The words you are searching are inside this book. To get more targeted content, please make full-text search by clicking here.
Discover the best professional documents and content resources in AnyFlip Document Base.
Search
Published by nickderoo9, 2020-04-20 09:27:35

Essay Nick Deroo

Staren is het Sublieme Voilà
De kern is al gezegd De rest is bullshit en opvulling
Morgen zal je het wel snappen
-1-


Een essay door Nick Deroo
-2-


Staren is het Sublieme Voilà
De kern is al gezegd De rest is bullshit en opvulling
Morgen zal je het wel snappen
-3-


Er moet echt een inleiding zijn
Als er geschreven wordt, dan vind ik dat een uiting van de tijd waarin het geschrevene geschreven is.
Voilà.
Voor het onderstaande gelezen wordt, is het dus nodig om de tijdsgeest even aan te duiden.
Zowel die van de maatschappij als die van mezelf.
Beide zijn subjectief want ik bekijk alles via mijn ogen. Ik voel alles via mijn gevoelens. Ik betast alles via mijn betastingen.
Laten we beginnen met het grote: de maatschappij.
We schrijven het jaar 2020 te Amsterdam. De wereld is een kapitalistisch neoliberaal bolwerk. Nederland is een indirecte democratie net zoals de belangrijke geachte landen op aarde. Toch zijn er meer (pseudo-)dictaturen dan we vaak denken als West-Europeanen en de wereld heeft nog steeds de problemen die sinds de Oude Grieken al spelen: hoe verkrijg ik meer geld, hoe verhoud ik me tot de ander, hoe overleef ik emotioneel en fysiek de strijd tegen de windmolens. Dat zijn zowat de drie pijlers van de mensheid. De vragen kan je doorheen de eeuwen/jaren wat anders stellen en welke de hoofdvraag is voor jou wisselt naargelang de crisis je in verkeert, maar in sé komt het hierop neer.
-4-


Er zijn natuurlijk pogingen om dit bolwerk van zijn piëdestal te rukken maar tot nu toe blijft het vaak bij contempleren, theoretiseren en ongelooflijk hard overtuigd zijn dat het anders moet. J’accuse onder meer mezelf. Kunst en de kunstenaar, die vaak als links worden gezien, doen hier ook lustig aan mee. Aan zowel het contempleren, theoretisch en hard overtuigd zijn dat het anders moet; als aan het actief bewerkstelligen van het kapitalistisch neoliberaal bolwerk. Ik ben me ervan bewust dat ik hier geen oplossingen verzin maar dat beoog ik ook niet. Het doel is tot nu toe de maatschappij in zijn tijdsgeest aan te duiden met mijn subjectieve waarheidsvolle visie.
Laten we verder gaan met het andere grote: ik.
We observeren een man, wit, 30 jaar, Belg, Vlaams met een achtergrond in de studie geschiedenis – de reden voor het bovenstaande spreekt dus voor zich. Dit alles wordt geschreven als afronding van de Mime Opleiding, een studie in Amsterdam om fysiek acteur te worden. Je kan het opzoeken dus de hu? hoezo? wasda? ksnaphetniet, nog een keer? wadoejedan? ksnaphetnogsteedsniet, dus...? ga ik niet beantwoorden.
-5-


Later komt er nog meer over het grote ik maar de tijd moet nog iets beter worden geduid. Op het moment dat dit alles wordt geschreven, waait het Coronavirus over de planeet. Dit zorgt ervoor dat velen van ons in quarantaine zitten om dit uiterst besmettelijk virus minder kans te geven. Hetgeen hieronder, hierboven en nu wordt geschreven is vanuit die quarantaine. Er zijn geen repetities aan de hand, geen voorstellingen worden gespeeld, er wordt binnen gezeten en uitgekeken naar maaltijden die gemaakt moeten worden als tijdverdrijf.
Ik moet dit melden want alles wat ik momenteel doe wordt gekleurd door afzondering, door het niet kunnen, door het niet weten, door het verlamd worden door de situatie. Een rust is aanwezig in mijn lijf en leden maar ik ben bang dat het een het-doet-er-toch-niet-toe rust is. Het laatste is er nog niet over gezegd maar hier alvast deze overpeinzing. Vanuit hier wordt geschreven o kameraad. En er wordt van de hak op de tak geschreven juist omwille van de afwezigheid van een ‘pats’1. Dit komt waarschijnlijk door een combinatie van de quarantaine en de melancholie van de ik-figuur.
Ondertekend Nick Deroo
1 Met ‘pats’ wordt verwezen naar het volgende handgebaar: smijt de vlakke rechterhand dwars op de vlakke linkerhand die met de palm naar boven wijst
-6-


-7-


-8-


-9-


oja. er is wel een soort van gemeenschappelijke deler in deze blubber
- 10 -


het is zoals ‘Waar is Wally?’
- 11 -


sommige vinden hem snel
- 12 -


anderen nooit
- 13 -


geen paniek
- 14 -


gewoon geen paniek
- 15 -


Eva heet Eva maar het had evengoed iets anders kunnen zijn.
Paul heet Paul en dat hoort zo. Misschien zijn het twee schildpadden. Het geeft een ander perspectief.
Eva: Wat was je doel ook alweer?
Paul: Om te praten over het Sublieme.
Eva: Wat is da?
Paul: Een kruising tussen de schoonheid van de natuur en het gevaar dat het in zich heeft.
Eva: Wel diep artistiek
Paul knikt zachtjes in stilte
Eva: En hoe ga je dat doen?
Paul: Misschien via een handleiding, misschien wordt het een fotoboek, misschien wordt het een gedichtenbundel misschien iets anders. Kweet het nog niet.
Eva: Je ideeën lopen wel wat uiteen
- 16 -


Paul: Ja .... misschien doe ik alles wel in het Engels. Iets als ‘How To Stage The Sublime’ of ‘Sublimity in Images’ of ‘Sublimiteit: een klankgedicht’
Eva knikt zachtjes in stilte
Paul: ’t Is mooi weer he buiten
Eva: Ik zou het niet weten. De ramen zijn gisteren
behangen en nu is alles olijfgroen.
Paul: Soms vraag ik af of jij het leven wel snapt
Eva: Als ik het niet wil snappen, is dat toch mijn probleem. Bemoeial.
Paul: Misschien snap je het toch
Eva: Narcist
Paul: Ik?
Eva: Neen maar dat is toch echt schoon woord. Het slist zo mooi.
Paul: ik volg je niet meer Eva knikt zachtjes in stilte
- 17 -


Een proloog
- Het enkelvoud van de dingen -
Een boom
Een wolk
Een dennennaald Een bliksemschicht Een beekje
Een rivier
Een rots
Een poollicht
Een beer
Een ijsbeer
Een gletsjer
Een stalactiet
Een hazelnootbolster Een zon
Een horizon
Een golfbreker
Een zee
Een oceaan
Een zoutvlakte
- 18 -


Een handleiding
Heb je al eens een moment gehad dat je staarde naar de open zwarte lucht met het geruis van een half levende stad als soundscape?
Ik geef u hier een tip voor het leven.
Doe het eens.
Het zal u geen kwaad doen.
Je zult zien.
Hop.
Er sterft bijna niemand aan staren.
Ik heb geen statistieken maar gevoelsmatig is het zo. Gevoelens kloppen.
Klop. Klop.
Dit is het begin van het sublieme.
Als je nu al afgehaakt bent, dan kunnen we geen vrienden worden.
Deze woorden en jij.
Het mag dan niet zijn.
Ik probeer nog eens.
Hop.
Je kunt nu ook eens proberen.
3 minuten.
Op een zaterdagavond.
Alleen.
Beetje halfdronken.
Beetje dronken.
Je mag kiezen.
- 19 -


Hop.
We zijn begonnen.
Staren is subliem.
Staren is sublimiteit
Staren is het Sublieme.
Voilà.
De kern is al gezegd.
De rest is bullshit en opvulling.
- 20 -


- 21 -


Eva: Ik denk...euh... dat ik ... een pinguïn ben Paul: Excuseer
Eva: Ik denk dat ik een pinguïn ben
Paul kijkt verbaasd en vol commentaar
Eva: Ik ben een pinguïn!
Paul: ja... fijn
Eva: Een koningspinguïn
Paul: Ja... ja ik snap het
Eva: Toen je me zag staan, dacht je dat toen ook? Paul: Wat?
Eva: dat ik een koningspinguïn ben
Paul: euh... als ik er nu zo op terug kijk... dan euh... kon ik misschien een vermoeden hebben gehad dat... euh...
Eva: Je bent een beetje vaag
Paul is verbaasd
- 22 -


Eva: Het is best een concrete vraag die ik je stel en je draait wat rond de pot vind ik. Vind je het zo moeilijk wat ik je vraag?
Stilte
Paul: Neen, ik dacht niet dat je een koningspinguïn was toen ik je zag staan
Eva: Ah jammer
Paul: Ja, jammer
Na een stilte maakt Paul aanstalten om weg te gaan
Eva: Dacht je dat ik misschien een giraf was? Ik zou het wel begrijpen moest je eerst gedacht hebben dat ik een giraf was en geen koningspinguïn. Gevoelsmatig zou ik je wel begrijpen maar puur rationeel is het geen meningsverschil maar een feit.
Paul: Neen, ik dacht niet dat je een giraf was Eva: Waarom niet?
Paul: Omdat je geen giraf bent
Eva: Neen, want ik ben een koningspinguïn
- 23 -


Paul: Neen, je bent ook geen pinguïn...
Eva: koningspinguïn
Paul: ...en ook geen giraf
Eva: (lacht) Nou, je moet wel kiezen
Paul: Maar je bent geen giraf en geen pinguï.... Eva: koningspinguïn
Paul: en geen koningspinguïn!
Eva: Ja natuurlijk ben ik niet beide en ben ik alleen maar een koningspinguïn. Het is ook te absurd dat ik zowel een giraf als koningspinguïn zou zijn. Dat is biologisch gezien niet mogelijk. Die twee leven ook helemaal niet dicht bij elkaar. Dus het is nogal logisch dat je ofwel een giraf bent ofwel een koningspinguïn. Het is geen kwestie van én én. Je kan bijvoorbeeld wel én een doos zijn én bruin. Die twee zaken kan je beide zijn, maar je kan toch ook helemaal geen bij en een theekan zijn. Een bij kan wel op een theekan zitten zowel letterlijk een bij die op een theekan zit of de afbeelding van een bij kan erop staan of de theepot kan in de vorm van een bij zijn en dan zeg je: ‘Ah, die theepot lijkt op een bij’, maar
- 24 -


niemand zal ooit zeggen tegen die theepot: ‘Jij bent een bij’. Dat kan gewoonweg niet
Paul: (schreeuwt) Je bent geen koningspinguïn Eva: Jij ook niet
Paul: (verbaasd) Maar ik heb toch nooit gezegd dat ik een koningspinguïn ben
Eva: Neen, dat is waar
Een ijsbeer wandelt op, gunt ze alletwee een blik om vervolgens weer af te gaan.
Eva kijkt beschuldigend naar Paul en gaat dan af. Paul blijft alleen achter
- 25 -


26


- 27 -


Een twijfel over het belang van de zaken
Waar gaat dit naartoe Wat te doen nu?
Nu de kern al gezegd is, blijft er enkel ruimte voor gezwets. Staren is sublimiteit.
Een herhaling.
In dat staren is een rust te vinden en daarbij ook een nutteloosheid. Een economische laissez-faire. We zien wel wat er gaat gebeuren. Niets gebeurt er. Daarom is het gerechtvaardigd. De nutteloosheid van het staren rechtvaardigt zichzelf omwille van zijn nutteloosheid. Het is een doordenker maar ik geloof erin.
De lente blijft bestaan ondanks alles. Er is een lente zonder banken. Er is een lente zonder cafés. Er is een lente zonder Trump. Er is een lente zonder eenzaamheid. Er is een lente appeltaart. Er is een lente zonder liefde. Er is een lente zonder spaarrekeningen. Er is een lente zonder seks. Er is een lente zonder dromen. Er is een lente zonder willen. Er is een lente zonder zweten. Er is een lente zonder bureaucratie. Er is een lente zonder nieuwe sofa’s. Er is een lente zonder IKEA. Er is een lente zonder school. Er is een lente zonder doden. Er is een lente zonder geboortes. Er is een lente. Immer.
- 28 -


In de eeuwige zoektocht naar het belang van zaken, naar de kern van ons bestaan, naar de drive, naar de ziel van de mens, zal er altijd de lente zijn. De lente omgeven door poppetjes en structuren die vaak schijnbaar belangrijk zijn. Het gaat toch voorbij.
“Let us not waste our time in idle discourse! Let us do something, while we have the chance....at this place, at this moment of time, all mankind is us, whether we like it or not.
Let us make the most of it before it is too late! Let us represent worthily for once the foul brood to which a cruel fate consigned us!
What do you say?” – Vladimir (Waiting for Godot, Beckett
- 29 -


Het paralyseert
Het paralyseert.
Ik dacht dat ik ermee kon omgaan. Met dit alles.
Ik dacht rust te kunnen vinden in het zinloze.
Ik heb mezelf voorgelogen zoals een clown die goochelaar wil zijn.
Blijven lachen tot het besef dat er uit je hoed nooit een konijn zal komen.
Al de passie die ik vroeger had - voor welk doel dan ook - lijkt te zijn geslonken als ijs voor de zon. Ik blijf over als een mager hoorntje dat niemand wil eten omdat het te sompig is geworden.
Ik benijd de IQ-lozen omdat zij werkelijk eeuwig kunnen staren.
Alles wordt banaal. Alles kan zomaar weggegooid worden.
Bij elke vraag kan ik mijn schouders ophalen.
Het gevaar schuilt hem in de onverschilligheid wiens fruit ik nu wellustig aan het eten ben.
Zouden goden zich ook ooit zo voelen in al hun eeuwigheid?
Mijn mondhoeken krullen langzamerhand meer naar beneden en voor een trieste clown wil niemand betalen dus wat te doen? Dus wat te doen? Wat te doen...
- 30 -


Alles glipt me uit de handen en de natuur lacht me uit in al zijn sublimiteit. Want hier zit ik en daar zit zij. Zij omringt me maar kan ik nooit vatten nog aanraken en de schoonheid van die platonische relatie zie ik even niet. Ik zit vol huidhonger.
Mijn ogen voedden me niet meer en om boomknuffelaar te worden veroordeel ik teveel. Wat te doen?
Ik snak naar het zweet van mezelf en de ander. Ik zou het kunnen drinken. Misschien is dat wat de goden doen, bekers vol menselijk zweet drinken. Hun ambrozijn, ons zweet.
Datgene dat de mensheid en ikzelf tot nu toe sublimiteit heb genoemd, is een leugen lijkt het nu. De schoonheid en het gevaar bestaat misschien enkel bij de gratie dat ik me vrij mag bewegen. Anders is het een nar die me uitlacht en een kabouter die me onophoudelijk uitholt van binnenuit.
Het paralyseert me.
Ik snak naar lichamen.
Ik snak naar lichaamsvocht.
Ik snak ernaar mijn tong over iemand zijn gezicht te rollen en te bijten in een naakt lichaamsdeel tot mijn tandafdrukken erin staan. Getatoeëerd voor kort.
Ik snak ernaar mijn vingers in de flanken van een corpulente dame te zetten.
- 31 -


32


ik wil u iets anders geven dan wat ik al gegeven heb ik wil het met u delen omdat ik het met u wil delen
het is wat goor soms soms wat tragisch enfin, het kan dus alle kanten uitgaan maar ik noem het toch vooral pornopoëzie*
*u mag erbij huilen als u dat voelt
- 33 -


PORNO POËZIE
- 34 -


- Zoenen -
Ik zoek de hele nacht - zoals alle nachten, vaak ook dagen - naar mannen om te kussen
Meestal vind ik ze wel
Soms komt er één naar me toe Hoef ik minder moeite te doen
Zij vragen naar de grootte van mijn penis
Terwijl ik me afvraag hoe diep ze hun tong in mij zouden steken
Of ze eerder vissen of hagedissen zijn Bijters of likkers
Naast of in m’n mond speeksel achterlaten
Het deert me vaak niet zo veel
Zo lang er maar lippen zijn die elkaar raken
Om dit gedeelte niet vroegtijdig af te breken Doe ik vaak mijn beide broeken naar beneden Altijd de zijne
- 35 -


Het doet alles wat langer duren, of korter, hangt af van het perspectief
De bedankingen op het einde zijn te hoerig Voor het geld dat ik niet krijg
- 36 -


- Gezondheid -
Weet je nog toen we speelden van verstoppertje Mijn neus paste perfect in uw gleufje
Je giechelde bij het optrekken van mijn neusvleugels
Als een specht boorde ik zachtjes in je ondergrondse grot
Jij bracht een ode aan Woody Woodpecker
Je lichaam verstarde toen ik die ene keer niesde Je gleufje duwde mijn neusje er uit Geëxcommuniceerd voor het leven
Hulpgroepen voor deze gevallen zijn slecht georganiseerd
Neus zoekt huis advertentie worden niet begrepen Dus leef ik een leven vol spijt
- 37 -


- Likkepot –
We moeten vaststellen dat
als je me prikt
ik ineenklap als een ballon
en al mijn kaarsvet op de grond zal druppen
Gij raapt de stukjes latex van de grond en ik begin te schrapen
want kaarsvet plakt
Ge kijkt naar uw handen
en die rotzooi zit vast aan u
alsof het een metafoor is voor mijn ziel die aan u kleeft
maar dit gaat misschien te ver
Uitdagend steek je vinger per vinger in je mond
Stoeipoes die je bent
Likkepot eerste klas
En ik blijf maar schrapen en gij blijft vingers in uw mond steken
Tot we beide kotsen van de wansmakelijkheid die van de muren druipt
- 38 -


De vloer wordt smeriger en onze relatie ook
Ik weet niet zeker wat het inhoudt maar ’t is vies. Goor. Lelijk. Banaal.
Jakkeba.
Ge kokhalst niet meer en veegt uw mond af met uw haar
Ge denkt dat dit sexy is en ik stem hiermee in.
Terwijl brokjes aan de toppen van uw haar bengelen
wandel je door het maanlandschap naar me Ge steekt mijn vingers in uw mond
en ge krimpt ineen als een ballon
Ik vang uw kaarsvet op en bewaar die in een potje.
- 39 -


- naamloos –
De laatste tijd doet porno het niet meer voor mij
Om het over een andere boeg te gooien
besloot ik mezelf te betasten met enkel een beeld van jou
in m’n hoofd
groepsomkleedzwemcabine
Soms verdrongen andere prikkels dat ene beeld maar
telkens bleef je overeind
je verdreef de rest
op het einde van de rit voelde ik weer meer dan enkel het verlaten van spermacellen
Enkel jouw beeld laat me uithijgen
Vanaf nu bevuil ik dat beeld als een soort afkicktraining
waarvan ik weet nooit te zullen beroofd worden en altijd te huilen nadien
ik wist niet dat ik intriest kon klaarkomen
- 40 -


- 41 -


Paul: snap jij het nog?
Eva: ik weet het niet meer. Wacht ik doe nog een poging
Paul: en nu?
Eva: misschien morgen. Morgen is vaak een betere tijd om het te snappen. Vandaag is vaak te ijdel
Paul: Ik denk dat ik het voor eerst met je eens ben Eva: olala, we hebben een unicum hier
Paul: ja het voelt ook wat vreemd aan
Eva: wil je neuken?
Paul: en ik ben je alweer verloren
Eva: door al die porno. Geen goesting gekregen?
Paul: er gebeurt onderaan helemaal niets
Eva: ben je voor de mannen misschien? Dat kan ook de reden zijn
Paul: ik ben niet voor de mannen. Het ligt gewoon aan jou
Eva: gewoon aan mij? Dat is recht door zee
- 42 -


Paul: morgen ga je het wel snappen
- 43 -


Eva: ik snap het nog steeds niet Paul: morgen ga je het wel snappen
- 44 -


Eva: Dag drie en ik snap het nog steeds niet Paul: morgen ga je het zeker snappen
- 45 -


Eva: helemaal niets
Paul: morgen komt het wel
- 46 -


Eva: ik snap het
- 47 -


...denk ik
- 48 -


Het was allemaal al gezegd Snel
In het begin
Hopelijk had je het door De rest bleek bullshit Maar het is mijn bullshit En dat troost me
We naderen het einde.
Ik geef jullie een tussenverhaal.
Vooraleer de komst van de parabel van de epiloog die een proloog hoopt te zijn.
Het is een stukje ziel van me. Daar drinken we op.
- 49 -


Hoe duiven mij altijd weten te vinden ondanks
de grote problematiek van het leven
50


Click to View FlipBook Version
Previous Book
Matematik
Next Book
DEAR MR KILMER