The words you are searching are inside this book. To get more targeted content, please make full-text search by clicking here.

PKN 1988 t/m 1993, jaargangen 11 t/m 15, searchable

Discover the best professional documents and content resources in AnyFlip Document Base.
Search
Published by Stichting PKN, 2019-03-25 18:15:13

PKN Jrg 11 t/m 15

PKN 1988 t/m 1993, jaargangen 11 t/m 15, searchable

l le JAARGANG NR . 41 JUNI , 1988

INHO UD 2
6
NIEUWE LITERATUUR 7
BEDEVAARTPIJPEN VAN EN UIT HET RI JNLAND 5 9
AANVULLING OP SCHERPENHEUVEL 1I
AANVULLING OP KEVELAER 16
BEDEVAARTPIJPEN 6 (SLOT)
OPMERKELI JKE BEDEVAARTSPIJPENVORM UI T MAASTRICHT 22
STADSWAPENS ALS BI J.MERK
VERBONDENHEID ORANJE - ENGELS KONINGSHUIS 24
JUBILEUMBOEK
VARIA 24

NIEUWE LITERATUUR

- Historie clay tobacco pipe studies, vol . 3 . Ed . by J . Byron
Sudbury . Dit boek gaat voornamelijk over in Amerika opgegra-
ven pijpen . Kosten $ 13 . 75 incl . verzenden . Te bestellen bij :
J . Byron Sudbury , P.O . Box 2282 , Ponca City , OK 74602, USA .

- Clay pipe res earch, vol . 1 by R. and P.Jackson . Dit boek za l
nog dit jaar ver schijnen . De voorint ekenprijs i s ES. Te be-
ste llen bij : The Society for Clay Pipe Res earch, 13 Sonrrner-
ville Ro ad, Bishopston , Bristol BS7 9AD , England .

- The Archeology of the Clay tobacco pi pe , X, Scotland . Ed . by
Peter Davey . I SBN 08 60544915 . Prijs E20 . Te best ellen door
het bedrag over te maken op giro rek . 2938154 of bankrek.nr.
9 1006924 at Midland Bank Ltd., Summertown, Oxford , England .

De cheques moeten geadr es seerd zijn aan BAR , 5 Centr emead,

Osney Mead , Oxford OX2 ODQ, England .

- Vr ienden van het tabaksmuseum Wervik
Jaarboek 6, 1988
met o. a . artikelen over snuiftabak en snuifraspen.
Inlichtingen over wi jze van bestellen : Tabaksmuseum Wervik
(Zi e ook WERVIK~ CENTRUM VAN DE VLAAMSE TABAKSTEELT
PK.N jg. 10 nr . 37)

BEDEVAARTSPIJPEN VAN EN UIT HET RIJNLAND 5

door Jos Engelen en Ferrie Kompie r

Neviges-Hardenberg

In Neviges , ook wel genoemd het Duitse Lourdes, wordt sedert

1681 Maria Immaculata, d.i . Maria Onbevlekte Ontvangenis, ver-

eerd.

s,p,,r~;,wr,0;•f:'f"""'".',:·•,-,,7ff>1W;:ETT{f.ffJ1itîR- Bt.l}i&?lfff:~ Deze Mar ia- afbee 1d i ng , ei-
-,u,( f'" i L
· ·rt,tir'-t .n1n1,M ~n. r"•',i n ·L*4 ,!-,.;- 1 · 1 r :,,f.f,m•:;• t·.·. -·-·.-:..:".' genliJ. k een klein prentJ· e ,

,_,,.,

'.<-- :~~ ;-;_ -~--i{~l;~,;;.:-:.;•-~·-~•:. 0:'.~~·::::,,_--2· · · ;; ~s tegenwoordig aan~ebr~cht

· .' <r,.,J-{1,-·,;:, . ',• .. · ·/ .- · in een 4 m hoge Mar1azu1.l,
•' .-: ' -i"-•

~ ~ ) ,;,
-~,"-l'\. _ _~\ ,·ii(!. . 1,:J.::-:·~r~;-·· -~ t:f. .-:•ii;:'I.
+ ~ 1w -t<-~ •-=.. ,': in een zeer modern gebouwde
1'_ ,, , · ,._ -1.( __ .,· _-
.:1/}/~Z;,i;,. ..~. •~~i:~,E~'>j ;
i ~: 1; 1~~, . 'f · '· , • 1,- " ,., .,,,. N •
'~~~d:c!:j!~n:::g·~ kerk (1968) te Neviges eer-

. v!~h:~;:~rs-

., te afbeeldingen te zijn van

t t~;_:;,-;-~ / ' ,., · ·;,,, . · ~-, ·i /f O. L. Vrouw als de Onbevlekte

:;:~~: Î'IÎ ~~/ -, ·\ · ' ,- '1:!:i Ontvangenis. In ~ ul i I 68 I

,/;;;;:;:..:-,:; ~ 1/'?/· {~· j.;}~'$[:'1.1{ nb rach t t een franciska ner mon-
ik d i prentje mee, en toen
-t;,,,..- - · :. ~>~.·.·.. ::;.

,>~~lt]·· ··<,,. ,>• i- .i,,_Y:;:!!\ in oktober van datzelfde
jaar Ferdinand de vorstbis-

L/üt schop van Paderborn en Mun-

Ati11 ster bij deze Maria-afbeel-
J@ ding kwam danken voor zijn
ii-:.-, -i;
een zware ziek-
genez ing van

)1 te, kwamen in zijn voetspo-

;j ren grote scharen gelovigen

::;i hier ook Maria vereren, tot

•••••••M••••~•••·~,i,,~ op ~andaag t oe.
Maria is hier voorgesteld op
de halve maan in een stra-

K oni11 i;i11 1-011 d e Vred e Il' ffl! n /e11herg lenkrans, de slang vertrap-

I Hisdu111 K e1111!11 ) W e1·r-D11 i rs/(//u/ pend, een beeld ontleend aan

het bijbelboek Openbaring:

' En er verscheen een groot t eken aan de hemel : een Vrouw" be-

kle2á met de zon~ de maan onder haar voeten en op haar hoofd

een -:a-,oon van t waalf sterren .' (Apokalyps 12~1)

Dezel f d e afbeelding treffen wij aan op de h i erna getoonde p1.Jp
van wit te klei, crème gel akt, uit een driedelige vorm. Op de
beide zijkanten in een omlijsting een bebladerde tak met bloem
en op de s teel aan de linkerkant de tekst: HARDENBERG .
De hoo gte van de kop bedraagt 4 cm en de steellengte 10,7 cm,

2

2 J 4 ') ( VY)

HAXDENBERG

inclusief het knopmondstuk, waarvan de uiteinden resten bevat-
ten van een zwartkleurig mondstuk . De maker van de pij p is de
bekende firma Wilhelm Klauer u. SÖhne in Baurnbach.
(Coll. F.Tymstra)

Een meegebracht devotiepr entje
uit de dertiger Jaren

3

Remagen
Bij Remagen in het Rijnland ligt Apol linarisberg, oorspronke-
lijk een benedictijnenklooster, vanaf de 12e eeuw een bede-
vaartsplaats, toen volgens de legende het hoofd van de heiige
Apollinaris van Ravenna naar Remagen werd overgebracht. Hij
was rond het jaar 200 de eerste bisschop van Ravenna en marte-
laar.
Vooral in de periode vanaf 23 juli tot in augustus komen de
pelgrims de relikwie vereren en de heilige aanroepen als hel-
per tegen hoofdkwalen en vallende ziekte.
De tegenwoordige kerk werd gebouwd in 1839 en deze treffen wij
aan op de pijp uit de catalogus van J .Schilz- MÜllenbach uit
HÖhr .

'6 52

Kirche Apolinaris für Remagen

_ _ _ _ _ _ _ _ _J) 14 cm

Een nog duidelijker afbeelding van kerk en heilige toont ons
een pijp van Wilhelm Klauer u. SÖhne in Baumbach uit een twee-
delige vorm. Wit, rondbodem. Hoogte van de kop 4 cm, steel-
lengte met knopmondstuk 13 cm. (Coll. F .Tymstra)

ST.APOL llNARJS 1 2. .3 4 5 (.,1-v,

flANDAENNKEN ~ - --=ID

RE':MAGEN

4

Trier

Nevenstaande prent toont
de afbeelding van de
heilige~ met het at tri-
buut de bijl~ boven de
Matthiaskerk~ die in de
12e eeuw gebouw_d werd

In Trier wordt de H. Matthias vereerd, sinds keizerin Helena
de relikwieën, het gebeente van de apostel,naar Trier liet
overbrengen. Matthias was een van de tweeënzeventig leerlingen
die steeds met de apostelen omgegaan had en na Jezus' hemel-
vaart onder de apostelen werd opgenomen om de plaats in te ne-
men van de apostel Judas Iscariot , die zijn Meester verraden
had . Over zijn verder leven lopen de berichten uiteen. Hij zou
in Ethiopië gepredikt hebben en daar gemarteld zijn. Volgens
een andere overlevering zou hij in Judea gepredikt hebben en
daar gestenigd zijn. Dit komt niet overeen met de bijl, waar-
mee hij altijd afgebeeld wordt omdat hij onthoofd zou zijn.
De ontdekking van zijn gebeente moet in 1127 geplaatst worden.
Dat jaar geldt als start van de bedev_aarten, die ~eestal door
de Matthiasbroederschappen geleid werden.

5

M43 Mathiaskirc.~e Trier

16 cm

M

AN DE-N K E: N
AN t-(!:INE

PIL~ t:R. FAHRf
N.A.Cf-1 TRI ER

12 3 5 C,-vi

Bovenstaande beide pijpen laten duidelijk het vooraanzicht van
de Matthiaskerk zien. De eerste komt wederom uit de catalogus
van J.Schilz-MÜlle~bach in HÖhr, en de tweede is afgebeeld in

N. Augustin~ Monografieën over kleipijpen~ nr. 8 Pijpen uit
het WesteI'lJJal d.

BRONNEN

De Katholieke Encyclopedie, N.V. Uitgeversmij Joost v.d. Von-
del, Amsterdam 1937

Dr. Dieter Pesch, Wallfahrt in Rheinland, 1981

Aanvulling op Scherpenheuvel (PKN jg.10 ·nr. 39)

Ruud Stam uit Leiderdorp bezit een bruinrood g.eglazuurd stenen
sigarettepijpje, waarop in reliëf SOUVENIR MONTAIGU, en boven-
dien voorzien van een kijkglaasje. Het is een eenvoudig recht

model van ca. 7,5 cm. (Zie vooy, kijkglaasjes PKN jg. 1 nr. 4)

6

Aanvulling op Kevelaer (PKJJ j g . 10~ nr. 38 )

In het Niederrheinisches Museum fÜr Volkskunde und Kulturge-
schichte te• Kevelaer bevinden zich nog de volgende devotiepij-
pen:

Afb.1: Witte klei met resten van bruine verf, vooral op de

knorren. De afbeelding is die van O.L.Vrouw van Luxemburg met
kapel en kerk uit diezelfde stad en dus niet uit Kevelaer,want
er staan twee torens op, terwijl Kevelaer maar één toren kan
laten zien. Deze 'fout' is ook te onderkennen in de afb.4f,g,h
van PKN 38 blz. 37 en afb.5 dito blz. 38 en terug te voeren op
het oorspronkelijke prentje van Kevelaer, dat immers O.L.Vrouw
van Luxemburg voorstelt. Hierop is rechts in de afbeelding de
kapel van Luxemburg te zien met de twee torens. De maker van
deze 51,5 rrnn hoge pijp is onbekend, maar Westerwaldse produk-
tie uit het midden van de 19e eeuw mag wel verondersteld wor-
den.

Afb.2: Geel gelakt en gevernist een pijp van witte pijpaarde

met op de voorzijde een gekleurd plakplaatje met de beeltenis
van O.L.Vrouw van Kevelaer. (Reg.nr. K70/306) Maker en fabri-
cageplaats onbekend.

afb. 1

' . __. .l . ... - . 1....- . ·- . - · ·- - .!. .. . · - .....l

0 2. ..3 4 S C. rri

afb. 2

7

Aan de al genoemde rechte en gebogen modellen met op de steel
Z.ANDENKEN AN KEVELAER (PKN 38 blz. 34 afb. 2a/b en 2h/i, en
blz. 36 afb. 3a/b) kunnen nog de volgende variaties toegevoegd
worden:
gebogen model:-geel gelakt zonder bloem aan de zijkanten

-bruin, imitatiehout, gelakt zonder bloem aan de
zijkanten

recht model:-geel gelakte uitvoering met een afwijkend
bloemmotief op de zijkant

-geel geglazuurd met een afwijkend bloemmotief
op de zijkant

BRONNEN

Kevelaer
Gelobt seist Du, Maria - Uitgave Burkhard Schwering van het
Freilichtmuseum, Hauptstra~e 18 te Kevelaer, met o.a. afbeel-
dingen en beschrijving van de in het museum tentoongestelde
p1Jpen.

Roerrnond
Maria's Heer lijkheid in Nederland VI, J.A.F. Kranenburg.
F.H.J.Bekker, Amsterdam 1909

Onze Lieve Vrouw in't Zand, Legende, Historie,Verering. Paters
Redemptoristen. Zr. Liesbeth Oostendorp. Druk: Ars Offset 1977

Kapel in't Zand. P.Heijnen en A.Schouten. Roermond 1983

Sittard
Maria's Heerlijkheid in Nederland VI, J.A.F.Kronenburg.
F.H.J.Bekker, Amsterdam 1909

Kurze Chronik von Sittard. B.A. Pothast; 1891

Hoe het groeide. Aartsbroederschap van O.L.Vrouw van het
H. Hart, 1983

Sittard, Historie en Gestalte. Alberts Drukkerijen, Sittard
1971

Moresnet en Scherpenheuvel

Maria's Heerlijkheid in Nederland VIII , J.A.F. Kronenburg
F.H.J. Bekker, Amsterdam 1911

Wallfahrt im Rhe.inland. Dr. Dieter Pesch. Rheinland Verlag
G.M.B.H. KÖln 1981

(wordt vervolgd)

8

BEDEVAARTSPIJPEN 6 (SLOT)

door Jos Enge1en en Fe rri e Kompi er

Onze serie over bedevaartspijpen die met zekerheid gekoppeld
kunnen worden aan een bepaalde plaats, willen we besluiten
met een tweetal "losse" onderwerpen. Allereerst een driedelige
geelkoperen pijpenvormen vervolgens een voorwerp, dat hoewel
geen pijp zijnde toch nauw betrekking had op bedevaarten en
pijpaarde.

Buiten beschouwing willen wij hier laten pijpen met bijbelse

voorstell~ngen als koning David of Job op de mesthoop en pij-

pen met afbeeldingen van heiligen waarvan de band met een be-
devaartsplaats (nog?) niet vaststaat, maar die zeker een ver-
volgstudie verdienen. Er zijn innners pijpen bekend met o.a. de

volgende afbeeldingen: Saint-Antoine (Gambier 824), Sint-Eloi
(Wingender;Gambier 181),Christus (Wingender 132;Gambier 800)~

A

-M30UAA -f3 H3)1
MAA •••
• • •I

0 1 2 3 4 5 cm

-\. -

/ / /1

C

Omtrek buitenvorm: hoogte 8,5 cm
breedte 5,6 cm (AB)
18,7 cm (AC)
d•ikte 5, 3 cm

binnenvorm: hoogte 3,7 cm

breedte 3,0 cm

opening 2,6 cm

steeldikte 6,5-10,5 mm

lengte steel vanaf

de hiel 12,7 cm

9

Sint-Leonard (Wingender 91), Sint-Martinus (Klauer), Sint- Ni-
colaas (Wingender), Sint-Rochus (Wingender 137), Saint-Simeon
(Ga.mbier 189), Saint-Hélène (?) (Ga.mbier 850) en Saint-Hubert
(Gambier 1249 t/m 1254), met de aantekening dat er van diverse

heitigen relaties zijn te leggen met pl aatsen waar Z1J worden
vereerd.
De driedelige geelkoperen vorm, afgebeeld op de vorige blad-

zijde, komt uit de inventaris van Trwrrm-Bergmans uit Weert en

toont ons de H.Quirinus, die we al in combinatie met Neuss ten

tonele hebben gevoerd . (P]{]'J nr. 40, b l z. 86 e . v . )

De tekst AANDENKEN AAN PIETERSRADE lijkt simpel op te lossen,

maar naspeuringen zowel in België als in Nederland hebben nog
niet uitgewezen waar we Pietersrade moeten localiseren.(Sint
Pietersrode in België bij Aarschot ï ) Misschien dat een van on-
ze lezers de oplossing kan aandra gen . De vorm zelf is in per-
fecte staat, sluit uitstekend en vertoont praktisch geen slij -
tage.

Het hieronder afgebeelde voorwerp laat een andere relatie zien
tussen de pijpenwereld en het bedevaartsgebeuren. Het betreft

hier de zogenoemde Achhörner (Aachener Hörner ) , uit witte

pij paarde gebakken kleine blaashoorns , die de pelgrims bij
zich droegen en bliezen tijdens de toning van de relieken van-
af de galerij in Aken gedurende de Heiligdomsvaart aldaar .
Mooie exemplaren zijn te zien in het Provinciaal Museum in Den
Bosch en in het Töpfereimuseum in Langerwehe (Dld . ) , dat een
bezoek zonder meer waard is om de zeer aanschouwelijke wijze

waarop het kleidelven wordt getoond .

Achhorn of Aachener Horn

10

EEN OPMERKELIJKE BEDEVAARTSPIJPENVORM UIT MAASTRICHT

door Jos Engelen

Bij het schoonmaken van vormen van de firma Trumm-Bergmans uit
Weert kwamen we toevallig een ijzeren tweedelige vorm tegen,
die volledig zat dichtgeroest. Bankschroef, hamer en beitel
kwamen eraan te pas om hem open te krijgen. Het resultaat ziet
u, na grondige reiniging,hierbij afgebeeld.

Bekijken we de afbeeldingen en opschriften dan vallen deze 1n
vier categorieën uiteen:

Ade afbeelding van de H. Servatius
B de afbeelding van de kerk, de St.-Servaas in Maastricht
C de tekst HERINNERING HEILIGDOMSVAART 1888
D de teksten op de steel L.STEINEBACH en MAASTRICHT

MA

Van de H.Servatius is niet veel met zekerheid bekend. Een Gal-
lische bisschop Sarbatios of Servatius wordt tegen 346 na Chr.
door St.-Athanasius genoemd in verband met de synode van Sar-
dica (343 na Chr.). Hij is dezelfde persoon als Servatius, de
bisschop der Tongeren. In de Merovingische periode deelt de

H.Gregorius van Tours (*ca 538-t593 of 594) in zijn Geschiede-
nis der Franken ons mee, dat Servatius niet in Tongeren is be-

graven, maar in Maastricht in 384, nadat hij een jaar tevoren
daar zijn bisschopszetel heen verplaatst had. Volgens z1Jn
verlangen werd hij begraven langs de openbare weg, de oude Ro-
meinse heirbaan die naar de brug over de Maas voerde, bij de
kapel, die daar door de H.Maternus gebouwd was.
Bisschop Monulphus l iet kort na 594 het lichaam overbrengen
naar een nieuwe,grotere kerk, toegewijd aan Sint-Petrus. Het

Martyrion , waarin de heilige werd bijgezet, is waarschijnlijk

identiek aan de huidige grafkelder van de Sint-Servaaskerk.
De afbeelding in de vorm toont ons , net zoals op de volgende
bladzijde afgebeelde in Maastricht geslagen munten (1312-1383)
de H.Servatius in vol ornaat als bisschop met mijter, kromstaf
en s leutel, hem volgens de legende door St.-Petrus ze lf gege-
ven tijdens een bezoek aan Rome.

Ad B

De oude St.-Petruskerk in Maastricht, waarvan St.-Servatius de
tweede patroonheilige was geworden, werd op 10 aug. 1039 omge-
doopt tot Sint-Servaaskerk ter gelegenheid van de vernieuwing ,
van het heiligdom~ dat boven de grafkelder. werd opgetrokken.
Het was een driebeukige, vlakgedekte pijlerbasiliek, die werd

1l

Afmetingen

0 \ ,__ pijp : H 50" 8 m

· X,., B 31~0 m

~ 0 25" 0 m

~ S tussen

0 \ L steel
C, L tekst
- -" - -
X.

~~ H i OIAT2AAM

- - - -- - -- - -.

~

v'vo. r~modoigkt et e 4; 5 cm Z 3;,.. ,·..:,.,,
9
. · . , 7" cm ---- 0

1· .v. breedte

• ;IB" 2 - 21., .1

cm

drvie ·
sluiipennen

mm
mm
mm (buitenzijde)

n 11 en 5(7) mm

14 cm vanaf het midden van de kop
2" 5 cm op 8" 5 cm vanaf knopmondstuk

@)

~

. HJ A83l-1l 3 Tl .J N

--------- 0~

,-

In Maastricht ges l agen
munten ( 1312- 1383)

uitgebreid met een transept, waarna in 117 0 een begin werd ge-
maakt met de vervanging van het koor naar Romaans voorbeeld .
De nieuwbouw kreeg een fraaie ap s is me t dwerggalerij en een
tweetal flanktorens . Rond 1180/ 1190 werd d e westbouw toege -
voegd en in het tweede kwart van de 13e eeuw de kloostergebou-
wen en het Bergportaal met de oudste scul pturale afbeelding
van Sint-Servatius . De pijpenvorm toont ons de Sint-Ser vaas ,
gezien vanaf het Vrijthof . Duidelijk her kennen wij links de
twee flanktorens met dwerggalerij . Opmerke lijk is de hoogste
torenspi~$ . Deze laat On$ nog de barokke situatie zien van
voor 1795 . De torenbekroning werd op het einde van de 19e eeuw
rond 1895 door bouwmeester Cuypers vervangen door een ne.ogoti-

13

het
van

sche spits , die in 19 55 door brand werd verwoest .

Ad C

De naam HEILIGDOMSVAART is ontstaan door contaminatie van Hei-
ligdomskermis en Roomsche Vaart (RÖmerfahrt) . Reeds in 1183
dicht Henric van Veldeke :

Doen aldus die roemsche vaert
op Sinte Servaes gheleyt waert!

Een Heiligdomsvaart wordt gekenmerkt door drie dingen :
1. een openbare toning der relieken (Os tensio of Monst ratio)
2. een buitengewone aflaat met kwijtschelding van ker kelijke

straff en (Pardon)
3. een genadejaar dat met vaste regelmaat terugkeert : om de 3-

5-7- 25-33- 50 of 100 jaar (Turnus)

Een dergeli jke heiligdomsv aart i s dan ook een erkende bede-

vaart naar een openbar e t oning van r eli eken ( ' heiligdommen ')

t . g . v. een met vaste r egelmaat terugkerend genadejaar, met het
doel buit engewone geestelijke gunsten voor de gemeenschap en
voor afzonderlijke personen te verwerven .

14

Deze toning vanaf de dwerggalerij vindt in Maastri cht s inds
139 1 om de zeven jaar plaats . In 1874 werd de toning in een
nie uwe vorm gego ten en geb eurde vanaf dat moment in de kerk .
Als relieken van St . - Ser vatius worden getoond : drinkbeker en
kelk , borstkr uis , sleutel, pelgrimsstok , bisschopsstaf , borst-
beeld bevat tende het hoofd , en de Noodkist beva ttende het ge-
beente van de heili ge.
De pi jpenvorm wil een herinn er ing in stand houden aan de Hei-
ligdomsvaart van 1888 .

Ad D

De naam Steinebach komen we a ls pijpenmaker al tegen i n Venlo ,

waar in 18 15 Peter Steinebach in dienst van Lenssen werkt e .
Hij was afkomstig uit HÖhr . Ook de Maaseiker pijpenindustri e
t elt leden van dez e naam. I n 1835 treffen we in Luik een Jean-
Pierre Steinbach aan, geboren in HÖhr in 1802 . Een zekere Jan-
Pieter Steinbach , geboren in HÖhr i n 1794 komt in 1853 vanuit
Givet-Maastr i cht naar Bree en vertrekt in 1854 naar Luik.
I n de nijverheid ss tati st ieken wordt er in 1874 in Maastricht
als e i genaar v an een pijpenfabriek C. H. Stei nba ch genoemd , ter-
wijl een pi jpenfabriek a l daar ook al in 1863- 1864 word t aange-
geven .
Hoe komt nu een vor m van L. St einebach terecht in de voorraad
vor men van Trurnm- Bergmans in Weert?
Het ant woord i s te vinden in een teruggevonden correspondent ie
van Trumm- Ber gmans , d . d . 2 nov . 1905 aan de Heer P . St e ineba ch
fr. te Maastricht . De redactie hiervan geven wij gezien het
belang ervan onverkort weer :

Mij n he e r~

In antwoord op Uwe kaar t van 21 Oc t . delen wi j Ued.
mede~ dat we voor den verkoop onzer pijpen i n Maas-
t richt t en deele gebonden zijn . Zoals U wel zult
wet en~ had Uw Papa na overgave der fabr iek van ons
voor Maastricht den alleenverkoop . Toen Uw Papa
door andere dr ukke bezigheden genoodzaakt was deze
zaak van de hand te doen heeft hij alles aan den
Heer J . Fransen- Linsen~ Corversplein no 2 overge-
daan en zijn daardoor alle r echten op genoemden
Heer Fr ansen over gegaan .
Be l eef d ver zoeken wij Ued deze zaak eens met Uw Pa-
pa t e willen bespr eken en ons z~Jne meni ng te wi l -
len mededelen.

15

STADSWAPENS ALS BIJMERK

door Lodewijk van Duuren

Een bijmerk is een merkteken dat in combinatie met het merk
van de pijpmaker of fabrikant op de pijp wordt aangebracht.
Het bijmerk wordt met behulp van een slagstempel in de pijp-
vorm geslagen, slechts bij hielloze pijpen van kort na 1740
lijkt het met de hand gestempeld . (5). Het is meestal op de
zijkant van de hiel van de pijp aangebracht. Zijn voornaamste
functie is het weergeven van de herkomst van de pijp. Meestal
zijn het de wapens van de steden waar de pijpen gemaakt zijn,
die het bijmerk vormen.
Het bekendste en oudste bijmerk is het wapen van de stad Gouda
(fig. la,b): "van keel (rood), beladen met eenen pal van zil-
ver, en verzeld, ter wederzijde van 3 zespuntige sterren van
goud, staande in den zin van den pal; .... en onder hetzelfde
oude motto: PER ASPERA AD ASTRA" (16).
Het ontstaan van dit bijmerk wordt beschreven door De Lange

van Wijngaarden: "In het jaar 1739 hadden de Staten van Hol-
land en Westvriesland aan de Goudsche pijpenfabrijken een oc-
troy verleend" om het stadswapen op hunne pijpen te mogen zet-
ten" met bepaling" om op de beste of porseleine pijpen maar
aan de eene zijde van den steel der pijp het wapen te plaatsen
en aan de mindere of slechter soorten aan iedere zijde van den
s t eel een dergelijk wapen der stad te zetten met een S boven
ieder wapen om alzoo het onderscheid tusschen beste en slech-
t ere soorten daarmede kennelijk te maken; met verbod aan alle
pijpmakers in Holland en Westvriesland" buiten de stad Gouda"
dit wapen op hunne pijpen te stellen op eene boete van zeshon-
derd gulden" hetwelk nader door eene stedelijke afkondiging
der magistraat in het jaar 1?40 werd bekend gemaakt" welk ver-
bod door gemelde staten nog op gelijke boete in het jaar 1791
is vernieuwd geworden" omdat men in het dorp Alphen pijpen met
het Goudsche wapen en merken der voornaamste Goudsche fabri -
keurs namaakte." (12) ~

Het bijmerk moet dus voorkomen, dat produkten van buiten Gouda
als Goudse worden verkocht en het was tevens een aanduiding
van de kwaliteit van de pijp. De goede kwaliteit pijpen hebben
aan één zijde een wapen zonder S, de mindere kwaliteit aan
beide zijden een wapen met een S erboven (S = Slechte).
De verdeling over linker- en rechterzijde van de hiel van ovo-
ide pijpen uit mijn collectie is te zien in tabel 1: 17% heeft
geen enkel bijmerk, 22% alleen een wapen zonder S aan de lin-
kerzijde en 46% aan beide zijden een wapen met een S, de ove-
rige -combinaties komen in veel kleinere aantallen voor.

16

linkerzijde rechterzijde voorkomen
hiel hiel

46%
22%

+

17%
+

9%

2%

+
2%

I%
+

+ 0%

+ 0%

totaal 10 0 %

Tabel l Voorkomen van het Goudse wapen op linker - en rech-
terzijde van de hi e l in procenten.

De Sen het tweede wapen werden waarschijnlijk pas in de vorm
geslagen als deze door veelvuldig gebruik slechter werd en
produkten van mindere kwaliteit ging afleveren. (4) .
Vanaf ongeveer 1840 verdwijnt het gebruik van een S boven het
schild als aanduiding voor de mindere soort pijpen .
In de 19e eeuw gaan ook in steden buiten Gouda pijpmakers er-
toe over om het wapen van hun stad op de zijde(n) van de hiel

te plaatsen . In een stuk uit deze eeuw van het regelement op

17

het stuk der merken komt dit in artikel IV duidelijk naar vo-

ren: "Op alle pijpen" merkpapieren" manden" vaten of kisten in
het vorig artikel bedoeld zal" behalve het aangenomen merk van
den fabrikant het wapen van de stad of plaats alwaar de fabri-
ken gevestigd zijn moeten en geenszins dat eener andere stad
of plaats mogen uitgedrukt worden ." (14).

De steden of plaatsen waarvan het wapen als bijmerk bekend is,

zijn Gouda, Utrecht, Kampen, 's-Hertogenbosch , Aarlanderveen

en Maaseik (zie figuur 1) .

000a b C 0

~d e

\Ä:j D ITD
Jk
gh l 1

m Il 0 pq r

Figuur Stadswapens als bijmerk

Utrecht fig. l c

Daniël Versluijs zet naast z i Jn hielmerk DVS, op de zij de van
de hiel het wapen van Utrecht. Het zijn geglaasde ovoÏ de p ij-
pen uit het eind van de 18e eeuw. (17).

Kampen fig. 1d

Pijpen gemaakt door H.G.Frier ichs en J.F.Steinman (2)(13) heb-
ben als bijmerk het sterk vers imp elde wapen van Kampen, da t
uit drie torens bestaat. Het bijmerk is gevonden op een grote
ovoÏde p i jp in Groningen met als hielmerk Kn, dat zeer waar-
schijnlijk een a f korting is van de naam Kamp en . Door de sterke
ver s imp eling lijkt het wapen sterk op het wapen van Gouda met
zijn drie banen.

18

's-Hertogenbosch fig. Ie

De pijpmakers Leonidas Eras en Johannes Norbertus Coolen doen
in 1810 een verzoek aan de burgemeester van 's-Hertogenbosch
om het wapen van die stad · op hun produkten te mogen zetten.(?)
De pijpen van deze pijpmakerfs) zijn inderdaad in veel g~val- :
len voorzien van de boom uit het Bossche wapen. (1)(8).

Aarlanderveen en Alphen fig. lf

Het wapen van Aarlanderveen, een doodskop met daaronder twee
gekruisde zwaarden, komt voor op pijpen die gevonden zijn in
Alphen aan de Rijn met de merken 'achtpuntige ster', 'ge-
.kroonde AV' , 'gekroonde AS ' en de 'gekroonde 16' _•· Er zijn zo-
wel pijpen gevonden met dit bijmerk op een wapenschild als
zonder wapenschild.
Het wapen van Alphen, een achtpuntige ster, is niet als bij-
merk bekend, tenminste niet als een ster op een wapenschild .
Wel wordt door een aantal pijpmakers van Alphen in een verzoek
aan de Gouverneur van Zuid-Holland gesproken over het gebruik
van het wapen van Alphen, maar het is echter niet duidelijk of
dat ook betrekking heeft op het bijmerk. (14).

Maaseik fig . lg,h

In Maaseik wordt ook het wapen van de stad op de zijkant van
de hiel aangebracht, namelijk een eikel, zowel met als zonder
blaadjes aan de steel van de eikel. Weduwe J.F . Ritzen geeft
in een opgave van 1825 van de in Maaseik gezette merken het
volgende op: "volgnummer van één tot honderd met de Eikel (het
stadswapen)" (6).

Holland
J.C.Wagenaar,schrijver van "Hedendaagsche historie of tegen-
woordige staat van alle volkeren> 1?46", zegt onder andere het
volgende : "doordien de Regering van Gouda> voor eenige jaaren>
gewillekeurd heeft> dat de pijpen van 't maaksel dier stad>ten
minsten zulken> die niet van de gemeenste soort zijn> moeten
bestempeld zijn met het Goudsche wapen> terzijde het merk van
den pijpmaker. Aan de anderen vindt men sedert mede wel een
wapen> naamlijk da t van Holland; doch dit dient alleen ten be-
wijze dat zij voor Hollandsche pijpen gehouden 1.Jorden."

Tot op heden zijn nog geen pijpen aangetroffen met het wapen
van Holland: een klimmende leeuw, in zijn rechterhand een
zwaard en in zijn linker een pijlenbundel.

Onbekende wapens fig. Ii,j,p,q,r

Van enkele wapens zoals de gekroonde drie schijven (10), een
op een kroon gelijkende figuur (9), een wapen met een dwars-
balk en een wapen bestaande uit drie kepers verenigd door een

19

paal (5) i s de herkomst (nog) onbekend . Het is mogelijk, dat
het wapen met de kroon(?), gevonden in Venlo , afkomstig is
uit het Wester wald , waar pijpen gevonden zijn met sterk gelij-
kende bijmerken met het hielmerk BWB (11).
Een bijzonder bijmerk is het vraagteken op een wapenschil d . Om-
dat het vraagteken als heraldisch fi guur ni et bekend is•, be-
treft het hier zeer waarschijnlijk een fantasiewapen . (fi g . lp)

Verva lsingen

In veel s t eden buiten Gouda werden Goudsche piJpen nagemaakt
door op deze pijpen Goudse merken, de namen van Goudse pij pma-
kers en het Goudse wapen al s bijmerk te plaatsen. Er zij n o .a .
pijpen bekend ui t HÖhr-Grenzhausen (11) , St . Orner ( 18), Maaseik
(6) , ' s-Hertogenbosch (i) en Alphen aan de Rijn ( 14) ,die voor-
z ien zijn van he t Goud se wapen .
In e en a antal gevallen ging men echter subtieler te werk door
het aanbrengen van een bijmerk, dat een oppervlakkige gelijke-
nis vertoonde met het Goudse wapen . Op deze manier ontdook men
de bepal ingen met betrekking tot het bijmerk . Deze wapens be-
stonden uit een simpel schild of uit een schild met alleen
drie banen (beide kunnen natuurl ij k ook het gevolg zijn van
slijtage van de vorm) , of de zes sterren van he t wapen van
Gouda waren vervangen door zes was s ende manen , zes andreas-
kruisen (fig. 1m,n) , vier stippen of acht stippen (5) .
In de pijpenstort van Philip Hoogenboom in Alphen zijn pijpen
gevonden , waarbij over de middelste baan van het wapen van
Gouda drie stippen zijn aangebracht . Zo te zien zi j n deze drie
s tippen achteraf in de vorm geslagen en niet tegelijk met het
wapen (fig . io). Dit soort misb rui k heeft men met nieuwe re-

gels trachten te voorkomen . Vanaf 1791 is het verb oden "op de
kop of de steel van de pi j pen of eenig gedeelte derselven hoe
ook genaamd" het wapen der stad Gouda" of ook enige sterre-
t j es" bloemen" of stippen of i ets dergelijks eenigsints naar
het wapen der s t ad Gouda geli jkende of da t voorbeeldende" nog
ook de naam der stad Gouda.," te mogen plaatsen of te doen

p1aa t sen . ( 15) .

Andere merktekens

In plaats van het wapen of naast het wapen worden ook op de
zijde van de hiel stip(pen) , kring(en), maan , ster, letter(s)
of een cijfer aangebracht .
De letters zijn vergelijkbaar met een gewoon merk, omdat zij
waarschijnlijk de initialen van de pijpmaker zijn, maar de o-

verige merktekens worden aangeduid als vormmerken . Vormmerken

zijn in de vorm aangebracht om gedurend e of na het produktie-
proces te kunnen vaststellen uit welke vorm een pijp afkomstig

20

is. Het gebruik van cijfers als vorrnmerk is bekend van Neder-
landse, Belgische en Franse pijpen (5)(3)(18).

Tot besluit

Het nauwkeurig bekijken van ·het bijmerk op de piJp levert veel
interessante details op. Daarom zou ik het bestuderen van uw
eigen collectie op dit aspect van harte willen aanbevelen. Van
nieuwe vondsten op dit gebied wil ik graag op de hoogte ge-
steld worden.

Theo Thijssenhove 25
2726 KE · Zoetermeer
Literatuur

.1 J.P.Brinkerink (1983) Het is niet allemaal Gouds wat er
l•

blinkt! P.K.N. 6(21), p. 15-22.

2. A.Carmiggelt (1984) Sprokkelhout uit vier IJsselsteden

P.K.N. 7(27), p.54-59.

3. Catalogus. Fabrique de pipes en terre de belgique et de

Hollande de vve. Blanc-Garin à Givet Andenne. Herdruk Pij-

penkabinet, Leiden.

4. D.H.Duco (1982) Merken van Goudse pijpmakers 1660-1940,

Loc.hem.

5. D.H.Duco (1987) De Nederlandse kleipijp. Pijpenkabinet,

Leiden.

6. J.Eiigelen (1986) "Wij vinden hier pijpen, waer is den toe-

back... ?" R.A.M. rapport 2. Maaseik.

7. Th.P.J. van Herwijnen (1985) Leonardus Eras van 1810 tot

1864 pijpenfabrikant te 's-Hertog~nbosch, 's-Hertogenbosch

8. J.L.F. van den Hurk & E.Nijhof (1983) De Bossche pijpenin-

dustrie en haar producten. P.K.N. 6(23), p.60-67.

9. F.F.Kompier (1982) Vraagbaak... P.K.N. 5(17), p.9.

10. M.Koolen (1982) Tabakspijpjes 1600-1900 pijpvondsten uit

Grave, Velp en Escharen. Stichting "Graaft Voort", Grave.

ll. M.KÜgler (1987) Tonpfeifen. Hanusch & Ecker, HÖhr-Grenz-

hausen.

12. C.J. de Lange van Wijngaarden (1817) Geschiedenis en be-

schrijving der stad van der Goude. Gebroeders van Cleef,

Amsterdam & Den Haag.

13. J. van der Meulen (1985) Pijpmakers en hun merken in de

eerste helft van de 19e eeuw. P.K.N. 8(30), p. 34-47.

14. J. van der Meulen (1986) De "Gouwenaars" van Alphen aan

den Rijn. Alphen aan den Rijn.

15. Publicatie van de Staaten van Holland, tot maintien van de

pijpenmakers te Gouda, in het genot van de aan deselve

verleende Octroyen. Den 19 mei 1791.

21

16. K. Sierksma ( 1962) De gemeentewapens van Nederland . Prisma,
Utrecht .

1ï. P.K. Smiesing (1981) De Utrechtse pijpenindustrie in de

Lauwerecht. P.K.N. 4(14) , p . 27-39 .
18 . F . Tijmstra ( 198 1) De pijpenstad St.Omer . P . K.N . 4( 14) ,

p . 43- 48 .

VERBONDENHEID ORANJE - ENGELS KONINGSHUIS

door Cees Faas

Heeft in het vorige nummer (PKN nr. 40, pag . 89) de relatie
Wil lem III en de Zeeuwen aandacht gekregen , nu wil ik het heb-
ben over de verbondenhei d van Oranje met het Engelse konings-
huis .
Ongeveer 45 jaar na de dood van stadhouder-koning Willem III -
hij stierf in 1702 en dat leidde tot het tweede stadhouderloos
bestuur - moet de volgende pijp gemaakt zijn.

foto 1 foto 2
22

Een beetje geschiedenis

Het tweede stadhouder loos- t ijdperk was een tijd van achteruit-
gang. Al was dat vooral een achteruitgang van de kracht ige on-
dernemingsgeest, die de 17e eeuw gekenmerkt had. Er was een
zware staatsschuld, begonnen al tijdens het bestuur van stad-
houder- koning Willem III, die zich door zijn besognes in Enge-
land weinig gelegen had laten liggen aan de toestanden in Hol-
land.

In dit t i jdvak kwam "het onkruid der familieregering tot volle
wasdom. " (I)

De regenten hadden niet veel met Oranje op. Geld uitgeven voor
de verdediging van het land had dan ook niet hun hoogste prio-
riteit. Toen in 1740 de Oostenrijkse successie- oorlog uitbrak
om de souvereiniteit over de zuidelijke Nederlanden, bleek
Holland dan ook niet opgewassen tegen Frankrijk, waarmee het
automatisch in oorlog kwam . De Fransen bezetten in 1747 op hun
weg naar het noorden Staats-Vlaanderen en kort daarop ook nog
Maastricht.
In Zeeland brak een revolutie uit, die daar de stadhouder van
Friesland, Willem Karel Hendrik Friso (Willem IV 1747- 1751),
aan het bewind bracht. Zo gingen . ook Holland en de andere ge-
westen om. En, om zowel een eind te maken aan de oorlog als
aan de familieregering gaven de burgers de prins meer macht
dan de stadhouders vóór hem ooit gehad hadden.
De oorlog ging vanzelf over, toen Rusland dreigde zich bij
Oostenrijk aan te sluiten, waardoor Frankrijk wat vredelieven-
der werd. In 1748 werd in Aken de vrede gesloten .
Helaas zou al gauw blijken, dat Willem IV niet de Hercules- fi-
guur was als nodig om de Augiasstal van de familie-regering te
reinig~n. Maar daarvan was in die eerste paar jaren van het
stadhouderlijk bestuur de maker van de onderhavige pijp zich
waarschijnlijk niet bewust. Willem IV was op 25 maart 1734 ge-
huwd met Anna van Hannover, de oudste dochter van George II
van Engeland. Reden genoeg dus om een pijp te wijden aan. de
verbondenheid van (Oranje- )Holland met Engeland . In de ver-
wachtingsvolle dagen van 1747 dus. Want al gauw bleek Willem
IV niet erg genegen een eind te maken aan de misstanden. De
verlichte burgerij keerde zich dan ook al snel van hem af, te-
meer omdat de stadhouder beschouwd werd als de bondgenoot van
Engeland, dat zich in de ogen van de teleurgestelde democraten
kwalijk gedragen had tegenover Holland . Allengs begon zich een

partij de vormen die zich patriots noemde. Alleen het gewone

volk bleef Oranje nog trouw.

23

Foto 1
Midden op de voorzijde staat de bloeiende Tudorroos . Uit de
s teel-vormnaad ontspringen nog vier kleinere rozen.

Fo to 2
Aan weerszijden : een staande gekroonde leeuw, met in ziJn bo-
venste voorpoot een Oranjeappel, waaraan twee bladeren . De on-

ders t e voor poot leunt tegen de Tudorroos . Direct boven de o-

ranjeappel bevindt z\ch een roos, waarvan de steel ontspringt
aan de Tudorroos op de mi dden- voor zijde . Vgl. afb . 925 in het

boek Kleipijpen van W. Kr ommenhoek en A. Vrij. Op de achter-

zijde staat een vier bladige r oos .

De hoogte van de ketel i s 47 mm . Op de hiel staat zowe l links
als rechts het Goudse bijmerk met de . S. Het hielmerk van deze
kromkop is 1VD.

NOOT

l Handboek bi j het onderwijs i n geschiedenis op Lagere School
en M.U.L.O . 2e deel. Fr. Vict. Claassen , Tilburg , 1937

JUBILEUMBOEK

In de maand sep tember komt het JUBILEUMBOEK u it waar naar velen
uitzien, omdat het een mijlpaal ~n ook een mooie kroon is op
het werk van de afgelopen 10 jaar . In ons volgend nummer vindt
u de informatie om het t e kunnen bes tellen .

VARIA

Eerst leer d ' ik Rollen uit papier,
Nu kan ik Rollen by het vier,
Wanneerwe van de Rollen rooken,
Dan wort van Rol len veel gesprooken,
En die myn Rollen haat of laakt,
' k Wensch dat zyn Hooft op Rollen raakt~
Men moet dog in de werelt Rollen,
Tot dat wy Rollen by de Mollen .

Deze tekst was te lezen "Op de Toebaksbriefjes van een Comedi-
speelder t ' Amsterdam, toen hy Toebakverkoper geworden was . "
Uit : Koddige en ernstige opschriften op Luyffen s , wagens, gla-
zen , uithangborden en andere t aferelen. T' AMSTERDAM . Gedrukt
by Jeroen Jeroense 17 19.

(Met dank aan de heer S. Pos, die ons dit toe4ond)

24

lle JAARGANG NR. 42 SEPTEMBER, 1988

INHOUD ' 25
INTERNATIONALE VERZAMELAARSMARKT TE UTRECHT 26
INVENTARISATIE VAN NAMEN OP PIJPESTELEN
30
Opschriften Nederlandse pijpenmakers
Opschriften Duitse pijpenmakers 32
Opschriften Belgische en Franse pijpenmakers
Korte en lange Izabe 33
WATERPIJPEN VAN GOEDEWAAGEN
NIEUWE LITERATUUR 35
HET BELANG VAN GESLOTEN VONDSTCOMPLEXEN VOOR DE DATERING 36
VAN KLEIPIJPEN 42
UI TNODIGINGEN
Ruilbeurs Geraardsbergen 43
Smoking Pipe Conference 47
PIJPENDAG IN WEERT 47
JUBILEUMUITGAVE 10 JAAR P . K. N. 47

48
48

INTERNATIONALE VERZAMELAARSBEURS TE UTRECHT

Voor het 7e jaar wordt deze jaar markt gehouden.De beursdagen
zijn zaterdag 19 en zondag 20 november a . s.
Toegangsprijs !8, - per per soon. Geopend van 10- 17 uur.
Op deze verzamelaarsjaarmarkt staan ook leden van de P.K.N. met
hun àubbelmateriaal . Wilt u de tafelnunnners weten , belt u dan
één week van tevoren met F . Tyms tra .
U kunt ook een tafel of kraam hur en om uw dubbelmateriaal van
de hand te doen. Een tafel (300x75 cm) kost inclus i ef twee toe-
gangsbewijzen !115, - voor 2 dagen. Een kraam van 400xl25 cm
kost !265, -. Telefoon : 030- 955662 t.a.v. mevrouw Jacobs .
Wij ver zoeken iedereen die een tafel of kraam huurt De Pijpelo-
gische K:Ping als vereniging op te geven. De P.K. N. ontvangt per
tafel _flO, - voor de verenigingskas. Het vorig jaar hebben wiJ
daardoor !80,- ontvangen, waar voor onze hartelijke dank .

KOMT ALLEN OP DE JUBILEUMPIJPENDAG TE WEERT op 29 oktober a . s.!

25

INVENTARISATIE VAN NAMEN OP PIJPESTELEN

(Aanvulling van PKlJ nr . 28)

door Lodewijk van Duur en

GEEN PIJPESTEEL WAARD ?

De uitdrukking: Het i s geen pijpesteel waard betekent volgens

het woordenboek: niets waard . Voor de meeste pijpenverzame-
laars hebben pij pestelen voorzien van versiering of opschri f t
echter wel waarde . Dankzij een aantal reacties van hen op de
eerste inventar i satie van namen op stelen (4) kan hieraan een
groot aantal namen toegevoegd worden . Uit dit grote aantal
toevoegingen blijkt, dat het eerste over zicht nog verre van
volledig is en dat ook nu van een afsluiting nog geen sprake
kan zijn.
Van pijpen uit Duitsland, België en Frankrijk (zie tabellen 3
en 4) zijn nu ook stelen opgenomen , die tot nu toe a lleen
buiten Nederland zijn gevonden , en wel omdat deze pijpen in
Neder landse collect i es aanwezig kunnen zijn of nog in onze va-
derl andse bodem gevonden kunnen worden .
De nu volgende aanvulling op de eerste inventarisatie levert
niet zoveel nieuwe inzichten op. Naas t pi jpenmakers zouden ook
pijpenhandelaren zoals Jac. Broeland , Dirk Entvogel, George
Moses, Simon Plaat en de V.O .C.-kooplieden Frans en Jacob van
de Ve lde, F.EN .I. VAN/DEVELDE (1) , hun naam op de steel laten
stempelen .
Verder werd nog eens extra bevestigd, dat buiten Gouda velen
misbruik hebben gemaakt van namen van Goudse pijpenmakers en/
of de plaatsnaam Gouda, door deze namen op de stel en van hun
pijpen te plaatsen. Dit gebeurde zowel door het overnemen van
de· l etterlijke naam als door een verbastering van de naam Gou-
da (OIBA, GUODA en GAUDA) of de pijpenmakersnaam.
Niet alle typen opschriften zijn in de tabellen verwerkt, zo-
al s reclameteksten, politieke leuzen, algemene gezegden , her-
denkingsteksten etc. Het lijkt mij beter deze afzonderlijk te
publiceren , t ezamen met afbee ldingen en teksten op pijpekop-
pen.

LITERATUUR

Anoniem. Officiël e vakopleiding voor de tabaksdetailhandel.
Les 6. Stichting vakexamens kleinhandel tabak. ' s- Gravenha-
ge.
2 N. Augustin (1973) Pijpen van klei gemaakt t e Andenne en An-

26

denelle, België eind 18e tot midden 20e eeuw. Monografieën
over pijpen Nr. 1.
3 D.H.Duco (1987) De Nederlandse kleipijp. Pijpenkabinet,Lei-
den.
4 L. van Duuren (1985 ) Voorlopige inventarisatie van p1Jpma-

k ersnamen en andere opschriften op k leipijpstelen.

PKN j rg. 7, nr. 28 , pag. 74-96.
5 J.P.A. M.Engelen ( 1985) Afstammelingen van Westerwaldse

pijpmakers i n beide Limburgen en pijpenfabriek Trumm-Berg-
mans te Weert. Pijpelogische Kring Nederland.
6 M.Koolen ( 1985) Tabakspijpjes 1600-1900 pijpvondsten uit
Grave, Velp en Escharen. Stichting "Graaft voort", Grave.
7 W.Krommenhoek & A.Vrij (z.j.) Kleipijpen, drie eeuwen Ne-
derlandse kleipijpen in foto's. WEVO, Amstelveen.
8 M.KÜgler ( 1985) 18e eeuwse Westerwaldse kleipijpen gevonden
in Grenzhausen. PKN jrg. 8, nr. 29, pag. 14-24.
9 M.KÜgler (1987) Tonpfeifen. Hanusch & Ecker, HÖhr-Grenzhau-
sen.
10 J.van der Meulen (1985) Pijpmakers en hun merken in de eer-
ste helft van de 19e eeuw. PKN jrg. 8, nr. 30, pag. 34-47.
11 M.A.Pfeiffer (1983) Clay tobacco pipes from Hudson's Bay
Company's bellevue farm, San Juan Island. Washington.
B.A.R. International Series 175, p. 161-183.
12 F.Tymstra (1986) Bordollo-pijpen uit Grunstadt. PKN jrg. 9,
nr. 33, pag. 13-18.
13 M.Vroomans (1985) Aanvullingen vorige artikelen.PKN Jrg. 8,
nr. 29, pag. 12- 13.

TOELICHTING BIJ TABEL 1,2,3 en 4.

1 volgnummer
2 opschrift /betekent: nieuwe regel

() gereconstrueerde l etters

3 pijpenmakersnaam
4 collectie/ literatuur

De nunnners hebben betrekking op de nummers in de litera~

tuurlijst hierboven, de letters hebben betrekking op col-
lecties:

H = H.Hummel Du= D.H.Duco
Ha= J. de Haan
D = L. van Duuren
S = P.Smiesing
J = M.Janssen
T = F.Tymstra

5 not en

Deze zijn per tabel genumme rd. Zie volgende bladzijde.

27

6 type opschrift

Indeli~g volgens de eerste inventar isati e :

1 = intaglio- vlak, twee teksten gescheiden door raderingen,

loodrecht op de steel .

2 = intaglio- diep, geen ver siering, loodrecht op de steel.

3 = reliëf, opschrift in kaders, evenwijdig aan de steel,

versiering in banden.

4 = intaglio- vlak, opschrift loodrecht.

5 = i ntaglio-vlak, opschr ift evenwijdig.

6 = intaglio-diep, opschrift loodrecht.

7 = intaglio- diep, opschrift evenwijdig.

8 = reliëf, opschrift loodracht.

9 = reliëf, opschrift evenwijdig.

? gilde (en eventueel merk)
X = gilde van Gouda
G = gilde van Grenzhausen
H = gilde van HÖhr

NOTEN

Tabel 1

1 Op de steel achter de naam is een zevenstippige roos ge-
plaatst.

2 VD - ligatuur
3 De naam wordt niet 1n samenhang met het merk 1n de gilde-

boeken genoemd.
4 LICHTIVS is mogelijk een latinisering van DE LICHT.

Tabel 2

1 N in dit opschrift niet 1n spiegelbeeld .

Tabel 3

1 Vermoedelijk Duits produkt.
2 Wilhelm en Bernhard Bordollo.
3 In plaats van nr. 16 tabel 3 eerste inventarisatie (4).
4 N in spiegelbeeld.
5 In plaats van nr. 34 tabel 3 eerste inventarisatie (4).
6 Sen C in spiegelbeeld.
7 Vergelijk nr. 152 tabel I eerste inventarisatie (4) .
8 Uit Uslar zijn enkele pijpenmakers bekend (9).
9 J.H.Isern wil in 1721 in Hildesheim een oven bouwen. Hij

heeft daar tot 1737 gewerkt en is voor 1748 gestorven (9).

28

.. o:o:a.@Il~Jl,IT~-,.,.
11@~-Il~~~

0 1PoI?.Il=IT~W~~ oon 1r0 ~©00ITIP~o

oITI?f1@@11D@~

afb. 1

29

TABEL 1 OPSCHRIFTEN VAN NEDERLANDSE PIJPENMAKERS

12 J 4567

I /DERAARDE Jacobus v.d. Aerde H ) X

2 ARI( )EN/ GOUDA Arie <lanen? H JX

3 I.V.BAALEN / BYENKORF Jan van Baalen s 9X

4 I.V. BANK / Joost Verbanck s IX

5 (IA)N.V .BEEK / IN.GOUDA Jan van Beek Du x gekr. 27

6 V:D:BERG Van der Berg HX

7 .BLOET. / Joost Bloed TX
8 ISAKX BLO Ysack Blom
s 1 x de burg

9 HEND:BOS / INGOUDA Hendrik Bos H 1X

10 (P)OULUS BOS/ Paulus Bos H 1X

11 C:BOUMAN/INGOUDA Cornelis Bouman H 1X
12 :M:BREM/INGOUDA Machiel Brem
s JX

13 DBRVIN De Bruin DX
14 BUIN
Beun of Bruin? s

15 :L.BUIS/GOUDA ... Leendert Buis s X
!.George Burckly
16 I:GEORGE/BURCKLY T

17 G CARLIER/INGOUDA Gerardt Carlier H X
18 I.V.DUS/INGOUDA X
Jan of Joris v.d.Dus s

19 B.ELINGH Benjamin Eling Du x gekr. 99

20 E.VAN GENT Gz/

KORTE IZABE Engel van Gent s 9X
21 INGOUDA/I.GIRREBO Jan Girrebo
s 1X

22 G. GLAS/INGOUDA Gerrit Glas 13 9 x gekr. RT

23 P.GOEDEAAGEN & ZOON/

GOUDA Pieter Goedewaagen 5 X

24 T: HA ( )/ Thomas Rage? H )X

25 M:HEER( )/INGOUDA Maarten Heerkes 6 3X

26 W:V:D:H()D/INGOUDA Wiggert v.d. Heyde? H 4X
27· M:HOOF1/GOUDA
Mans h o o f t s JX

28 GILLIS/IONKER Gillis Jonker T 1X

29 G:V:D:K/INGOUDA Gijsbert v.d.Kint

of Gerrit v.d. Karre H JX

30 A:V: KEULEN/INGOUDA (H)armanus van Keulen H JX

31 IAC:VD:KIST Jacob v.d. Kist H2 1X

32 IN.GOUDA/I.V.D.KIST Jac. of Jan v .d.Kist S 1X

33 B.KLARIS Boudewijn Klaris T )X

34 .. !.KOOL/GOUDA Jacob Kool S 1X

35 M.DE.LA(NGE)/ Martinus de Lange Du 1 x gekr . B

36 WILLIAM./.LEETH William Leeth 79

37 C.V .LEEWEN/INGOUDA Cornelis van Leeuwen 13 )X

38 (I.)V.LEEUWE/ Jan van Leeuwen S 3 1 x_ IVB

39 LICHTIVS/ ANNO 1632 Per de Licht? Ha 4 9

40 I :M:M( ) Jacobus Mandemaker of

Jacob Middelmeer H X

41 MARIE/INGOUDA Maria Verzijl of Marte 6 1X

42 :W. MEURX/ :IN: GOUDA Wi l lem Meurs 13 5 X

43 I:D:MOL/ I. de Mol HX

44 I:DE:MOL/I:DE:MOL I. de Mol HX
J an Monk HX
45 I:MONK/

46 GEORGE/MOSES George Moses 3

30

47 I NIEVELD/INGOUDA J an Nieveld 6 1X
48 INGOUDA/NIEVELD 5X
49 (N)IEVEL . IN/GOUDA Jan Nieveld 6
50 G. NO ( ) / 5X
51 W.V . NOPPE Jan Nieveld 6
52 IAN . PRI NCE & Cie / X
Gillis of Gerrit Nobel?H Li X
KORTE IZABE
Willem van Noppe D 9X

J an Prince & Compagnie D 9X

53 JAN . PPNCE & Co / Jan Prince & Compagnon Ha X
KORTE ISABE X
X
54 (P).P . HAMER/ . INGOUDA Pieter Proefhamer T
Lieve van Pijl 9X
55 . L. V. PYL/INGOUD Gerrit J orlgerheld? s
56 G: I:RE(I)/INGOUDA X
57 KORTE ISA Ek/ H X
X
H. van Rijst J z Hendrik van Rijst 6 X
X
58 H. van Rijst / in pijpen/
x gekr . 59
GOUDA/HOLLAND Hendrik van Rijst 3
59 C:D:ROD/GOUDA Cornelis de Roos? X
60 L:SLOBBE/ s X
61 D:SLUYTER/ Leendert Slobbe X
62 T:VAN : SON/ Daniël Sluyter D X
Teunis van Son
63 TSPARNAAY/INGOUDA 59 Thomas Sparnaay H kon. David
64 L. S,DERWIJK./ Louwerens Stalderwijk
65 I.STOMMAN/I.STOMMAN I . Storrnnan H 1X
66 M.STORM. /INGOUDA Michiel Storm
67 P.SBURGH/INGOU Pie t er Swanenburg Du 4X
68 BENYAMIN/TATIS Benjamin Tatis x koffiepot
Pieter Thoen s
69 P.THOEN./(I)N.GOUDA. Hannes v.d . Valk X
70 H.V.D.Val(K)/INGOUDA Lieve Verrijst H
71 L.VERRYST/ . INGOUDA Cornelis Ver zijl x kruisanker
72 C.V.ZYL:/IN:GOUDA Maarte Verzijl s
73 M.VERZYL/INGOUDA Jan Vlak X
74 INGOUDA/IAN:VLAK Jacob de Vos 6
75 IAC.DEVOS/IN.GOUDA "Pieter v.d. W~n~ Gz , x 5 _schijven
76 P. van der/Want Gz/ Du
X
Gouda T
lX
T 3

s 4

3 X

Du 3

H

Du 3

3

77 (L)AM:WOUT/INGOUDA Lambertus Wout H·

78 FABRICIRT/P . V. WYNGAARDENPieter van Wijngaarden H

79 WYNGAARDE Van Wi jngaarden H

80 (A).V.YSENDOO(RN)/ Andries v. IJzendoorn S
IN . GOUDA

TABEL 2 OVERIGE OPSCHRIFTEN

12 3 456?

HARLINGEN/ HARLINGEN Harlingen 13 1
2 KORTE IZABE / GOUDA
3 Gauda'sche/Smoke/Pipe Ha 9
4 MADE / IN/ HOLLAND 5

3

31

TABEL 3 OPSCHRIFTEN VAN DUITSE PIJPENMAKERS

12 3 456?

1 IA BOC/ Johannes BÖckling? 6 l G

2 GB BORDOLLO/GRUNSTADT GebrÜder Bordollo 12 2 7

3 GB BORDOLLO GebrÜder Bor dollo 12 2 6 , 7

4 BORDOLLO Bordo l l o 12 2 7

5 ÇH.BRAS/ Johannes Brass 9 1G

6 A. DIRDOE(of B)/ ? 69

( )Z:FABRIC:

7 GEBRUE/DER DOR/NINGRE/ GebrÜder Dorn 9 4G

NTZHAU/ SEN EBG

8 G: B:DORN : GH/FABRICIRT GebrÜder Dorn 3 3G

9 FABRICIRT/G :BDORN : I.GH GebrÜder Dorn 943G

10 WD 1739 UOA Wilhelm Dorn, "Gouda" 9 1G

11 WD 173 (9) AUDA Wilhelm Dorn, "Gouda 11 9 1G

12 WILHELM/DORNGREN/ Wilhelm Dorn 6 8G

TZHAUSEN

13 P:HOERTER/FABRICIRT P. Hoerter 93

I 4 •• H. I SER : /HILDESH : Johann Hartmann I sern 8 9

15 ISERIHM/ISERIHM Johann Hartmann Isern 9 9 4

16 (I)OHANNES . /K.LEUTGE(N) Johannes Kleutgen 9 3H

17 WI R(D)SIICHTzi /N.H. G. R: W. K.=Wilhelm KnÖdgen? 6 8H

W: K: /1 . 7. 4.2 .

18 OH:LE/TSCHE - Johannes Letschert 6 3 G

19 IILET/CHERT Jacob Johann Letschert 9 3 ----·-

20 I:PETER:L/ETSCHER Johannes Peter - 6 3G

21 P.LESC/HERTS Letschert 5G

22 GOUDA: I . P. ? 8

23 FABRICIRT/W:R. REMY G(H) Wilhelm Remy 9 9G

24 W.REMI( )/( )SEN Wilhelm Remy 9 3G

25 I.W.R./1.GH J.Wilhe lm Rembs 9 8G

26 OHANNES/ROTEN . B. Johannes Rotenberger 9 4 3

27 ( )ER/SASM Sasmann? 99

28 (IO)HSCH/ELMAN(N) Johannes Schellmann 9 3G

29 IOHAN. N/ES .SCHMIT/ Johannes Schmit 968

). 7. 4.5.

30 HR]CUS/SCHWAD/ERLABI(N) Henricus Schwaderlab 9 8

HOR. 1784

31 IHENRIC(H)/SPAANGH Johannes Henrich Spahn 9 7 3 G

32 IOH.W/STAUB Joh. Wilhelm Stauber 6 3G

33 STAUB ( ) / ( )NN . (W?) Joh . Wilhelm Stauber 9 3G

34 101-t(A.)NNE ( S) / Johannes Steinebach 9 8H

STE(I)NEBA/CHI(N)HOR

35 STEINEBA / INGOUDA Steinebach 9 8H

36 FABRICIRT/I.B .:WOGH.I. N? 99

37 I WOTMAN : NW/FABRICIRT I.Wortmann, Neuwied ? H 3

38 FABRICIRT/WORTMANN Wortmann 96

39 KRENTZ/HAUSEN/ ANNO 1740 Grenzhausen 68

40 /(G)AUDA. 1747 . " Go u d a " 6

41 GAUDA 17 30/ 11 Gouda11 9

42 /GAUDA 17 39 "Gouda11 9

32

43 1755/(GOU)DA 1755 "Gouda" 9
44 GAUDA 1756 "Gouda"
45 GUODA "Gouda" 8
8
46 /INlr.SLAR In Uslar 11 8

TABEL 4 OPSCHRIFTEN VAN BELGISCHE EN FRANSE PIJPENMAKERS

12 3 4567

1 D.BARTH/ANDENNE Désire Barth 2

2 D.BARTH/ANDENNE DEPOSE Dêsire Barth 2

3 D.BARTH/ Dêsire Barth 2

ANDENNE BELGIQUE

4 D.BARTH/D.BARTH Désire Barth 2

5 De Bevere Joost de Bevere J4

6 GAUDA/VERZIL Chretien Pierre Guyson 10 gekr. W

7 HARSS(E'?) Egbert Haersevoort? J 8

8 FABRI( )/( )OEDGEN Knoedgen J5

· 9 Fabrik/Knoedgen Knoedgen J5

10 J.J.Knoedgen/Bree Jean Knoedgen 52

Il J.Knoedgen/Bree Jean Knoedgen 52

12 J.K. à Bree Jean Knoedgen 52

13 Knoedgen à Bree Jean Knoedgen 52

14 PA( )/MEIER Meier J 29

705

15 Noël/Lyon/Deposé Firma Noël 52
16 PETIT/A MONS C. Petit
10 1 ws

17 Richterls( )/Dep() ? J6

18 Scouflaire/(a)Onnaing Pierre Joseph

Scouflair 52

19 Wingender/Frères Felix & Henri

Wingender 52

20 Wingender/Frères/ Felix & Henri

à Chokier Wingender 52

NOTEN

Tabel 4

1 Egbert Haersevoort is een pijpenmaker, die in 1783 van Gou-
da naar Antwerpen vertrokken is. Mogelijk houdt dit op-
schrift geen verband met deze pijpenmaker, maar met de pij-
penmaker van de pijp met op de kop het opschrift .HARSSEV

(6).

2 Het nummer onder PA is waarschijnlijk een vormnummer.

33

Koninklijke Hollandsche Pijpen- en Aardewerkfabri e ken.

Serie 22.

Goede kwaliteit.
Bounc qualité.
Good quality.
Gute Qualität.

afb. 2 C(NTIM(TERS . '1 1tl 11 l'l 13 /1, IJ 76 17 fj 19 1;)

'1 J J ~ 7S

EC HE LL E - 5( Alt

34

KORTE EN LANGE IZABE

De Izabe of Isabe is een vrij korte, enigszins gebogen een-

voudige pijp, die onderscheiden wordt in korte en lange Iza-
be 's.

Het opschrift KORTE IZABE of KORTE ISABE komt voor op pijpe-
stelen van verschillende fabrikanten (tabel l, nrs. 20,52 en
57). In Goedewai~ens Catalogus no. 6 worden beide typen ~fge-

beeld (afb~ 2). ·In lengte verschil+en .zij niet zoveel; hemels-

breed gemeten is de ko.rte Iza_be 10, 5 cm lang en de lange Iza-
be 12, .'.? cm.
Van Joh. de Haan kreeg ik de volgende suggestie voord~ v~r-
klaring van · de naam van dit type pijp. Volgens _zijn vader
(geb. 1904) werd deze pijp cadeau gedaan bij ~en pakje tabak
van een half pond van het merk Isabé.
Dat een pakje tabak vroeger tezamen met een korte pijp werd

verkocht, blijkt ~it afb. 3, afkomstig uit de Officiële Vak-

opleiding van de Tabaksde-
tailhandel.
De mogelijkheid bestaat
dus, dat de naam van dit
type pijp verbonden is met
het tabaksmerk Isabé. Een

tabaksmerk waarvan het be-

staan overigens nog niet
bevestigd is.

Met hartelijke dank aan

Don Duco, Jos Engelen, Jo-

han de Haan, H. Hunmtel,

Mark Janssen, Hans van der

- Meulen, Piet Smiesing en
Fred Tymstra, die hun me-
~I

dewerking aan dit artikel

verleenden.

Ouderwetse verpakking Reacties, aanvullingen en
van rooktabak met korte verbeteringen zijn welkom
Goudse pijp.
bij
afb. 3
Lodewijk van Duuren
Theo Thijssenhove 25
2726 CE Zoetermeer

35

WATERPIJPEN VAN GOEDEWAAGEN

door P.K. Smiesing

De waterpij p is vooral voor de volkeren in Oost-Azi~ en Afri-
ka een vertrouwd r ookinstrument. In Europa bleef deze manier
van roken nagenoeg onbekend . Toch bracht de Pijpen- en Aarde-
werkfabriek van de firma Goedewaagen in de vijftiger jaren
van onze eeuw een aantal verschillende waterpijpen op de
markt.( 1) Deze waterpijpen waren zeer waarschijnlijk bestemd
voor de export naar de waterpijpminnende landen. Dat de Goudse
waterpijp ook aftrek vond in ons eigen l and , getuige de vondst
van een goed berookt exemplaar op de Jaarmarkt op Koninginne-
dag van dit jaar.

De belangrijkste onderdel en van

deze waterpijp zijn het vocht-

reservoir, de pijpekop en de

slang met mondstuk . Het vocht-

reservoir is een bolvormige

aardewerk fles , die geheel be-

dekt is met groene glazuur. Deze

.;..• fles heeft twee nauwe openingen,
waarvan de grootste zich gewoon

:· boven aan de hals bevindt . Daar

•' waar de hals begint,zit in een

': . kort zijbuisje een nauwe opening .

In deze kleine zijopening,waarin

een doorboord kurkje is gemon-

teerd, wordt de s l ang gestoken.

Deze slang is van buigzaam plas-

tic en is gehuld in een huid van

geweven katoen. Aan het ene uit-

einde van de slang is een zwart

mondstuk van kunststof aange-

bracht, terwijl aan de andere

afb. 1 zijde een zwart hol insteekbuis-

je is bevestigd. De p i jpekop is

vervaardigd uit witbakkende gietklei , is dubbelwandig en aan

de buitenkant geglazuurd. Vergelijken we de omvang van de

bovenrand (51 rrnn) met de kopopening (23 rrnn), dan bemerken we

dat er tussen de binnen- en buitenwand van de kop een flinke

luchtkamer aanwezig is.(afb.l)

De insteekbuis van de kop ligt in het verlengde van de kop-

opening, zodat de kop rechtstandig boven in de fles gestoken

kan worden . Een holle kurk met een doorboorde bodem zorgt

36

voor een passende montage. Op de buik van de fles, het vocht~
reservoir, zijn in reliëf versieringen aangebracht. Op de
tegen0verli~gende zijden zijn in rozetvormige vensters op
een gepointilleerde achtergrond een luitspeler en een dansen-
de derwisj te zien.(2) Sterren in een maansikkel geven deze
Goudse waterpijp nog een extra Oosterse nuance.(afb.2)

'.

afb. 2

37

Op de bodem van de fles zien.we het firmastempel, een gekroon--
de weegsc~aal (balans) in een cirkel met er om heen de tekst
"Koninklijke Goedewaagen ". Binnen de cirkel bevindt zich
de tekst" hoogwaardig ovenvast".

-{: ... .... \

'\

~-~

" -~> -- . - afb. 3

Na de aanwinst van deze bijzondere p1Jp was mijn belangstel-
ling voor de waterpijpen van Goedewaagen gewekt en ging ik op
zoek naar meer informatie over dit produkt. Leen van den Berg
bleek nog een aantal waterpijpen van Goedewaagen in voorraad
te hebben. De boven beschreven waterpijp had hij in de kleu-
ren bruin,geel en groen.Bij vergelijking met de eerder gekoch-
te waterpijp kwamen er kleine verschillen aan het licht. De
vochtreservoirs werden bij het glazuren niet ,eender behandeld.
Dit glazuren is nodig om de poreuze gietklei waterdicht te

38

maken.De laatste hebben geen glazuur op de "standring" onder
de bodem. Ze werden niet zoals het exemplaar van de jaarmarkt
op proenen geplaatst.De kurk in de halsopening heeft een_kroon
van wit plastic, hetgeen bij de oudere pot ontbreekt. Mogelijk
zijn de pijpen van van den Berg uit een latere produktieperio-
de.In de doorboorde kurk is een glazen buisje bevestigd om de
rook onder in de vloeistof van de pot te brengen.
Een ander type waterpijp van Goedewaagen heeft dezelfde uit-
voering maar heeft een naar boven licht tapstoelopende cylin-
dervorm. (afb.3) De kurkjes in de twee openingen zijn gelijk
aan bovengenoemde waterpijp. Het bijzondere van deze pijp
schuilt in de uitvoering van de· beschildering, die volgens de
aanduiding" Handpainted" op de bodem, met de hand werd aan-
gebracht. In zwarte lijnen is een woestijntafereel beschilderd
ingevuld met blauwe,bruine,gele en groene kleuren. Op dit
bijzondere plateelstuk zijn rustende kamelen,Arabieren en dan-
seressen te zien. Het transparante glazuur laat zien dat ook
deze pot uit witbakkende klei vervaardigd is. Op de bodem is
naast de reeds eerder geno_emde aanduiding bovendien " Royal
Goedewaagen" en een monogram van de initialen van de schilder,
HV, aangebracht. Drie putjes in het glazuur op de bodem wijzen
op het gebruik van proenen.

De waterpijp wordt compleet met slang en pijpekop in een golf-
kartonnen doos geleverd. In de doos is een gebruiksaanwijzing
bijgesloten, die de werking van de waterpijp verklaart.(afb.4)
Uit de beschrijving blijkt dat de rook via de vloeistof onder
in de pot door het drrikverschil weer boven de vloeistofspie-
gel wordt gezogen. Gezien de engelse tekst in de gebruiks-
aanwijzing en op het etiket van de doos mogen we aannemen dat
de pijp voor export bedoeld was naar het Midden-Oosten.(afb.5)
De benaming" Ottoman Hookah "duidt op Turkije. De" Hookah"
is een waterpijp, die oorspronkelijk door zijn grote omvang
en niet buigzame steel alleen zittend door de roker gebruikt
kon worden. Later werden er kleinere Hookah's vervaardigd
die door de roker konden worden meegenomen.
De pijpen werden aangestoken door gloeiende stukjes houtskool
op de tabak in de pijpekop te leggen. Bij Turkse waterpijpen
zien we onder de kopinzet een messing schaalvormige kraag,
waarop de stukjes gloeiende houtskool rusten.Met een messing
tang, die met een kettinkje aan de pijp bevestigd is, worden
de stukjes gloeiende houtskool aangevat.
Een derde waterpijp die Goedewaagen op de markt bracht bestaat
uit een compleet potje, waarbij de pijpekop gevormd wordt door
een komvormige holte in de halsopening. De kopholte is het

39

Here's how co use your clean. cool smoking

OTTOMAN HOOKAA

Fill carafe (A) with water (B) to ½ inch above the bottom

end of the glass tube (C).
Load tobacco bowl (D) wilh cobacco.
Place mouchpiece of tube ( E) in mouth and draw as you
light the tobacco ia the bowl.
The smoke passes down the tube (C). bubbles up through the
cool clean water (B) in the carafe leaviog nicotine and
impurities behind ia the water and is drawn off in the tube
(E). cooler, cleaner and sweeter chan aoy smoke you' ve ever
enjoyed before.

afb. 4

PRINTEO IN THE NETHERLANOS

MOOKAI-\ ~

imported water pipe
for THE COOLEST CLEANEST
it's Wa tercooled

afb. 5

40

enige gedeelte van de pot dat niet geglazuurd is.Deze water-
pijp is de kleinste van de drie. De twee vorige potten zijn
ongeveer 15 cm hoog terwijl deze derde slechts 9 cm meet.
De pijp wordt gepresenteerd in aantrekkelijke pastelkleuren
op de witte ondergrond van de gietklei. De verpakking is een
klein doosje met een venstertje, waardoor de consument zien
kan welk sterrenbeeld op de pot is aangebracht.
De opdruk van de doos geeft aan, dat de pijp in 12 verschil-
lende sterrenbeelden leverbaar was. De afbeelding op het doos-
je laat zien hoe de pijp gerookt kan worden.(afb.6)

afb. 6
Op de bodem is de Engelse gebruiksaanwijzing afgedrukt.(afb.7)
Hierop is een pijp te zien met één aansluiting voor een slang
met mondstuk. In de doos vinden we echter een pot fflet twee
aansluitingen en twee slangen, zodat de pijp door twee rokers
tegelijk gerookt kan worden. Het tweede gat, dat afgesloten is
met een plastic dopje kan ook gebruikt worden om de pijp met
water te vullen. Een extra kurkje wordt bijgeleverd o~ de
tweede slang aan te kunnen sluiten.
De twee eerder beschreven waterpijpen worden door de halsope-
ning gevuld.
Op de bodem lezen we " ROYAL GOEDEWAAGEN" en '' PATENT PENDING".
Blijkbaar heeft de firma op dit produkt het patent gehad.

De Pijpen- en Aardewerkfabriek Goedewaagen heeft na de tweede
wereld-oorlog een verdere teruggang van de kleipijpenproduktie
beleefd. De produktie van deze waterpijpen kon geheel in de

41

aardewerkafdeling worden gerealiseerd. Waarschijnlijk sloeg
dit artikel niet aan in àe vermeende exportgebieden en is de
produktie ·slechts van korte duur geweest. Voor verzamelaars
een unieke gelegenheid om uit deze fase van de beroemde pij-
penfabriek de laatste produkten aan t e schaffen. Leen van den
Berg heeft nog een beperkte voorraad. Mogelijk heeft deze bij-
drage de waterpijpen van Goedewaagen meer bekendheid gegeven.
Want ook hier geldt: 'Onbekend maakt onbemind ' .

Made in Holland b)'
Royal Goedewaagen Factorres

CROSS·SECTION OF
ZODIAC PIPE

C

HOW TO USE YOUR ZODIAC WATER PIPE

1. Remove tube trom tube hole (Al ROYAL FACTORIES
2. Peur clear water in tube hole (A) until Water GOUDA HOLLAND

Bowl (C) is half full. SINCE .1630
3. Fill tobacco hole (8) with tobacco.

4. lnsert tube back in tube hole.

5. Light tobacco and smoke.

6. To clean • Remove tube, empty out water and

2 rinse with clean )Nater. , ,.-

': - ; .

afb .-. .7

Noten: ... "'

1. Volgens mededeling L, van den Berg,
2. Islamitische bedelmonnik, Dansende Derwisjen van de Nalawi-

orde in Turkije bereiken met draaiende dansen een toe&tand

van extase. ,
3. Helmuth Aschenbrenner, Tabak von A bis Z, J 966 ~ p ,j 04~J 05 •. -

NIEUWE LITERATUUR

Prade, Mons. de: Taback-historie~ in welcher insonderheit vom
Schnup-taback eine ausführliche beschreibung> als von dessel-
ven zielung~ zubereitung> auch wirckungen;und welcher gestalt~
absonderlich der schnup-taback aus demselvigen möge bereitet
werden. Drullman~ Frankfurt~ 1684

Deze facsimile- uitgave is voor fll,90 te koop bij de filialen
van boekhandel De Slegte.

42

HET BELANG VAN GESLOTEN VONDSTCOMPLEXEN VOOR DE DATERING VAN
KLEIPIJPEN

cbor Amol d Carmiggelt

De afgelopen jaren is duidelijk geworden, dat het dateren van
kleipijpen geen eenvoudige zaak is. Hoewel 17e en 18e- eeuwse
kleipijpen algemeen beschouwd worden als objecten die goed da-
teerbaar zijn en hierdoor van belang zijn voor de archeologi-
sche context waarin ze worden aangetroffen, mogen de bekende
dateringsmogelijkheden van kleipijpen niet overschat worden.
De puur ' mathematische ' dateringswijzen van Harrington,Binford
en Friederich blijken door bevindingen van de laatste jaren
ernstige gebreken te vertonen . De praktijk van het pijpelo-
gisch onderzoek maakt duidelijk, dat de ouderdom van kleipij-
pen moeilijk te bepalen is aan de hand van formules en grafie-
ken . De toepassing van de recentelij~ door D. Duco voorgestelde
'deductieve dateringsmethode' geeft weliswaar een veel ruimere
datering voor individuele pijpen, maar levert daarentegen een
veel betrouwbaarder beeld op. (1)
Al l e hiervoor genoemde dateringswijzen zijn vooral bedoeld om
de produktiedatum van een kleipijp vast te stellen. Over de
dateringsproblematiek van kleipijpen in het algemeen zou ik
graag nog enkele opmerkingen willen maken .
Wanneer we de studi e van kleipijpen al s een onderdeel beschou-
wen van de historische archeologie, dan dienen we ons af te
vragen wat het precies is wat we willen dateren: het tijdstip
van vervaardiging van een object (hieronder afgekort T.verv .)
of het tijdstip van de vorming van de archeologische context ,
waarin een object, bijv. een kleipijp, wordt aangetroffen.
Bij pre- en protohistorisch onderzoek maakt men doorgaans geen
onderscheid tussen T.verv. en het tijdstip van de vorming van
de archeologische context. In de historische archeologie wordt
hiertoe wel een poging gedaan. Dollar heeft de dateringspro-
. blematiek binnen de historische archeologie nader uitgewerkt.
(2) Hij meent , dat ieder artefakt inherent twee dateringen

heeft: namelijk het tijdstip van produktie (T . verv . ) en het
tijdstip van deposition (tijdstip van de vorming van de arche-

ologische context). Wanneer we dit in ogenschouw nemen, kunnen
we de 'levensloop ' van een kleipijp op de volgende manier (zie
volgende bladzijde) schematisch weergeven.

T.verv. bevindt zich tussen A (=tijdstip van het in gebruik
nemen van een vorm) en A' (=definitieve einde van d~ produktie
van een pijpevorm). Over de gebruiksduur van een pijpevorm bij
lokale , niet- Goudse, pijpenmakers weten we vrijwel niets .
Ver meldenswaardig is het artikel van A.Oswald On the life of

43

A D -P

1Q - Q Q'
p

Q' -

produktie- opslag- con- dvourumr1,.,vnagn
duur transport- swnptie-
van vorm en arch.
verkoopduur duur context

P' - P'

- - - -- -- ·-·---···- - - - - - - -

Q- Q' P- P '
pijp met kortere levensduur
pijp met langere levensduur

clay pipe moulds, waarin op archivalische en archeologische
grond en gesuggereerd wordt, da t de levensduur van een pi jpe-
vorm gemiddeld dertig jaar was en bij uitzondering vijftig

jaar kon zij n. (3) Ook over de eventuele per iode, da t de vorm

- tijdelijk - niet in gebruik was , weten we niets .
De levensduur van een vo r m is afhankel i jk van de grondstof
waarvan deze is gemaakt, de wijze waarop deze gebruikt wo rdt
en het aantal kl eipijpen dat er mee gepr oduceerd wordt . T. verv .

ligt dus tussen A- A' in, maar i s niet nauwkeurig te bepalen,
aangezien de periode A- A' n i et vast te ste l len is . Meestal
gaat men er gemakshalve van uit , dat de produktieduur A- A' ge-

lijk is aan de produk tieve periode van een pijpenmaker . Dit is

natuurl i jk een verdraaiing van de feiten , aangezien de pijpen-

maker pas in de nadagen van zijn werkzaamheden een vorm benut

kan hebben, en bovendien het overlijden van een pijpenmaker

niet impliceert , dat de desbetreffende vorm daarna niet meer

geb ruikt wordt , aangezien deze, zolang zij in oml oop is , heel
&oed doo r de nazaten van de pijpenmaker of collega ' s gebruikt
kon worden . Dit zou zelfs i n de lokale nijverheden ook nog wel

eens voor de merkstempels kunnen gelden.
Uit Gouda kennen we vanaf 1724 zogenaamde merkenlijsten, waar-

in de namen van de pijpenmakers en de door hen gevoerd e merken

wer den b i jgehouden. Ver gelijkbare lijsten uit andere Neder -

land se steden zi jn echt er niet bekend.

44

Vaak kennen we uit archivalische bronnen s lecht s een aantal
willekeurige dat a waarop een pijpenmaker genoemd wordt.Zij ma-
ken bijv. melding van een pijpenmaker die als getuige optr eedt
in een rechtzaak. Het tijds tip waarop deze rechtzaak gevoerd
wordt, vertelt ons niets over de lengte van de periode waarin
de pij penmaker wer kzaam i s gewees t en geef t on s daarom ook

geen indicatie over de periode A- A'. Vaak z ijn ook de datum

waarop een pijpenmaker met zi jn vak begint en eindigt - even-
tueel sterfdatum - niet bekend.
Nadat de kleipijp geproduceerd i s , ondergaat dez e een variabe-
le opsl ag-, transport- en verkoopduur, waarvan de lengte in
vrijwel alle gevallen zowel a rcheologisch a ls archivalisch
niet meer t e achterhalen i s . Deze opslag-, transport- en ver-

koopduur (period e B- B') kan zich op verschillende wijzen to t
de periode A-A' verhouden: zij kan binnen deze periode liggen,

zij kan deze overlappen of zelfs na deze periode vallen.

Na de var i abele periode B- B' belandt de kleipijp bij de consu-

ment . De duur van het consumptieproces is eveneens variabel en

ook h i ervoor geldt, dat dez e zich tot de voorgaande twee (A- A '
en B- B') op de ·volgende wijzen verhouden : z ij kan hiermee sa-

menvallen, zij ·kan één of beide overlappen of zij kan na één

(in dit geval A- A') of beide vallen .

Nadat de consument afstand heeft gedaan van zijn kleipijp , kan
deze direct in een archeologische context geraken (dit zou zo
kunnen zijn wanneer de consument na het breken van de pijp de-
ze direc t in een put goo it) maar het is ook mogelij k , dat de
p ijp l angs indirecte weg na verloop van tijd hierin belandt.
In het schema zijn twee voorbeelden van kleipij pen gegeven,

waarvan de ene e en korte levensduur vertegenwoordigt (Q- Q' ) en
de andere een lange l evensduur (P- P' ).

Wanneer we een beter inzicht willen krijgen in de pr ocessen ,
die aan deze levens loop van een kleipijp ten grondslag liggen,
lijkt he t mij ver s tandig om ons in de toekoms t meer te gaan
· t oeleggen op de bestudering van kleipijpen (soorten en aantal-
len), die samen voorkomen in gesloten vondstcomplexen. (4)
Daarbij zullen kleipij pen. altijd onderzocht moeten worden in
samenhang met het overige vondstmateriaal, zeker wanneer dit
be tere dateringsmogelijkheden biedt, zoals munten of andere
gedat eerde ob jecten. In dit kader is het analyseren van geslo-
ten vondstcomplexen (bijv. beerputten) van groot belang . (5 )
De analyse van gesloten vond s tcomplexen kan daa rnaas t meer
licht wer pen op de consumenten van kleipijpen . Bij het pijpe-
l ogisch onderzoek heeft het accent tot dusver gelegen op het
object zelf en zij n. maker. Daar ente gen is er weinig aandacht
bes teed aan tlet consump tieve facet van kle ip ij pen . Welke soor-

45

ten pijpen werden gerookt doqr welke groeperingen? Dat klei-
pijpen als status-indicatoren kunnen functioneren lijkt steeds
duidelijkei te worden. Zo merkte D.Duco in 1981 ·reeds op, dat
in Amsterdam in de periode 1680-1720 zowel lokale als Goudse

pijpen benut werden en dat de verspreiding van deze produkten

per buurt verschilde. (6) In eenvoudige buurten als Kattenburg
en Wittenburg worden vrijwel alleen lokale, grove piJpen ge-
vonden. In de Jordaan is de verhouding half om half, en op de
grachten - de rijkste buurten - worden vaak pijpen gevonden
waarvan het merendeel uit Goudse produkten bestaat.
Ter afsluiting van dit artikel wil ik ervoor pleiten om in de
toekomst al het pijpelogisch materiaal, evenals het overige
archeol ogisch materiaal, uit gesloten vondstcomplexen te ver-
zamelen en bij publikatie van dit materiaal niet enkel de com-
plete of zeldzame stukken te vermelden, maar een volledig
beeld te geven van het (pijpelogisch) vondstmateriaal. Door
zo'n volledige weergave van het (pijpelogisch) materiaal dat
in tijd en ruimte samen voorkwam, zijn we in staat in de toe-
komst een beter inzicht te krijgen in de datering van kleipij-
pen en in welke mate zij als status-indicatoren kunnen functi-
oneren.

NOTEN

1 Duco, D.H. De Nederlandse Kleipijp; Handboek voor dateren en
determineren. . Leiden, 1987.

2 Dollar, C.D. "Some thoughts on theory and method in Histori-

cal Archaeology" in: Schuyler, R.L. (ed.) Historical Archaeo-
logy; A guide to Substantive and Theoretical Contributions .

New York, 1978, p. 216-222.
3 Oswald, A. "On the life of clay pipe moulds", in: Davey, P.

(ed.) The archaeotogy of the Ciay Tobacco Pipe IX; more pipes
from the Midlands and SouthePn England. B. A.R. vol. 1. Oxford,

1985. p. 5-21.
4 Het probleem van meerdere gebruikers van bijvoorbeeld een
beerput of het meerdere malen legen van een put laat ik hier
gemakshalve buiten beschouwing.Een verantwoord archeologisch
onderzoek dient hier uitsluitsel over te geven.
5 In enkele publikaties is reeds sprake van een weergave van
het volledige (pijpelogische) vondstmateriaal, bijvoorbeeld:
Carmiggelt, A., H. van Gangelen, G. Kortekaas en W. van Zeist.

Uitgeput Huisraad~ Twee Groninger beerputten in historisch-
archeologisch perspectief. Groningen, 1987.
Gangelen , H. van, G. Kortekaas en A. Carmiggelt. Ceramiek uit
een laat 18e eeuwse afvalkuil op het voormalige Zuiderkerkhof
te Groningen . Corpus Middeteeuvs Aardewerk. Reeks B. Amers-

foort/Laarne, 1987.

46

Haan, R. de, "Roken aan de Oostenburgermiddenstraat" in: Kist,

J.B. e.a. Van VOC tot Werkspoor; Het Amsterdamse industrieter-

rein Oostenburg. Utrecht, 1986 . p. 126-132.

Meulen, J. van der. "Kleipijpen als archeologische bodem-

vondst". Bodemonderzoek in Leiden. Jaarverslag 1984.Leiden,

1985. p.31-35. _

Ritmeester, P. tlPassen en Meten, of hoe .de kop aan de steel ·

zat". in Hoorn, W.J. (red.) Observantenklooster Amersfoort. A-

mersfoort, 1982. p. 173-178.

6 Duco, D. De Kleipijp in de Zeventiende Eeuwse Nederlanden.

Oxford, 1981. p. 347, noot 201.

UITNODIGINGEN

Ruilbeurs

De werkgroep "SIGARENMUSEUM" te Geraardsbergen en de "PIJPE-
NIERSGILDE" hebben de ee_r U uit te nodigen op zaterdag 10 sep-
tember 1988 voor de jaarlijkse ruilbeurs voor vitolfielen van
9.00 uur tot 17.00 uur. Er zal dan een ruilbeurs worden gehou-
den van rookattributen (sigaren, pijpen, tabakspotten enz.).
Dit zal plaats vinden in de Het Abdij-Koetsenhuis te Geraards-
bergen (België). Reservering: tafels 200 frank, aantal meters
is onbeperkt. Opgave bij: E. Vanden Hole, Marktweg 8, 9500 Ge-
raardsbergen, België, tel. Q54/413836

Smoking Pipe Conference

The 1989 "Smoking Pipe Conference", sponsored by the Arthur C.
Parker Fund for Iroquois Research, will be held on saturday
and sunday, june 10-11, 1989 at the Rochester Museum and
Science Center.
· It is the purpose of this conference to bring together indivi-
duals who can review from both archaeological and ethnographic
contexts new evidence relative to smoking 'pipe trade relation-
ships, religious practices, manufacturing techniques and de-
signs in eastern North America. An emphasis will be placed up-
on discussions of both native and European-made pipes arnong
the Iroquois including the occurence of the kaolin trade pipe.
Individuals wishing to present a paper at the conference
should contact: Smoking Pipe Conference, c/o Charles F. Hayes
III, Research Director, Rochester Museum and Science Center,
657 East Avenue, Box 1480, Rochester; NY 14603, USA Tel-: 716-
271-4320

47

PIJPENDAG IN WEERT

Op zaterdag 29 oktober a.s houden we onze jaarlijkse

bijeenkomst.
We zijn zeer vereerd met de uitnodiging van de Gemeen-
te Weert de pijpendag daar te mogen houden.
De Gemeente en wij kunnen u in ons jubileumjaar een
prachtig prograIIlllla aanbieden:

11. 00 uur - stadswandeling o.l.v. V.V.V-gids met
bezoek aan pijpenoven en pijpenkamer
bij de Tiendschuur óf videofilm over
pijpenfabricage in het Westerwald.

13. 00 uur - Officiële ontvangst door B & W, koffie

met iets lekkers aangeboden door de
Gemeente.
14.00 uur - Lezing over Gorkumse pijpennijverheid
door H.Brinkerink.
15.00 uur - Pauze, met gelegenheid om t e ruilen.
16.00 uur - 2e lezing, onderwerp nog niet bekend.
17 . 00 uur - Sluiting met afscheidsborrel van de
de Gemeente.

We verwachten een grote opkomst, geef t u via het
aanmeldingsformulier tijdig op, met hoeveel personen
u komt. ( n.b. kleine verandering in progr. mogelijk)

JUBILEUMUITGAVE 10 JAAR P.K.N,

Ter gelegenheid van ons 10-jarig jubileum heeft de
redactie besloten een boek samen te stellen over
10 jaar onderzoek naar de belangrijkste pijpenmakers-
centra in de 17e en 18e eeuw. Dit beknopte overzicht
bestaat uit een bundeling van eerder geschreven ar-
tikelen uit ons blad, aangevuld met nieuwe gegevens.
Er worden 16 plaatsen behandeld . Het boek draagt als

titel: DE KLEIPIJP ALS BODEMVONDST

Het boek telt meer dan 170 bladzijden, waarvan 77
bladzijden tekeningen. De oplage is 300 exemplaren.
Dit boek mag niet ontbreken in uw collectie . De prijs
is !27,50. P.K.N .-leden kunnen voorintekenen.

48

lle JAARGANG NR. 43 DECEMBER, 1988

INHOUD 49
JUBILEUMPIJPENDAG TE WEERT 50
TWEE VAAK GEIMITEERDE BENAMINGEN IN DE PIJPENWERELD
OPKOMST EN ONDERGANG VAN EEN ORANJETELG (II ) 59
62
TENTOONSTELLING ONDER DE ROOK VAN UTRECHT 63
66
COMPOSTELA PIJPEN 67
VRAAGBAAK 68
TWEE BIJZONDERE VONDSTEN UIT REEUWIJK
EEN NOG ONBEKENDE GRONINGER PIJPENMAKER 69
PAPIEREN SIGARENPIJPJES
NIEUWE 'LITERATUUR 72
LAATSTB NIEUWS OVER DE PIJPENOVEN TE WEERT
72

JUBILEUMPIJPENDAG TE WEERT

Deze dag mag met recht het predikaat jubileurrrpijpendag dragen!

Een dag die zeer geslaagd was alleen al door de ambiance van
de raadzaal in het nieuwe stadhuis, de tocht door de stad on-
der leiding van de heer Hermans langs de pijpenoven - waarbij
velen meer oog hadden voor mogelijke pijpvondsten dan oor voor
het praatje van de heer Jacq. Bergmans! -, het bezoek aan de
Tiendschuur, de verwelkoming door burgemeester Matti, de kof-
fie, de vlaai en de keurige verzorging door drie gastvrouwen.
Waar vind je zoiets? Toch alleen maar in het zuiden! Dankzij
Jos Engelen die het grootste aandeel had in de organisatie
ter plekke. Dan waren er ook nog de geestige lezingen van Hans
Brinkerink en de heer Jacq. Bergmans, en enige verrass ingen
die niet onvetmeld mogen blijven: een nieuw geschilderd 'pij-
penbord' met het merk MKT als huldeblijk speciaal voor Fred en
Hans die de afgelopen tien jaar zoveel voor de PKN gedaan heb-
ben (dank, Jos!) en de flessen wijn voor dit tweetal (dank aan
de anonieme initiatiefnemer!) en bovendien kon aan Arnold Car-
miggelt het eerste exemplaar van zijn monografie over de Leeu-
warder pijpenmakers overhandigd worden. Voorwaar een geslaagde
dag! Hartelijk dank aan allen die voor en achter de schermen
zoveel gedaan hebben om deze dag te doen slagen.
Gemeente Weert: deze dag zal ons nog lang bij blijven!

49


Click to View FlipBook Version