFEEHAUS PI JPEN.

door Fred Tymstra.

In het midden van de vorige eeuw hadden de Weense koffiehui-
zen een bijzonder kenmerk . Behalve voor een kop koffie en het
biljartspel kwam men in deze gel egenheden voor een goed ge-
sprek. Er werd vaak over politiek,economi e en filosofie ged is-
cusieerd, zodat ook beroemde personen de koffiehuizen bezoch-
ten.In deze entour age was het roken van een pijp vanzelfspre-
kend een waar genot .
In Wenen stond aan de Seilergasse het ' Zilveren Koffiehui s '.
Daar werden aan gasten die roken wilden pijpen geserveerd.( !)
Inplaats van pijpen met stenen koppen, zoals in de Balkanlan-
den gebruikelijk, kregen de bezoeker s een meerschuimpi jp aan-
gere ikt .De pijpen, die in dit artikel beschreven zullen wor-
den, zijn stellig van latere datum. I n HÖhr- Grenzhausen wordt
algemeen beweerd, dat de pijpen aan het einde van de vorige
eeuw voor het eerst in omloop kwamen.Ook pijpencatalogi onder-
s t eunen deze opvatting.De stenen pijp met de hoge ketel uit de
Balkanlanden heeft waarschi jnl ij k model gestaan voor de latere
Kaffeehauspi_i-p , een pijp met plezierige e i genschappen voor de
roker.

Kenmer ken van de kaffeehauspijp .
De pijp,met de schoo rsteenvormige ketel is gemaakt van witte
poreuse pijpaard e. De steel is van weichselhout en het mond-
stuk van hoorn. Bij de latere pijpen komen ook kunst s tof mond-
stukken voor. Dikwij l s is langs de steel een kl eurig koordje
aangebracht a l s versiering . De kwastjes zijn gemaakt van herte-
haar. Aangezien de steel stevig en van goede kwaliteit was,
ging deze langer mee dan de stenen kop. De gan gbar e v e r pakking
bestond uit een kartonnen doosj e waarin 6 koppen en 1 steel
verpakt waren . (2) Op de doos stond de inhoud weergegeven:

SECHS STUCK WIENER KAFFEEHAUS- TONKOPFE 7

mit weichselrohr

Diese köpfe sind aus fei ns tem~hochporösem Ton hergeste ZZt
und saugen Feuchtigkeit auf. Dadurch wird ein angenehmes~

1 gesundes Rauchen erzielt .

Het grote voordeel van deze pijp is dat ze volledi g droog
rookt. He t vrijgekomen vocht wordt doo r de poreu ze kl e i opge-

39

nomen en de dubbele bodem (zie
doorsnede) voorkwam dat de ta-
bak nat werd.Verder was de pijp
geschikt voor grof-,middel- of
fijngesneden tabak die tot het
laatste draadje opgerookt kon
worden.Door de dubbele bodem
en de lange houten steel komt
de rook afgekoeld in de mond .
Daardoor was de pijp uitermate
geschikt voor nicotine gevoe-
lige en nerveuze rokers, die
tijdens het roken van een gewo-
ne pijp nogal eens op hun tong
beten. (3)
Is de pijpekop met de schade-
lijke en vochtige stoffen vol-
gezogen,dan werd eenvoudig een
andere kop gemonteerd . Men had
er immers zes . Daardoor kon
ook het reinigen van de kop,
met de vervelende bijkomende
verschijnselen achterwege blijven.De pijp stond bekend als
een gezondheidspijp.

De fabricage.

Uit de tot nog toe bekende kaffeehauspijpen kan men afleiden
dat ze in hoofdzaak in Unter-Westerwald vervaardigd moeten
zijn, met name in de plaatsen HÖhr/Grenzhausen,Hilge rt en
Baumbach.
De grondstof, de witte pijpaarde,wèrd in de nabijheid van eer-
der genoemde plaatsen gedolven. Deze klei bezit weinig of geen
verontreiniging en is vrij gemakkelijk pl astisch te maken.
In ijz er en of koperen mallen werden de pijpen geperst. De oud-
s t e mallen wa ren handvormen,geschikt voor de traditionele pijJr
makersbankschroef. Later werden machinevormen van gehard staal
gebruikt.Door middel van een hefboom met contra-gewicht en ge-
l eiders voor de twee stoppers werden de koppen vervaardigd.
Voor deze handmachine hoeft de klei niet te worden voorgerold.
Dunne kleistaven worden met behul p van een staaldraad in ge-
li jke stukken verdeeld . De grootte van één stukje wordt proef-
ondervindelijk vastgesteld, waardoor he t moge lij k is om de
juiste hoeveelheid klei voor l pijp te krijgen .
Het grote voordeel is, dat er weinig k leiafval ontstaat.

40

.i:--

A

0

00

IJ ZEREN VORM (linker helft)
A.stopper voor de kopqpen ing
B. stopper voor de halsopening

Is de piJp aangedroogd,afgesneden en bijgewerkt, dan wordt de
bodem doorgeprikt, om de verbinding van de ketelruimte met de
ruimte in de hal s tot stand te doen komen. Hiervoor gebruikt
men een zelf gemaakt gereedschapje, bestaande uit twee korte
dikke stukken staaldraad ,gevat in een houten handvat of, in-
dien niet voorradig, in een stukje boomtak.
Na het bakken werden de koppen om en om tussen houtwol, later
vervangen door schuimplastic, in de kartonnen dozen verpakt.

Fabrieken en handelsondernemingen

Omstreeks 1900 werkten er alleen al in Hilgert zo'n 40 zelf-
standige pijpmakers. (4) Als werkplaats diende dikwijls een
naast de woning gelegen schuur . De meeste pijpmakers werkten
voor fabrikanten of handelsondernemingen tegen een zeer laag
loon. Werd aan een pijpmaker een opdracht gegund, dan werd de
vorm er bij geleverd . Na voltooiing van de opdracht ging de
vorm terug naar de fabrikant of handelaar. He t kwam voor, dat
bij een vervolgopdracht de vorm aan een andere pijpmaker werd
verstrekt . Daardoor is het onmogelij k om na te gaan in welke
werkplaats(en) bepaalde modellen gemaakt zijn.
Hieronder volgt een opsomming van fabrieken en handelsonder-
nemingen, die in dit artikel genoemd worden i.v.m . de verkoop
van de kaffeehauspijpen. (5)

Müllenbach en Thewald i n HöhI' . (1830- 1970)
Fabriek van kleipijpen en houten pijpen.
Eigenaar van kleigroeven . Een rijke firma die
veel exporteerde naar Afrika en Amerika.

J . Schilz- Müllenbach in HöhI'. (1889- 1953)
Fabriek van kleipijpen en houten pijpen.
Handel in rokersbenodigdheden. Een kleinere
firma als M & T.

Julius WingendeI' &Co in HöhI' . (1796- na 1940)

Fabriek van kleipijpen,houten pijpen en flui-
ten van klei. Een grote fabriek met veel ex-
port. De ze fabriek had de mooiste vormen.

Wilhelm KlaueI' (& Söhne) in Bawnbach. (1863-
heden). Fabriek van kleipijpen,kruiken en
wets tenen. Wilhelm droeg de bijnaam ' Pfeifen-
kÖnig ' .Tegenwoordig een kl eine fabriek van
aardewerk en koekpijpjes .

Joh . Spang ~n Ransbach (le helft 20e eeuw) Kleipijpenfabriek .

42

43

Gebrüder Müllenbach in Höhr . (?- 1924)Fabriek van kleipijpen
en houten pijpen. Middelgrote firma.

Theodor Tries in Bawnbach. (?- 19?9) Fabriek van bloempotten
en kleiartikelen. Vóór 1940 werden ook kleipijpen gemaakt.

Eugen und Ottmar Gerhard in Höhr . (1913- ?) Groothandel i n klei-
piJpen en houten pijpen.

Theodor Lmrrp in Höhr . (1921- 19?5) Groothandel in pij -
pen en artikelen van klei. De f irma had vroeger een
compagnon, de heer W.Mannebach.Het handel smerk LAMA
is ontstaan door de eerste 2 letters van beide ach-
namen samen te voegen . (6)

W.A . Simonis in Hilgert.Zelfstandig pijpmaker.Werkte tot het
begin van de jaren tachtig.

Pau? Hein &Sohn in Hilgert.Maakt r ook- en koekpijpjes en

koekoeksfluiten van klei.

Modellen

Kaffeehauspijpen zijn er in verschillende maten . Naast witte
pijpen komen ook zwarte voor. Op de langgerekte ketel staan
6 vlakken die a ll e van een gravering zijn voorzien . Op de zij -
kanten van de hals zijn dikwijls initialen aangegeven. Dat
schep t de mogelijkheid om na te gaan wie de eigenaar van de
vorm was.

afb . 1: Op de linker en rechterzijde staan kegels,een biljart-
keu met ballen en een wapen met adelaar afgebeeld . Op
de twee voorzijden staan danseressen, zwaaiend met een
grote veer,afgebeeld.Er onder bevindt zich een wapen .
De twee achterzijden zijn getooid met fraaie wijnkannen.

linker- /rechte rzijde bijzonderheden

CAFE / blanco o.a . gemaakt door Klauer in Baumbach.
waarschijnl ijk Johannes Spang,Ransbach .
CAFE / J.S.R. J.Schilz-MÜl l enbach in HÖhr.

CAFE / J . S. M. MÜl l enbach en Thewald in HÖhr.

CAFE / M&T GebrÜder MÜllenbach in HÖhr.
HOHR
Firma Ernst August Waldeck in Alsfeld.
CAFE / GM Deze firma in hoornartikelen heeft waar-
HOHR schijnlijk de pijp in opdracht in het
Westerwald laten maken .
ALSFELD / A.E.W.

44

45

l inker- /rechterzijde bijzonderheden

CAFE / P . J . K. naam onbekend,waarschijnlijk is de
pijp in opdracht gemaakt .
H

afb. 2: Alle zijden zijn versierd met bl adranken en bloemmotie-
ven .

CAFE / LAMA firma Lamp in HÖhr.
CAFE / blanco firma Lamp in HÖhr, en Theodor Tries
in Baumbach.
blanco/blanco Julius Wingender in Hohr,en Theodor
Tries in Baumbach.

afb . 3 : Op de linker- en rechterzijde staan bloemranken , op de
overi ge zijden een regelmatig lijnenspel.

LAMA/ blanco firma Lamp in HÖhr, o . a . gemaak t door
de firma Hein in Hilgert.
I. W. & • C. / HOHR Ju lius Wingender in Hohr.
E.&. 0 . G. / HOHR Eugen und Ottmar Gerhard in HÖhr.

afb.4: Al le zijden hebben regelmatige s tippellijnen.

M & T/ GERMANY MÜllenbach en Thewald in HÖhr, o.a. ge-
maakt door W. A.Simonis i n Hil gert

afb . 5 : Op alle zijd en en de hals staan bloemmotieven. Deze
- - - pijp komt ook in het zwart voor .

J . S.M. / HOHR J . Schilz-MÜll enbach in Hohr.Deze pijp
met de geknikte hals behoort t ot de
grootste .

afb . 6 : Op de l inker- en r ech terzijde bloemranke n. De overi ge
4 zijden zijn versi erd met s tippellij nen . De pijp komt
ook in het zwart voor. Verder is er een ver sie waarvan
de bovenkant van de ketel een flink stuk is ingekort ,
om op deze manier een kleiner model te verkrijgen.

LAMA/ firmamerk firma Lamµ in HÖhr, o . a. gemaakt door
J.Schilz-Mullenbac h in HÖhr en de firma
Hein in Hil gert.

afb . 7: Alle z ijd en zijn versierd met schelpmo ti even

J .S . M./ HOHR J . Schi l z- MÜllenbach in HÖhr .
niet afgebeeld is een pijp die zich be-
vindt in het Keramikmuseum in HÖhr/Grenz-
hausen. Inplaats van schelpmotieven
heeft de pijp uitstekende punten.

46

afb.8: Op de linkerzijde een biljartkeu met ballen,kegelspel
en een ruit uit het kaartspel.Op de rechterzijde in-
plaats van een ruit een klaver.Op de 2 voorzijden be-
vinden zich schelpmotieven met een hart en een schop.
Op de achterzijden staan schelpmotieven met wijnroemers.

LAMA/ firmamerk firma Lamp in Hohr, o . a .gemaakt door de
firma Hein in Hilgert .

De kaffeehauspijpen me t LAMA gemerkt zijn het re censt . Dez.e
zijn nu nog te krijgen (afb.6,8 en het model van afb.3)
De andere pijpen zijn van vóór 1940 .

Noten.

1. Frank,Joachim A./ Brongers,G.A. Pij penbrevier 1973. b l z.238
2. Tymstra,Fred, Katalogus Stenen pijpen 1978 .
3. Firma Lamp, reklamekaart over kaffeehau s pijpen .
4. Daum,Fritz, Die Hilgerter Pfeifenmacher , een artikel uit

een tijdschrift van 1910.
5. Briefwisseling met de heer Martin KÜgler uit HÖhr/Gren z-

hausen , die zo vriendelijk was het begin- en eindjaartal
van de diverse fabrieken na te trekken. 1984.
6. Intervieuw met mevr.Marga Metternich, dochter van Theodor
Lamp.1980.
Verdere bronnen :
Hendrickx,P. De pijp door de eeuwen heen,Ons Heem 1963.
BÖse,Georg. Im Blauen Dunst, 1957 blz.78 e.v.
Luft,Werner. Rauchringe. 1961 blz 82.
Catalogus firma Klauer van vóór 1914.

LITTERATUUR.

Cauwe,R.Geschiedenis van de tabak in de Leies treek. Verschenen
in De Leiegouw,jaargang 25,afl.3-4, 1983 .

Jaarboek nr.2 De vrienden van het tabaksmuseum , Wervik
Diverse bijdragen,waaronder de museuminventaris. 1983 /1984.

Wentscher,JÜrgen. Springendes Pferd auf der Pfeife . Ver s chenen
in Das Rheini sche Landesmuseum Bonn . 5/ 83 .

De redactie ontvangt graag bericht over nieuw
verschenen litteratuur.

47

7e JAARGANG DECEMBER, 1984

Van de redactie . . ... .

JAARLIJKSE PIJPENDAG TE UTRECHT.

Allereerst gaat onze hartelijke dank uit naar de heren van het
Universiteitsmuseum, die aan de P.K.N. een prachtige ruimte
ter beschikking hadden gesteld. De ruim 60 aanwezigen hebben
deze middag kunnen genieten van een door Jos Engelen goed op-
gezette causerie over de pijpmakers in de beide Limburgen.
Dia's en een fraaie expositie pijpen en gereedschap uit de
collectie van de familie Bergmans illustreerden de voordracht.
Ferry Kneefel kampte met een paar zoekgeraakte films, waardoor
zijn film over Givet en het zelf maken van pijpen niet geheel
uit de verf kwam . Het gebodene smaakte duidelijk naar meer, en
hij beloofde ons dat we het (indien de films terechtkomen)
voor een volgende keer te goed houden.
Piet Smiesing en Hans Brinkerink hadden 2 vitrines smaakvol
ingericht met produkten uit een late vuilnisbelt. Door de op-
stelling kreeg de bezoeker een goed beeld van de voorwerpen
die bij opgravingen aangetroffen werden.
Namens allen willen we iedereen bedanken die zich hebben in-
gespannen om deze dag te doen slagen. In zijn inleiding be-
nadrukte Jos Engelen het vorige door te zeggen: alleen als
alle leden, voor zover mogelijk, een bijdrage leveren d .m.v.
copy, reclame,hulp bij organiseren eet .kan de P.K.N. in de toe-
komst uitgebouwd worden. En daar zijn wij het roerend mee eens !

P . K.N.MONOGRAFIE .

Al lang speelde bij de redactie het idee om naast het blad an-
dere uitgaven te doen uitkomen. Alles kwam in een stroomver-
snelling toen Jos Engelen ons aanbood een monografie te schrij-
ven n.a.v. zijn lezing.In het boek over pijpmakers in de beide
Limburgen worden eerdere artikelen uit de P.K.N. verwerkt,aan-
gevuld met nieuwe gegevens. Het rijk geïllustreerde werk zal
+ 75 blz. bevatten en wordt gedrukt in klein offset op A4 for-
maat . Afhankelijk van de intekening en interesse wordt de opla-
ge vastgesteld.De uitgave zal dus snel uitverkocht zijn . De
prijs zal+ f 15,- bedragen, waarop P.K.N.leden korting genie-
ten.De datü"m van uitgifte zal medio 1985 zijn.Wilt u verzekerd
zijn van een exemplaar, dan wordt u verzocht bijgaand inteken-
formulier tijdig te sturen naar: F . Tymstra, Zilvermeeuwplant-
soen 21, 1131 MG Volendam . Wij houden u dan op de hoogte.

49

VROUWE FORTUNA OF HET FORTUIN .

door P.K. Smies ing

Pijpjes voorz ien van de bee ltenis van het fortuin moeten,
gezien het grote aant al bodemvondsten, razend populair ge-
wees t zijn. Blijkbaar werd er door de ach ttiende eeuwse r oker
aan de betekenis van dit symbool veel waarde gehech t .
In hun werk " De Uithangt eekens "geven de auteur s van Lennep
en ter Gouw de volgende aardige beschrijving van dit zinne-
bee ld:" ' t Was overal gewild, in de s tad al s op ' t land, op
de hoofdgr achten en in de gangetjes der achterbuurt, en 't
komt dus op uithangborden en gevels t eenen , overal voor .
't Fortuin wordt afgeóeeld als een naakte vrouw, staande op
een rad van avontuur, terwijl ze een wimpel boven he t hoofd
slingert; soms heeft ze vleugeltjes a an de voeten.
Dat het f ortuin naakt wordt voorges teld, bewij s t, dat het
ni et gemakke lijk te vangen is. Wie gekleed is kan men bij de
slippen grijpen.He t rad van avontuur duidt de wisselvallig-
heid van ' t Fortuin aan . Op veel afbeeldingen wordt dit r ad
vervangen door een bol, d ie op de go l ven dobbert; . . . ..
Ook de wimpel, die den slui er, waar Fortuna bij de ouden meê
vertoond werd, heeft vervangen , schijnt te doel en op de zee-
vaart, hier, voor de meesten, middelijk of onmiddelijk, een
bron van welvaart" . ( 1)
De bekende t1 van Dale" wee t nog te melden : t1 Het r ad der
f ortuin of r ad van avontuur duid t op de wisselva lligheden van
het l even, nu eens vooruit dan weer ach teruit".

Het Fortuin a ls pijpmerk.

He t fortuin komt als merk voor op de h iel of op de linkerkant
van de ke t el , net boven de hiel . (afb. 1 en 2). Verder treffen
we het fortuin in vele variaties op pijpekoppen aan.
Het merk werd in 1675 in Gouda i ngeschreven. (2) In 1734 doe t
J an Ba lbian voor het Goudse pijpmakersgilde zijn proef en
verkrijgt het merk. (3)
In de lijst van 1730 verschijnt Paschier Fortuyn als nieuwe
eigenaar. Ar y Fortuijn noudt dit merk tot oms treeks 1759 in
de famil i e.(3) Zij kozen dus h et f ortuin al s symbool voor hun
familienaam!
Voor dit soort familienamen hebben de auteurs van Lennep en
ter Gouw ( 1) de volgende verkl aring: De famili enaam werd vaak
ontleend aan de naam van het huis waarin de f amilie vanouds
woonde . Het hui s werd weer genoemd naar het uithangbord.
Na het verkrijgen van het merk het fortuin wa s voor de famili e

50

afbeelding 1

afbeelding 2

Fortuijn de kring weer rond .Een aardig voorbeeld van een sym-
bolische weergave van een naam van een pijpenmaker in het
pijpmerk vond ik in het PKN-nummer van december 1979.(4)
In de vraagbaak werd een pijpekop afgebeeld met het merk PVP
en een waterput. Het merk PVP was van de pijpenmaker Pieter
van der Putten uit Gouda .
Na van vele eigenaren gewisseld te hebben gaat het merk 't
fortuin naar de laatste eigenaar Jan Prince en Cie. Dit ge-
beurde in 1893, na ruim twee eeuwen trouwe dienst.(2)
Veel pijpenmakers buiten 'Holland' grepen de populariteit van
vrouwe Fortuna aan door haar op hun pijpen af te beelden.
Dit was mogelijk, omdat Goudse merken in andere provincies
geen bescherming genoten. De algehele bescherming kwam pas
in 1791. (5)
Op afbeelding 3 zien we het fortuin als versiering van de he-
le linkerzijde van de ketel. Op de rechterzijde van de in
Utrecht gevonden pijpekop zien we een versiering van een acht-
bladige roos, waarvan de blaadjes ook weer uit roosjes bestaan.
De pijp van afbeelding 4 draagt links het fortuin als merk,

51


Click to View FlipBook Version