1 Omgaan met over-de-top gedrag Jaargang 43 • Nummer 2 2023 EMOTIE RAGE niet hetzelfde als agressie Nieuwe inzichten: Socialisatie Symposium Euthanasie bij honden met gedragsproblemen PERSONEELSBELEID Instructeurs zijn goud waard! Frustratie voorkomen of ontladen Seminar Wolf-hondvergelijkingen hond-mensrelatie OPLEIDINGEN Onze Academie is ‘net anders’ omdat we alles in één geheel zien. Opvoeding en training van honden is belangrijk, maar kan ook ‘net anders’. We hebben oog voor het welzijn van de hond met ondersteuning van massage, aromatherapie, fytotherapie en andere complementaire benaderingen. Je krijgt de ‘full package’ mee in de opleiding. We geven onze HondenGedragsExperten en HondenCoachen vele tools mee waarmee ze aan de slag kunnen, zo nemen we ook de voeding mee onder de loep. Je bent wat je eet gaat ook bij honden op. Onze Zen4AllDogs Academie is een erkend opleidingcentrum voor Kort Beroepsonderwijs en CRKBO geregistreerd. Zen4AllDogs Academie BeNe www.zen4alldogs.be 0032 476 50 58 78 Zen4AllDogs advertentie 1 pag.indd 1 Omslag juni 2023.indd 1 06-06-2023 09:03 12-06-2023 09:27
3 Beste leden, Nu de dagen weer warmer worden, lopen de emoties vaker en sneller hoog op. Laat RAGE, een ‘hete’ emotie, nu nét een van de items zijn in dit zomernummer; onder andere in deel 8 over de emotionele (hersen)systemen, wederom deskundig beschreven door Regine Voort. Ja, Panksepp is hot! Jullie zijn nog niet van hem af. Goede kennis over emoties bij hond én mens zijn onmisbaar voor de moderne instructeur. De manier waarop wij honden trainen en opvoeden zegt óók meer over onszelf dan we ons vaak realiseren. Waarom doen we eigenlijk zoals we doen? Waar komt het vandaan? Waarom kiest de een nog als vanzelfsprekend voor een straffende opvoeding – onder het mom ‘straf hoort bij het leven’ –, terwijl de ander dit verafschuwt? Items die ik tegenwoordig bij mijn cliënten, in de hondengedragstherapie, meer aanhaal dan vroeger, en die ik soms juist – even – bewust vermijd. Want niet alleen die van de hond, maar óók de gevoelens van cliënten/cursisten én instructeurs doen ertoe. De meesten hebben het goed met honden én mensen voor, maar soms kan het toch gebeuren dat een positief trainende instructeur/gedragstherapeut cursisten of medeinstructeurs afblaft ... Vaak speelt onderliggende frustratie stiekem een rol. Is de cultuur binnen jouw hondenschool of vereniging dan veilig genoeg om je emoties en eventuele worstelingen te benoemen? Onlangs sprak Hans Schnock hierover tijdens zijn boeiende lezing voor O&O. Je leest het ook in zijn artikelenreeks, waarvan deel 1 in dit nummer. Anita Kiers woonde het symposium met het pittige thema ‘Euthanasie bij honden met gedragsproblemen’ voor ons bij. Natuurlijk hebben we ook luchtigere kost: je vind ook praktische handvatten; het eerste deel van Oud versus nieuw door Elian Hattinga; verslagen van seminars door Iris Lammers en lovende boekbesprekingen. Boeken waarvan ik zeker weet dat ze op jullie verlanglijstje komen! Veel leesplezier! PS houd het hoofd en de hond koel. Hanneke Reitsma Hoofdredacteur LosVast Voorwoord
5 hét vakblad voor hondeninstructeurs, -trainers en -opvoeders Een uitgave van O&O (hondenopvoeding.nl) INHOUD Jaargang 43 Nummer 2 2023 3 Voorwoord 6 Emoties, RAGE 12 Doggo Seminar, Zsófia Virányi, deel 1 18 Boekbespreking, Waar heeft mijn hond pijn? 21 In Memoriam: Gerrit Post 22 Tinley-symposium, Euthanasie 28 Personeelsbeleid, deel 1 32 Column, Hondje 34 Webinar Jean Donaldson, Predatiegedrag 38 Halsband of tuig? 42 Vroeger en nu, deel 1 Socialisatie 48 Interview, Krisje Moens 50 Helpt castratie ...? Hét vakblad voor hondeninstructeurs, -trainers en -opvoeders Een uitgave van O&O (hondenopvoeding.nl) Coverfoto: Shutterstock 12 6 50 38 56 Agressie vanuit frustratie 61 Boekbespreking, Dogs in Translation 64 Doggo Seminar, Zsófia Virányi, deel 2 68 Verenigingsnieuws 70 Colofon
7 frustratie, in sterke mate voelt het als onbedwingbare woede, iets kapot willen maken – zo beschrijven proefpersonen het die via elektrostimulatie hun RAGE-gebied geactiveerd kregen. RAGE kan in verschillende maten van heftigheid worden geactiveerd, afhankelijk van de mate van opwinding die erbij komt kijken. RAGE in zijn sterkste vorm, woede of razernij, is heftig en een hond kan niet lang in zo’n toestand van RAGE blijven. Lichtere gradaties van RAGE zoals irritatie en frustratie kunnen wel langer aanhouden, en zelfs sluimerend aanwezig blijven. Hormonen Anders dan wat vaak wordt gedacht is testosteron niet per se sterk van invloed op de activatie van RAGE. Testosteron speelt wel een enorme rol bij agressie tussen reuen, maar dat hangt eerder samen met het LUST-systeem. Volgens sommigen is hier zelfs sprake van een aparte kernemotie, naast de door Panksepp onderscheiden zeven. Veranderingen in de hormoonhuishouding kunnen agressie versterken: denk aan diersoorten waarbij de mannetjes vechten om een kudde vrouwtjes te dekken – maar alleen in de periode dat zij vruchtbaar zijn. Vrouwelijke dieren ontwikkelen een versterkt potentieel voor agressie - vanuit CARE - als ze moeder worden om hun jongen te kunnen verdedigen. RAGE maakt dat een berin woest haar jongen verdedigt tegen een veel grotere en sterkere mannetjesbeer. RAGE is niet hetzelfde als agressie: het één is een primaire emotie, het ander is een gedragsuiting. Wanneer RAGE is geactiveerd kan dit wel leiden tot agressie, ook in combinatie met de andere emotionele systemen: samen met SEEKING (door opwinding), met FEAR (niet aan iets beangstigends kunnen ontsnappen) of met CARE (bij de verdediging van jongen of anderen). RAGE is, als alle kernemoties, in aanleg functioneel. RAGE speelt een belangrijke rol bij competitie om eten, territoria, seksuele partner: alles dat voor een dier een waarde vertegenwoordigt. Het komt daarbij vooral op als gevolg van frustratie als een dier niet kan krijgen wat hij wil. RAGE is een ‘hete’ emotie, we spreken niet voor niets van ‘koken van woede’. De lichaamstemperatuur stijgt, de spieren worden beter doorbloed, de hartslag en de bloeddruk stijgen: het lichaam maakt zich klaar voor een offensieve of defensieve aanval. Agressie is dus een gedragsuiting en deze wordt beïnvloed door leren. Waar activatie van RAGE onprettig aanvoelt, kan de agressie die daarbij optreedt, of het gevolg ervan is, wél met positieve emoties gepaard gaan; denk aan ontlading, opluchting of een winnaarsgevoel. Een hond die agressie met succes inzet, zal dit waarschijnlijk in soortgelijke situaties daarom weer doen. Het agressieve gedrag is dan het middel tot een doel. RAGE - gradaties RAGE is heftig voor degene die het ondergaat, en onaangenaam, en het kan een gevaar opleveren voor de omgeving. RAGE in lichte mate voelt als RAGE Deel 8: RAGE Emoties bij honden en andere dieren Door: Regine Voort Vanaf LosVast nummer 2 van 2022 doen we verslag van een zeer uitgebreide cursus van Karolina Westlund over emoties bij dieren. De cursus behandelt de door neurowetenschapper Jaak Panksepp onderkende emotionele (hersen)systemen: CARE, GRIEF, PLAY, LUST, FEAR, RAGE EN SEEKING. In dit nummer gaat het over RAGE (woede). RAGE behoort net als FEAR, waar het mee kan samenhangen, en GRIEF tot de onaangename emoties.
8 Er is een onmiskenbare erfelijke component in de neiging tot agressief gedrag. Bij ratten kun je in 5-6 generaties een duidelijk agressievere stam fokken. Dit aspect ontkennen doet het niet verdwijnen … Doelbewust Dieren kunnen ook doelbewust agressie inzetten; ze hebben geleerd om in een bepaalde situatie agressief te worden omdat zij hier eerder succes mee hebben gehad. Honden hebben bijvoorbeeld geleerd andere honden of mensen weg te dreigen. Opluchting is immers een heel fijn en sterk bekrachtigend gevoel. Met zo’n hond is het zaak hem andere, meer sociaal acceptabele manieren van conflictvermijding te leren, of zijn emotionele staat zo te veranderen dat hij de mensen of honden niet meer wil verjagen. De rol van opwinding en triggers Hoe een dier van een rustige toestand naar een aanval gaat kun je in een drempelmodel (‘threshold’) weergeven: Vanuit een neutrale toestand zorgt een gebeurtenis ervoor dat een dier in toenemende mate opgewonden en ongerust raakt, zodat hij over de drempel van angst gaat (gele vlak). Als er verder niets bijzonders gebeurt kan hij weer terugzakken in een neutrale, tevreden toestand, maar als de prikkel sterker wordt, of er komt nog een andere prikkel bij terwijl hij nog angstig is, gaat hij over een drempel naar een toestand van agressie: Winnen kan ook een testosteron-rush geven; dit gebeurt ook bij mensen in het geval van competitiesporten of militaire training. Er zijn veel neurotransmitters en hormonen betrokken bij RAGE, onder andere glutamaat, noradrenaline, substance P en vele andere. Adrenaline is niet primair betrokken bij RAGE, maar wél bij FEAR. Woede kanaliseren Van mensen kennen we veel door agressie gekenmerkte emotionele staten, waar ook sociaal leren en overdenken bij betrokken zijn. Mensen kunnen hun woede tot op zekere hoogte kanaliseren en het ombuigen naar gedrag dat sociaal meer geaccepteerd wordt dan erop slaan. Denk aan sarcasme, afgunst en vergelding of anderen de schuld geven. Mensen kunnen hun woede tot op zekere hoogte kanaliseren Andere dieren hebben, voor zover we nu weten, minder dan mensen de mogelijkheid tot reflectie – het overdenken van hun boosheid. Maar zij zijn niet altijd blind in hun woede: zo reageren geïrriteerde of gefrustreerde apen zich wel af op apen bij wie ze dat durven (‘ranglagere’ volgens Karolina), maar veel minder op apen die te stoer en te sterk voor ze zijn (‘ranghogere’). Honden kunnen ook, als de tegenstander te gevaarlijk is of als ze er niet bij kunnen komen, hun frustratie afreageren op een ander doelwit in hun nabijheid: redirectie-agressie, soms ook omgebogen agressie genoemd.
12 Het is fantastisch hoe honden met ons kunnen samenleven, ondanks dat we vaak veel lichaamstaal missen.
13 dezelfde ervaringen opdoen vanaf hun vroegste jeugd. De gedachte hierachter is dat je op deze manier echt de nature (genetisch bepaald gedrag) kunt onderzoeken, omdat de nurture (opvoeding, ervaringen) tussen beide groepen zoveel mogelijk gelijk is. Als de hondenpups en wolvenwelpen zo’n vijf maanden oud zijn, gaan ze het huis uit en worden ze in volwassen groepen geïntroduceerd. Timberwolven Alle wolven in het onderzoek zijn Amerikaanse Timberwolven. Deze zijn rustiger en stabieler dan de Europese wolven. Dit komt omdat de Europese wolven altijd zijn bejaagd en daardoor reactiever, schuwer en sneller geïrriteerd zijn. Alle honden zijn rasloze zwerfhonden (free-ranging dogs) van ongeveer hetzelfde formaat als de wolven, zodat ze in gemixte groepen kunnen functioneren. Uitdaging Het is een behoorlijke uitdaging om met name wolvenwelpen in huis op te voeden. Hondenpups verwijderen zich al heel jong van het nest om zich te ontlasten. Jonge wolvenwelpen doen daar geen moeite voor, die plassen gewoon waar ze op dat moment zijn. Zelfs in je bed. Het is bovendien bijna onmogelijk om te voorkomen dat er conflicten ontstaan in een huiselijke omgeving. Als een welp iets pakt en zó waardevol vindt dat hij het Zsófia Virányi is senior onderzoeker van het Messerli Research Institute, Universiteit voor Diergeneeskunde in Wenen. Als oprichter van het Clever Dog Lab en het Wolf Science Center heeft Zsófia het grootste deel van haar onderzoek gedaan naar honden en wolven, om de effecten van domesticatie op de redenering en het sociale leervermogen van honden, communicatie en samenwerking met mensen en soortgenoten te bestuderen. Veel van haar onderzoeken vinden plaats in het Wolf Science Center (WSC) in Game Park Ernstbrunn nabij Wenen. Zij richt zich vooral op de interactie tussen mens en dier door middel van het wetenschappelijk onderzoek naar gedrag, cognitie en emoties van beiden. Voor de onderzoeken maakt men naast ‘gewone’ gedragsobservatie soms ook gebruik van een warmtecamera, fMRI (locatie van hersenactiviteit), het meten van hormonen (cortisol, oxytocine) en hartritme, en het volgen van oogbewegingen met een infrarode straal om precies te zien waar het subject naar kijkt. Overeenkomsten en verschillen Haar onderzoek richt zich met name op de overeenkomsten en verschillen tussen met de hand opgevoede wolven en op precies dezelfde manier opgevoede honden. Bij dit onderzoek worden de jonge dieren op de leeftijd van ongeveer tien dagen bij hun moeder weggehaald en vervolgens liefdevol in huis opgevoed, zodat ze precies Doggo Seminar - 1 Doggo Seminar - 1 Zsófia Virányi: Wolf-hondvergelijkingen, domesticatie en nog veel meer! Door: Iris Lammers Eindelijk, na vier jaar was er weer een seminar van Doggo! Twee dagen lang genieten van de Hongaarse Zsófia Virányi. Zij besprak een veelvoud aan onderwerpen; van wolf-hondvergelijkingen, domesticatie tot de hond in de stad. We bespreken de meest opvallende onderzoeken en vanwege de omvang doen we dat in twee delen. Deel twee vind je verderop in dit nummer.
14 ranging honden voor tot wel 70% uit menselijke ontlasting kan bestaan. (Wat wellicht vooral door gebrek aan ander voedsel komt? Red.). Hebben mensen uit een wolvennest tóch de minst bange welpen genomen? Een ander interessant inzicht is dat mens en wolf/hond samen zijn geëvolueerd en dat de jager/verzamelaar-mens nooit zo succesvol was geworden zonder deze samenwerking (co-evolutie). Een aanname is zelfs, dat de wolf zoveel beter was in het waarnemen van geur dat de mens dat zintuig zelf niet meer zo nodig had, en daarom anatomisch zo veranderde dat spraak mogelijk werd. Van gedrag tot uiterlijk De eerste stappen in de domesticatie zijn nooit verschillen in lichaamsbouw (morfologie) maar gedragsmatig. Dát kun je dus niet zien aan archeologische vondsten zoals beenderen en schedels. Toch blijkt uit het zilvervossen-domesticatieproject van Belyaev, dat er relatief snel morfologische veranderingen zichtbaar worden als er generatieslang uitsluitend op tamheid wordt geselecteerd. Overigens zijn er wel wat kanttekeningen te plaatsen bij dit bekende vossenproject, zo geeft ook Zsófia aan. Ze eindigt met het gegeven dat domesticatie nog niet is gestopt, getuige ook de vraag naar vooral heel ‘menselijke’ types honden – denk aan de Mopshond en Franse Bulldog. Overeenkomsten en verschillen Zo’n 80% van de wereldwijde hondenpopulatie leeft niet in huis bij de mens, maar op straat. De honden die voor de testen werden gebruikt stammen af van diverse op straat leven populaties. Het onderzoek naar hoe het gedrag van hondengroepen verschillen van wolvenroedels kan ons helpen beoordelen hoe effectief bepaalde trainingsmethoden en -inzichten zijn. niet wil ruilen voor iets anders, is het erg moeilijk om niet in te grijpen. Domesticatie Na deze inleiding besprak Zsófia domesticatie; hoe werd de Grey Wolf ooit tot hond? Omdat dit onderwerp in de afgelopen items van LosVast al meermaals aan bod kwam, halen we dit onderwerp hier verkort aan. Uit de hoeveelheid mutaties die diersoorten hebben doorgemaakt, kun je opmaken hoe lang geleden de diersoorten uit elkaar zijn gegaan. Bij de wolf en hond is dat zo’n 140.000 jaar geleden. Ter vergelijking, wolf en coyote hadden hun laatste gemeenschappelijke voorouders zo’n 1 tot 2 miljoen jaar geleden. Ondanks dat hond en wolf dus genetisch nog zó dicht bij elkaar staan, wordt een in huis opgevoede wolf nooit een hond. Waar is domesticatie ontstaan? Het zou voor de hand liggen dat de domesticatie van de wolf is ontstaan in Afrika, van waaruit de mens zich over de wereld verspreid heeft. Maar wolven komen alleen in het noordelijk halfrond voor en de oudste vondst van een 18.000 jaar oude hondenpup was in Siberië. Het is nog steeds onderwerp van wetenschappelijk debat of er één of meerdere domesticatie-momenten en -locaties zijn geweest. Sommige zogenaamde oerrassen zijn volgens overlevering ontstaan op het zuidelijk halfrond, zoals de Saluki, Basenji en ook de Dingo. Verschillende rassen die als oerrassen worden bestempeld zijn ooit uitgestorven en zijn in de laatste eeuw teruggefokt door zorgvuldig kruisen van lookalikes. Verschillende rassen die als oerrassen worden bestempeld zijn ooit uitgestorven Hoe heeft domesticatie plaatsgevonden? Coppinger ging ervan uit dat de wolf zichzelf gedomesticeerd heeft. De wolven die uit zichzelf dichter bij de mensen durfden blijven, waren meer succesvol in het overleven dan schuwere exemplaren. Het is bewezen dat het dieet van zogenoemde free-
Omgaan met over-de-top gedrag 17 NIEUWE MODULE B Train de hond Zoals jullie al eerder in LosVast hebben kunnen lezen, is er het afgelopen jaar hard gewerkt aan het aanvullen, verbeteren en herschrijven van onze cursussen. Module B - Train de hond is een spiksplinternieuwe module die met een brede blik kijkt naar training en hondensport. De piloteditie van deze trainingsmodule is gestart op 28 februari 2023. Wanneer je onze module A - Ken de hond hebt gevolgd en daar o.a. de basiskennis over de leerprincipes hebt geleerd, kun je deze theoretische kennis in de praktijk brengen in module B - Train de hond. Op leuke en speelse wijze zul je ontdekken welke aspecten allemaal een rol spelen bij het trainen van de hond. Deze module is enerzijds ontwikkeld om de mensen die verder willen met de opleiding tot kynologisch instructeur goed voor te bereiden op de laatste module van deze opleiding, module C - Train de mens. De module C - Train de mens kan zich daardoor nog beter richten op het leren lesgeven, de groepsdynamiek en het leren hondeneigenaren/-begeleiders te helpen met hun honden in de dagelijkse praktijk. Maar daarover meer in de volgende editie van LosVast. Anderzijds is deze module ontwikkeld voor mensen die geen ambitie hebben om les te geven maar wel lekker met hun hond aan de slag willen. Een hond leert zijn hele leven lang dus is het belangrijk dat dat leren op een voor begeleider én hond veilige en prettige manier gebeurt. Je leert in de module B - Train de hond welke informatie een hond nodig heeft van zijn begeleider om te begrijpen welk gedrag hem het meeste oplevert. En wat nog belangrijker is, je leert te zien wat jóuw hond nodig heeft en op welke manieren jij hem dat kan geven. Module B - Train de hond is een trainingsmodule die bestaat uit één dag theorie en twee praktijkdagen. Deze module heeft geen examen; je krijgt na afloop een certificaat van deelname. Deelnemers die doorwillen naar module C - Train de mens, krijgen een persoonlijk advies over wat ze eventueel nog kunnen doen om uiteindelijk goed beslagen ten ijs aan de start van die module te verschijnen. De onderwerpen uit de eerdere module B (didactiek, medisch/EHBO, verantwoord bewegen en veiligheid) komen voortaan in de vernieuwde modules ‘Ken de hond’ en ‘Train de mens’ aan bod. Inschrijven? Ga op onze vernieuwde website www.hondenopvoeding.nl naar Inloggen > Mijn O&O > log in > ga naar Activiteiten en schrijf je in!
18 Bij O&O heb ik altijd geleerd: ga als kynologisch instructeur niet op de stoel van de dierenarts zitten. Daaraan houd ik mij vrij strikt. Maar de tijd van ‘doctor knows best’ is ook in de menselijke geneeskunde achter de rug. Mensen lezen zich in, duiken het internet op, op zoek naar informatie. Helaas vind je daar een hoop rotzooi. Ook in de diergeneeskunde denken eigenaren steeds actiever mee. Zie op internet het kaf maar eens van het koren te scheiden; tussen de juweeltjes aan informatie staat vooral ook heel veel rubbish. Een boek als Waar heeft mijn hond pijn?, geschreven door een dierenarts met een grote kennis van en liefde voor chiropractie, dat zij bovendien schreef met hulp van een zeer ervaren, gespecialiseerde paraveterinair (Naomi Harmer), is dan een welkom geschenk. Goede informatie kan je een betere gesprekspartner maken van de nog steeds broodnodige professional. Onderbouwing mist Met haar boek wil dr. Renee Tucker je helpen te begrijpen in welk deel van zijn lichaam je hond pijn, ongemak of ‘chiropractische subluxaties’ heeft (wat betekent ‘dat een gewricht niet goed werkt’; zelden te zien op een röntgenfoto). Na een hoofdstuk over de werking van chiropractie, komt aan de orde wanneer je chiropractie in kunt zetten en wanneer niet. Chiropractische subluxaties kunnen zich volgens de auteur in veel verschillende symptomen uiten; in gedrag, prestatie of kreupelheid. In het rijtje van mogelijke symptomen die ze opsomt staan voor de hand liggende zaken als: altijd alleen op een kant liggen en verkorte passen, maar bijvoorbeeld ook verlatingsangst. Hoewel ik haar graag geloof, mist daarbij toch wel de onderbouwing. Het boek bevat nauwelijks verwijzingen naar onderzoeken die dit soort feiten ondersteunen, terwijl er volgens haar diverse wetenschappelijke studies zijn die de werking en voordelen van chiropractie aantonen. Aan de andere kant zijn er ook nog steeds mensen die chiropractie als kwakzalverij beschouwen ... Plus mensen die denken dat de aarde plat is. Kijk dan naar de REACTIE van de HOND Je hond weet het! Gezien haar ruime ervaring als zowel dierenarts als gecertificeerd chiropractor, moeten we haar dus maar op haar woord geloven als ze zegt: ‘Als Dr. Renee Tucker Waar heeft mijn hond pijn? Door: Anita Kiers. Afbeeldingen: uit het boek Waarom draait mijn hond altijd dezelfde kant op voor hij gaat liggen? Waarom wil hij niet meer zoveel rennen en spelen als vroeger? En waarom begroet hij mij niet meer zo enthousiast? Als dit soort vragen je bezighouden, wil dierenarts en chiropractor Renee Tucker je graag helpen om vast te stellen waar het probleem vandaan komt en of het kan worden opgelost door een chiropractor, een dierenarts of dat een andere gekwalificeerde professional een betere keus is.
19 een hond duidelijker in draf “niet lekker loopt” dan in stap, bel dan eerst je dierenarts. Als je hond duidelijker in stap “niet lekker loopt” dan in draf, bel dan eerst je gecertificeerde chiropractor.’ Bovendien mag je ervan uitgaan dat een goede chiropractor het je zal zeggen als je hond een dierenarts nodig heeft. Hoe je zo’n goede chiropractor kunt vinden, legt ze uit in het vierde hoofdstuk. En als je die hebt gevonden, ‘kijk dan naar de reactie van de hond. Hij weet het!’ In hoofdstuk 4 beschrijft ze op welke signalen je bij je hond kunt letten tijdens het manipuleren door de chiropractor om te kijken of het oké is. Dan volgen 23 bodychecks: stap-voor-stapbeschrijvingen hoe je de verschillende lichaamsdelen van je hond kunt onderzoeken op pijn, ongemak, beperkte bewegingsvrijheid en andere tekenen die wijzen op subluxatie ‘en de noodzaak van een chiropractische behandeling’. Sectie 1 behandelt bodychecks van kop en hals, sectie 2 van de voorhand, 3 van de rug en 4 van de achterhand. Per onderdeel krijg je ideeën aangereikt over welke oorzaken hieraan ten grondslag kunnen liggen. Van de top 10-klachtenlijst uit Tuckers eigen praktijk heeft ze bovendien snelkaarten gemaakt die Boekbespreking
21 In memoriam Gerrit Post Op 19 april 2023, op 71 jarige leeftijd, is Gerrit Post overleden. Zijn vrouw Ineke deelde dit trieste bericht. Het gezin heeft in liefde afscheid genomen van haar mensenmaatje, vader en opa van hun kinderen en kleinkinderen. Gerrit was een familieman, een hondenman en een verenigingsman. Authentiek, standvastig, soms wat koppig en met een ouderwets tintje had hij altijd het beste met mensen en honden voor. Gerrit en Ineke hebben samen een variëteit aan honden gehad in een periode waarin de ontwikkelingen op het gebied van opvoeden en trainen van honden elkaar snel opvolgden. Nieuwsgierig naar al dit nieuws, wel graag wetenschappelijk onderbouwd, werd er veel tijd geïnvesteerd om kennis en ideeën te doorgronden. En niet alleen ten behoeve van de eigen honden: alles werd ook gedeeld binnen de verschillende verenigingen waar Gerrit actief was. Wat heeft Gerrit voor alle leden van O&O betekend? In LosVast nummer 2 van het jaar 2011 wordt Gerrit voor het eerst genoemd als penningmeester van onze vereniging. Deze functie heeft hij negen jaren vervuld. Voor de leden is het penningmeesterschap, behalve bij het innen van de lidmaatschapsgelden, wellicht niet altijd zichtbaar, maar als hoofdredacteur van LosVast kwam Gerrit vier keer per jaar bij de leden ‘op de mat vallen’. Het redacteurschap vervulde hij met veel plezier en aandacht voor detail vanaf het najaar van 2014. LosVast geeft ieder lid de kans om wetenschappelijk onderbouwde kennis, praktische tips en leuke ideeën voor de instructeur, te vergaren. Hierdoor is het mogelijk, zowel de omgang met de eigen hond als de inhoud van aangeboden lessen, te laten aansluiten bij de laatste ontwikkelingen van deze tijd. Het laatste, door Gerrit verzorgde nummer, was editie 2 van 2020, het jubileumnummer ter ere van het 40-jarig bestaan. 23 keer verzorgde Gerrit, als spin in het web, ondersteund door de redactieleden, ons blad van formaat, de trots van O&O. In zijn functie van hoofdredacteur van LosVast kwamen de kwaliteiten van Gerrit voor onze vereniging op een prachtige manier samen. Wij zijn dankbaar voor alle tijd, liefde en energie die hij aan O&O heeft gegeven en wensen Ineke en het gezin veel sterkte in deze verdrietige tijd.
Tinley-symposium over emotioneel beladen onderwerp Euthanasie bij honden met gedragsproblemen Door: Anita Kiers 22
23 Een paar maanden geleden was er een zéér ernstig bijtincident in een dierenopvangcentrum in Vlaardingen. Een hond had zich van zijn muilkorf weten te ontdoen en een medewerker dusdanig gebeten dat deze met een traumahelikopter richting ziekenhuis moest. Gruwelijk! Maar wat ik ook indrukwekkend vond, is dat de beheerder van dat asiel er begrip voor vroeg dat ze de hond hadden geëuthanaseerd. Huh? Bedreiging en intimidatie Jan Publiek vindt overal wat van, dus al helemaal van euthanasie bij gedragsproblemen. In de inleiding van de syllabus bij het symposium schetst Tinley-directeur Debbie Rijnders een aantal feiten die de huidige tijdsgeest nog maar weer eens weergeven. Bijvoorbeeld dat asielen, dierenartsen en gedragstherapeuten soms niet durven te denken in het belang van de hond, maar hun beslissing om wel of niet te euthanaseren bij gedragsproblemen (mede) baseren op welke consequenties er voor henzelf aan zitten. Dat er bedreigingen en stemmingmakerij op de sociale media rondgaan door mensen die zich vooral laten leiden door emotie en niet door kennis. En dat de gevolgen groot kunnen zijn. Bijvoorbeeld honden die de rest van hun leven tot verblijf in het asiel veroordeeld zijn omdat dat niet durft over te gaan tot euthanasie. Dat asiels geen plaats meer kunnen bieden aan honden met agressieproblematiek, waardoor het dier mogelijk nog meer schade kan toebrengen. Of ... wordt gedumpt. Tinley-symposium Het is een onderwerp dat met veel emoties is omkleed. Geweldig dat Tinley het initiatief nam om het er tijdens het symposium Euthanasie bij honden met gedragsproblemen ronduit en openlijk over te hebben! ‘Hoe kunnen we ervoor zorgen dat we altijd en alleen handelen in het belang van de hond en zijn of haar directe leefomgeving? Hoe voorkomen we dat we ons in de besluitvoering laten beïnvloeden door bedreiging en intimidatie door derden?’, schreef Debbie in haar inleiding. Onder het bezielende dagvoorzitterschap van gedragsdeskundig dierenarts Margit Bossard durfden velen op 29 maart te zeggen wat er toch echt gezegd moet worden over euthanasie bij gedragsproblemen. En er werd een mooie eerste stap gezet! Hieronder een korte weergave van een tweetal bijdragen tijdens deze dag. Herplaatsbaarheid nihil Gedragstherapeut Majori Meijer werkt al zo’n 25 jaar bij het grootste asiel van Nederland: Dierenopvang Amsterdam (DOA). Een asiel is wettelijk verplicht om gevonden zwerfdieren op te nemen en heeft dan 14 dagen de tijd om actief te achterhalen wie de eigenaar is. Lukt het niet, dan mag het asiel het dier herplaatsen. Ook komen er afstandshonden en -katten naar de DOA, mits plaatsbaar. Zo niet, dan is het asiel niet verplicht ze op te nemen. Maar in de praktijk komen er toch regelmatig dieren binnen die ze liever niet hadden toegelaten omdat de kans op herplaatsing nihil is. Aangevuld met dieren van overleden eigenaren, dieren uit andere asielen die in die regio niet plaatsbaar zijn en dieren van opslaghouders die jaarlijks hun weg naar het asiel vinden, kun je een conclusie veilig trekken: het is er vol! ‘Daardoor is de verblijfsduur in het asiel langer en adoptie lastiger’ Het lukt steeds vaker niet Er komt dan van alles voorbij. Majori ziet steeds vaker zieke dieren, gedragsproblemen en héél
28 Tekort aan vrijwilligers Zoals gezegd zien we bij veel verenigingen een steeds groter tekort aan vrijwilligers. Als je naar de samenstelling van die groep vrijwilligers kijkt is de leeftijdsgroep boven de 40 oververtegenwoordigd en is het merendeel vrouw. Bij de hondenscholen in mijn omgeving en bij de deelnemers aan de opleiding Kynologisch Instructeur is deze verhouding ongeveer 10:1. Het gebrek aan vrijwilligers is overigens niet alleen bij kynologenverenigingen een probleem. In het Sociaal en Cultureel Rapport (Dekker e.a. 2007) laten de ontwikkelingen zich als volgt samenvatten: ‘Nederland vergrijst, studeert, individualiseert en krijgt kleur’. Een uitdagende markt Het feit dat er zowel commerciële hondenscholen als ook verenigingen naast elkaar in de markt opereren zorgt voor een uitdagende markt. Verenigingen werken veelal met vrijwilligers en beschikken niet zelden over door gemeentes gesubsidieerde terreinen. Hierdoor zijn ze in staat tegen lage tarieven cursussen aan te bieden op mooie locaties. Steeds vaker beschikken ze ook over prima opgeleide instructeurs. Zie hier maar eens tegen op te boksen als commerciële hondenschool. Beide groepen (verenigingen en commerciële hondenscholen) hebben ‘last’ van elkaar. Verenigingen kunnen steeds moeilijker aan vrijwilligers komen en de commerciële scholen worden geremd in het vragen van winstgevende tarieven. Deel 1, instructeurs behouden Personeelsbeleid op de hondenschool of vereniging Door: Hans Schnock De kop klinkt wellicht wat zakelijk, maar dit artikel is wel essentieel. Er lijkt een chronisch tekort aan instructeurs te zijn bij hondenscholen en met name verenigingen. Hoe kan dat? Er zijn immers ongelofelijk veel mensen gedreven om instructeur te worden. Maar, worden is wat anders dan blijven – het verloop is groot. Wat drijft mensen om instructeur te worden en waarom haken ze weer af? Hans Schnock dook erin.
29 Uit het rapport van Dekker blijkt dat evenveel mannen als vrouwen vrijwilliger zijn. Echter zijn mannen oververtegenwoordigd bij sportclubs en ruimschoots ondervertegenwoordigd in andere sectoren zoals de kynologie. Hiervoor kan ik een aantal oorzaken bedenken. Een daarvan is: mannen zijn vaak meer prestatiegericht. Toen ik lang geleden met mijn eerste honden bij een KC terechtkwam, waren de cursussen veel meer prestatiegericht. Vanaf puppyles werd je als het ware klaargestoomd richting een GG-examen. Ook pups deden deelexamens en de lessen waren daarop afgestemd. Tegenwoordig ligt de nadruk bij veel hondenscholen en KC’s veel meer op coaching en teambuilding en veel minder op prestatie. Bij de werkhonden (jacht- en politiehonden) zien we nog wél een grotere vertegenwoordiging van mannen. Personeelsbeleid Het voornaamste kapitaal van zowel verenigingen als hondenscholen zijn de mensen voor de groep. Je kunt nog zo een geweldig terrein hebben of nog zo een uitgebreid lesaanbod: zonder voldoende en goede instructeurs is het einde oefening. Daarom verbaast het me dat in heel veel verenigingen zo weinig aandacht is voor personeelsbeleid. In mijn ogen zou het een belangrijke bestuursfunctie moeten zijn. Hoe werf ik nieuwe mensen en nog belangrijker: hoe houd ik bestaande mensen binnen én gemotiveerd? Zonder VOLDOENDE en goede instructeurs is het EINDE oefening Motivatiefactoren Laten we nu eens kijken naar wat mensen drijft om instructeur te worden. Eén van de belangrijkste stromingen op het gebied van motivatie is de functionele benadering (Clary, e.a. 1998). Clary onderscheidt daarin onderstaande factoren die van belang zijn: Carrièregerichte motieven Primair: een financiële beloning. Daarnaast biedt werk kansen om ervaring op te doen die een toekomstige (betaalde) carrière bevorderen, of een opstap zijn naar een eigen onderneming. Normatieve motieven Als instructeur in staat zijn om je eigen normen en waarden over het opvoeden en trainen over te dragen op anderen. De boodschap die moderne hondenscholen nu aan hun cursisten meegeven wijkt enorm af van die van pakweg twintig jaar geleden. Het uitdragen van deze nieuwe inzichten kan een belangrijke motivator zijn om les te gaan of blijven geven. Sociale motieven Uitbreiden van sociale contacten en kans om in activiteiten mee te doen die een belangrijke betekenis hebben voor anderen. Leermotieven Kans om nieuwe leerervaringen op te doen om zo bestaande kennis en vaardigheden te vergroten. Kwaliteitsmotieven Het werk biedt kansen voor persoonlijke groei en een hoger zelfbeeld (en daarmee een verhoogde levenskwaliteit). Beschermingsmotieven Het werk biedt een gelegenheid om onaangename omstandigheden (slechte gezondheid, sores thuis of op het werk) of negatieve gevoelens te ontlopen. Het dient als het ware als afleiding. Motieven dynamisch Elk individu kent een eigen mix van beweegredenen. Kennis van de individuele beweegredenen is een belangrijke voorwaarde voor het managen – en dus behouden – van de motivatie! In de praktijk zie ik dat, als er al aandacht wordt besteed aan motieven, dit met name gebeurt bij het werven van nieuwe mensen. Men gaat ervan uit dat de motieven altijd hetzelfde blijven, maar dat is een misvatting. Motieven zijn vaak dynamisch van aard. Om een voorbeeld te noemen: ik heb een stagiaire gehad die als belangrijkste motief het Kwaliteitsmotief had. Ze wilde graag assertiever worden en meer zelfverzekerd voor Personeelsbeleid
HONDJE is er overduidelijk eentje uit RASGROEP 6 32
Omgaan met over-de-top gedrag 33 Column Hondje Door: Hanneke Reitsma Mijn dochter heeft al jaren een zwak voor Beagles. Ooit wil ze er een, blijft ze zeggen. Waarom toch, vraag ik me af. Heb ik iets niet goed gedaan? Is ze niet goed genoeg ingeprent op onze eigen rasgroep 5-honden? Onze Malamutes en IJslandse honden hebben haar toch vanaf haar geboorte altijd met liefde omringd? Maar nee hoor, een Beagle. Ja natuurlijk, leuke en blije honden, maar in alles het tegenovergestelde van spitsen en oertypes. Onlangs is ze gaan samenwonen. Vandaag moest ik even in haar slaapkamer zijn. Ineens viel mijn oog op het kleine badstoffen hondje, onder in haar kast. Toen snapte ik het ... HET IS ZIJN SCHULD! Vanaf haar geboorte heeft HIJ bij haar in haar bedje gelegen. HIJ ging mee met logeerpartijtjes en op vakanties. HIJ was er altijd. Niet de liefste en knuffeligste Malamannen of de oertrouwe IJsco-dames, maar Hondje. Zelf gekocht notabene, toen ik nét zwanger was. Zo zie je maar wat hormonen met je doen. Eigenlijk was ik hem vergeten; de laatste jaren liet hij zich niet meer zien. Hondje is er overduidelijk eentje uit Rasgroep 6: grote flaporen, iets droeve oogjes en bonte tekening, zoals veel Beagles. Ook nog zo’n fier rechtopstaand staartje met witte staartpunt. En, deze is ook nog eens niet-verharend. Een gedoodlede Beagle, zijn tijd ver vooruit. Mijn gedachten gaan terug in de tijd. Als de dag van gisteren herinner ik me dat de kraamverzorgster kwam kennismaken – bijna tweeëntwintig jaar geleden alweer. Ik was hoogzwanger, had de honden goed geborsteld, want natuurlijk waren ze juist toen vreselijk in de rui, en het huis grondig schoongemaakt. Je wil toch een goede indruk maken. Reinheid, dat soort dingen. Tijdens het gesprek aaide de kraamverzorgster aldoor achteloos mijn brave Malamutereu over de rug. De bossen haar stapelden zich achter haar hand op, dwarrelden in wolken naar beneden en bedekten meer en meer de vloer rondom hem. Yep, daar kruipt mijn lieve kleine kindje straks in rond. Dat heb je met drie poolhonden in huis: haar en zand. Héél goed voor de weerstand. Terug naar Hondje, die Beagle ... Dochterlief kwam gezellig even langs. Ze wilde ook nog wat spulletjes van huis meenemen naar haar nieuwe stekkie. Deze heb ik alvast voor haar in een tasje gedaan. Hondje heb ik snel onderin gepropt. Onbewust miste ze hém natuurlijk. Dat is dan bij deze opgelost; vanaf nu woont hij weer bij haar. Ze heeft helemaal geen echte Beagle nodig! PS Mocht er ooit een kleinkind gaan komen dan gaat oma héél zorgvuldig op zoek naar een knuffeltje voor de baby ... n Oproepje: Wil je ook een column schrijven? Over je persoonlijke ervaringen of visie met betrekking tot honden, training en opvoeding? Mail naar [email protected]
34 Foto: Marleen Verheul
Wolvenbioloog David Mech leerde ons de volgorde van gebeurtenissen als wolven jagen. Dat begint bij het zoeken naar een prooi, dan volgt stalken – waarbij de prooi sluipend wordt benaderd –, gevolgd door najagen met tot slot het doden en opeten van de prooi. Bij honden is deze jachtsequentie onvoorspelbaar geworden: de evolutionaire druk op honden is opgeheven waardoor het geen consequentie meer heeft als de volgorde niet klopt. Dus zie je allerlei rare versies en verschillen, tussen rassen maar ook tussen individuen. Geurhonden als Beagles en Coonhounds léven bijvoorbeeld voor hun neus en willen niets liever dan zoeken, zoeken, zoeken naar een prooi. Border Collies zijn sterren in stalken. Mechelaars hebben een passie voor het grijpen van en bijten in dingen. Dan heb je nog de Golden Retriever die misschien puur uit geluk een eekhoorn vangt en vervolgens geen idee heeft wat hij hiermee aan moet. En sommige honden die een prooi te pakken krijgen maken die dood. Hoewel dat hinderlijk en gevaarlijk is, betekent het vanuit de hond gezien nog steeds niet dat het abnormaal of pathologisch gedrag is. Maar vooral wanneer er sprake is van jagen, grijpen en bijten of doden, is dat erg verontrustend voor ons. Overigens wordt een hond niet gevaarlijker voor zijn mensen als hij een ander dier gedood heeft: hij ziet ze niet als ‘food item’. Overigens wordt een hond niet gevaarlijker voor zijn mensen 35 Predatie- versus agonistisch gedrag Als eerste is het belangrijk om onderscheid te maken tussen predatiegedrag – onderdeel van voedselverwervingsgedrag (emotionele hersensysteem: SEEKING, red.) en agonistisch gedrag – alle gedragingen van vluchten tot en met vechten. Het doel bij een vechtreactie is om de prikkel – de andere hond, de persoon, de kat – wég te krijgen. Laat me met rust! Blijf van mijn spullen af! Ga mijn tuin uit! Of: ga weg, je maakt me bang. (Vanuit FEAR, CARE en/of RAGE, red.) Bij predatie gaat het juist om het willen vangen, bijten, soms zelfs doden. De motivatie is dus totaal anders. En als blijkt dat de motivatie predatie is, weet je dat je dat NIET moet aanpakken met zoiets als desensibilisatie en tegenconditionering. De hond is niet boos op de kat in de straat. Hij hoeft er ook niet achter te komen dat de kat veilig is en goede dingen voorspelt. Hij is er al wild van! Spelhistorie Hoe kom je erachter wat de motivatie is als een hond aan de lijn bijvoorbeeld uitvalt naar van alles en nog wat? Is deze hond gefrustreerd omdat 35 Webinar Webinar Jean Donaldson Predatiegedrag bij honden Door: Anita Kiers. Beeld: uit presentatie Jean Donaldson Wat is het toch heerlijk dat je tegenwoordig webinars van fantastische sprekers over de hele wereld kunt volgen vanuit je eigen luie stoel! Zoals het recente webinar ‘Predatory behavior in dogs’ van niemand minder dan Jean Donaldson. Natuurlijk, je had er zelf bij moeten zijn, maar omdat je lid bent van O&O trakteren we je graag op een verslag!
36 hij geïnteresseerd is in honden, sociaal gedrag wil vertonen maar er niet bij kan? Is hij misschien nieuwsgierig en een beetje bang omdat hij niet 100% zeker is van wat daar nu zo snel beweegt? Of is hij al niet zo gek van andere honden en gaat zijn eigenaar vervolgens ook nog eens lelijk tegen hem doen als hij uitvalt – waardoor honden nóg minder leuk worden? Als het om agressie naar honden gaat, leveren de vragen ‘wat gebeurt er normaal gesproken als ze niet aangelijnd zijn?’ en ‘hoe is het spel als ze los zijn?’ je direct veel informatie op. Indien onbekend, zou je dit voorzichtig kunnen uitproberen. Uiteraard met muilkorf én een leuke ervaren, stabiele andere hond. Kijk goed wat je dan ziet gebeuren! Is hij bang voor honden? Is hij geïnteresseerd? Of supergeïnteresseerd? Wil hij spelen? Dat geeft je antwoord op de vraag of hier strikt sprake is van predatiegedrag. In het geval van katten, eekhoorntjes en dergelijke, geldt: beschouw het als predatiegedrag totdat het tegendeel is bewezen. Meestal wordt predatiegedrag als probleem geduid wanneer de hond niet meer luistert, niet komt als hij wordt geroepen in de buurt van wild. Of als hij najaagt: auto’s, fietsen, skateboards. En natuurlijk al helemaal als de hond een kleine(re) hond door elkaar heeft geschud of doodgebeten tijdens spel of in een gevecht, of een kat. Klein wil zeggen: van een zodanig formaat dat de hond hem kan optillen en door elkaar kan schudden. Strafblad Als de hond niet komt als je hem roept, of bewegende dingen najaagt, kun je zowel gaan trainen, als management toepassen. Je kunt je hond alternatief gedrag aanleren, of ervoor zorgen dat de hij niet in de buurt is als Junior zijn skateboardtrucjes doet. Maar als er sprake is van het doden van bijvoorbeeld katten of wilde beestjes, dan heb je geen andere optie dan management. Voorkom dat de hond het predatiegedrag ooit nog kan uitvoeren(!). Hetzelfde geldt voor een hond die tijdens spel of in een gevecht een kleine hond heeft geschud of gedood. Voor jou geen kleine honden meer! Ook al speelt hij vaak ook wel leuk met dit soort honden: er staat te veel op het spel en je wilt voorkomen dat deze hond een nog groter strafblad ontwikkelt. Strategieën bij predatie Oké, je weet nu dus dat de motivatie predatie is. Dan zijn er gelukkig veel strategieën die je kunt inzetten. Eén daarvan is de hond proactief verrijken met uitlaatkleppen die de jachtdrift kanaliseren. Vóór er iets gebeurt, dus ook: vóór het uitlaten. Apporteren, trekspelletjes, agility waarbij de hond aan het eind een speeltje wint, frisbee, flyball; er is genoeg te bedenken. Jeans advies: maak je high drive-hond daaraan verslaafd vóórdat hij ontdekt hoe fantastisch eekhoorntjes zijn. En, vermeldt ze maar even voor alle duidelijkheid: ten onrechte wordt vaak gezegd dat je ze aldoor kalm moet houden, maar deze adrenalineen cortisolopwekkende ‘uitlaatkleppen’ maken het predatiegedrag niet erger. Je tweede optie: in het (onwaarschijnlijke) geval dat je iets hebt dat hij minstens zo leuk vindt als jagen; leer hem zich daarop te richten. Dus gooi vooral kip, biefstuk of tennisballen in de strijd als die even waardevol zijn voor de hond. Premack recall Dan is er nog het Premack-principe waarbij je de frequentie van gedrag met een lagere waarschijnlijkheid verhoogt, door de dingen met een hoge waarde daarvan afhankelijk te maken. Je mag achter die eekhoorn aan, maar dan moet je je eerst even bij mij melden. De eekhoorn krijgt daardoor gelukkig ook een voorsprong. Je mag
38 Halsband of tuig? Fysiotherapeut verkiest halsband Tekst en foto’s: Suzanne Rhebergen Introfoto: Shutterstock Tuig moet, halsband is écht fout. Of … toch niet? Kan jij het nog volgen? In ons vorige nummer was osteopaat Martine Burgers tijdens het HIC, waarvan wij verslag deden, al wat genuanceerder. Dit keer de duidelijke mening van fysiotherapeut Victor Hoogma, waar Suzanne Rhebergen vaste klant is. Op de vloer ligt een verzameling tuigen, halsbanden en hoofdhalsters. Van het geld had ik een leuke reis kunnen maken. Was er nergens een aanlijnplicht, dan was dit allemaal niet nodig en als je het de hond vraagt, hoeft het ook allemaal niet. Sinds ik Troy heb, is het me opgevallen dat de voorkeur in hondenland is verschoven naar een tuig. Voor praktijkspeuren, en uiteindelijk ook het uitlaten, kocht ik van alles: een tuig van K9–JULIUS, een van Perfect fit, een handgemaakt anti-ontsnappingstuig, tot uiteindelijk een op maat gemaakt tuig. Het leek vaak dé oplossing maar was het steeds niet echt. Zodra Troy in het tuigje hing bij het speuren, verschoof het zo dat het toch op zijn strot leek te drukken, met bijbehorend gerochel tot gevolg. Het is een bekend probleem;
39 het is moeilijk een geschikt tuig te vinden voor een Pyreneese herdershond. Een recente vraag over tuigen in een Facebookgroep over tuigen, motiveerde mij om dit artikel te schrijven. Er zijn vele bronnen te vinden over dit onderwerp. Aan de gedragsmatige kant van het verhaal kan ik ook nog een artikel wijden, maar dat bewaar ik voor later. Geen fan Een aantal jaar geleden, bij een nascholing, vroeg ik veterinair neuroloog Paul Mandigers hoe vaak hij honden zag met aandoeningen die te maken hadden met het dragen van een halsband. Zijn antwoord: ‘Nul!’ Hondenland was ernstig verdeeld over tuig of halsband en dat is nog steeds zo. Er wordt weinig naar elkaar geluisterd en niet naar verbindende nuances gezocht; dit kenmerkt veel debatten in hondenland. Als iemand voor een halsband kiest, wordt die persoon op zijn minst af en toe een beetje scheef aangekeken. Sommige hondenscholen eisen zelfs dat je een goed passend tuig aanschaft voor je op cursus mag komen. Victor Hoogma Sinds bij Troy een rughernia werd ontdekt, ben ik vaste klant bij humaan en dierfysiotherapeut Victor Hoogma. Dankzij hem heeft Troy nooit een herniaoperatie nodig gehad. Victor is geen fan van tuigjes. Hij ziet honden liever aan een brede halsband. Ik ben voorstander van angst-, pijn- en intimidatievrij trainen en vind het belangrijk dat hulpmiddelen die ik inzet dat reflecteren. Een tuig ziet er vriendelijk uit. De visie van Victor Hoogma wijkt af van wat ik verder aan informatie vond. Na de behandeling van Troy was hij zo aardig om de tijd te nemen voor zijn uitgebreide verhaal over tuigen en halsbanden. Het is wel wat technisch, maar na het lezen kun je zelf hopelijk beter beslissen waar je voor kiest. De HOND heeft een bolstaande ‘KARPERRUG’ De wervelkolom Victor: ‘Mensen kiezen voor een tuig omdat ze denken dat de nek door een halsband te veel belast wordt. Ze zijn bang dat de hond een nekhernia krijgt als ze de hond aan een halsband uitlaten. Elke vorm van tuig, Y-tuig, H-tuig, zorgt ervoor dat de schouderfunctie tot 40 procent beperkt wordt. De rugfunctie, de strekking van de borstwervelkolom, wordt beperkt in de strekking en draaiing. De hond heeft een bolstaande ‘karperrug’. De riem staat altijd in een kwetsbare positie ten opzichte van de lage borstwervels. Dit is zeker zo bij puppy’s en jonge opgroeiende honden. Puppy’s bewegen alle kanten op en die borstwervelkolom gaat direct in een karperrug staan in plaats van te strekken. De spieren ontwikkelen zich niet meer en er ontstaat bewegingsbeperking. Juist het krachtmoment, de interne druk die de meeste hernia’s veroorzaakt, verplaatst zich naar de laatste nekwervels en de laatste borstwervel. Op de lage rug komt veel meer druk te staan. Als dat lang duurt, krijg je problemen met de tussenwervels. Het skelet kan zich zo niet normaal ontwikkelen.’ De poten moeten bewegen! ‘De voorpoot moet zich maximaal kunnen strekken. Als de linkervoorpoot zich strekt, moet rechtsachter de volgende beweging zijn. Dat kan niet meer als de borstwervelkolom in een karper Halsband of tuig
42 Vroeger en nu, deel 1 Denkbeelden over socialisatie Door: Elian Hattinga van ‘t Sant Sinds 2000 zijn er heel veel nieuwe wetenschappelijke inzichten bij gekomen. Toch hebben nieuwe inzichten vaak nog niet geleid tot heel andere adviezen en trainingsmethodes. In deze serie wil ik daarom in grote lijnen laten zien waar veel verkondigde opvattingen over gedrag vandaan komen, in welke mate ze verschillen van de nieuwste inzichten en wat de implicaties daarvan zijn. In dit eerste deel ga ik in op opvattingen over socialisatie. Want ook de huidige adviezen over socialisatie zijn in grote lijnen nog gebaseerd op onderzoeken uit de jaren zestig ...
43 Vroeger en nu Sinds 1970 is het steeds gewoner geworden om met je hond naar de hondenschool te gaan. Op kynologenclubs en later commerciële hondenscholen werd aan mensen geleerd om hun honden op te voeden tot gehoorzame huishonden, aanvankelijk met een slipketting en na 1995 in toenemende mate met een clicker. Beide trainingsvormen waren gebaseerd op de gangbare wetenschappelijke inzichten uit de ethologie en de behavioristische psychologie uit de jaren vijftig en zestig van de vorige eeuw. De laatste twintig jaar zijn er heel veel nieuwe wetenschappelijke inzichten bij gekomen op het gebied van diergedrag, met name vanuit de neuropsychologie. Deze laten zien dat er veel meer overeenkomsten zijn tussen mensen en dieren dan eerder werd gedacht. Er is daardoor veel meer aandacht gekomen voor persoonlijkheidsverschillen, emoties en cognitie. De huidige training van honden is – in het algemeen – vriendelijker, humaner en minder autoritair geworden. Toch hebben nieuwe inzichten – met uitzondering van de nog maar weinig toegepaste, op imitatie gebaseerde Do as I do-methode – nog niet geleid tot heel andere trainingsmethodes. Ook de adviezen voor de socialisatie van pups zijn grotendeels ongewijzigd. Nieuwe inzichten zijn geruisloos ingepast in bestaande opvattingen of toegevoegd aan het rugzakje van de trainer, maar hebben de oude niet vervangen. Zestig jaar oude opvattingen over socialisatie, over de wijze waarop honden leren en over hun vermogen om ons te begrijpen worden overal nog steeds herhaald. Dat is jammer, want daardoor worden nieuwe, veel beter onderbouwde inzichten in de praktijk maar mondjesmaat toegepast, terwijl ze de boventoon zouden moeten voeren. Vroeger: machines Pupkopers krijgen van alle kanten te horen dat hun hondje goed gesocialiseerd moet worden – een samenvattende term die gebruikt wordt voor het de pup laten kennismaken en wennen aan iedereen en alles waarmee hij mogelijkerwijs in aanraking komt in onze menselijke maatschappij. En dat is veel, héél veel. Het advies om daar gelijk mee te beginnen, komt voort uit de gedachte dat er maar een beperkte, afgebakende tijd – de socialisatieperiode – beschikbaar voor is. Deze gedachte was de uitkomst van verschillende al veel oudere wetenschappelijke theorieën over de relatie tussen hersenwerking, evolutie, ontwikkelingspsychologie en sociaal gedrag die rond 1960 vrij algemeen waren. Van de verschillende structuren in de hersenen werd in die tijd gedacht dat ze elk een eigen specifieke functie hadden. Hersencellen, zo dacht men ook, stierven in de loop van een leven alleen maar af; er kwamen geen nieuwe meer bij, waardoor nieuwe dingen leren steeds moeilijker werd naarmate men ouder werd. De volwassenwording vormde daarbij een grens: daarmee was het hoogste potentieel van de hersenen bereikt. Daarna ging het alleen maar bergafwaarts … Op lager plan Uit de grootte van de hersenen in verhouding tot het lichaam en uit de grootte en structuur van de (prefrontale) cortex – waarvan men dacht dat daar vooral de intelligentie, emoties en het bewustzijn zetelden – trok men bij vergelijkingen met de hersenen van dieren allerlei conclusies over het vermogen tot nadenken en redeneren en het zich bewust zijn van emoties: dat was alleen mensen voorbehouden. Dat gold ook voor onderling communiceren aangezien dieren niet konden praten en, zo dacht men, daar ook geen natuurlijke aanleg voor hadden: mensen hadden bepaalde aanwijsbare gebiedjes voor spraak die bij dieren niet gevonden konden worden. Volgens wetenschappers stonden dieren dan ook evolutionair op een duidelijk lager plan dan de mens: ze waren primitiever en veel minder ver ontwikkeld. Er gaapte een diepe kloof tussen beiden, zelfs tussen de mens en meest ‘hoogstaande’ zoogdieren, zoals apen en honden. Iets menselijks toeschrijven aan dieren, antropomorfiseren, was dan ook een wetenschappelijke doodzonde; dat was meer iets voor sentimentele oude vrouwtjes en dierenbeschermers.
Krisje Moens van Zen4AllDogs BeNe: ‘Als je samenwerkt, word je gehoord’ Door: Hanneke Reitsma Het belang van samenwerken loopt als een rode draad door haar verhaal. Krisje Moens, woonachtig in Schoten – België, vertelt gepassioneerd over haar bedrijf Zen4AllDogs dat vorig jaar écht van start is gegaan. Haar missie is duidelijk: hondenprofessionals goed opleiden, er een serieus beroep van maken, zonder het menselijke aspect te verliezen. 48 Een kort interview, ‘eventjes’ praten met Krisje, is nauwelijks mogelijk; er zijn vele takken en aspecten die ze graag uitgebreid toelicht. ‘Mijn passie is mijn werk, en mijn werk is mijn passie’, laat ze meermaals weten. Al 25 jaar is Krisje hondenprofessional. Op mijn vraag ‘Wat drijft je?’, antwoord ze direct: ‘Er is nood aan in België’. Nadat ze tien jaar lang in het avondonderwijs had gewerkt, wilde ze het graag anders doen.
49 Interview diverse opleidingen. Dat klinkt in ieder geval als een moderne insteek. Wat zou je willen meegeven? ‘Dat onze opleidingen een wetenschappelijke basis hebben, maar dat het bovenal belangrijk is dat mensen fijn samenleven met hun hond’. Dat samenleven zit ‘m niet zozeer in training als wel in welzijn, het gewoon samenzijn. ‘Eigenlijk probeer ik vooral heel véél mee te geven. Juist dat het samenwerken met anderen zo belangrijk is. Maar ook het stuk professionaliseren vind ik belangrijk, nog té vaak zien mensen het als een hobby in plaats van als serieus beroep. Mijn missie is goede mensen op te leiden’. ‘Eigenlijk probeer ik vooral heel véél mee te geven’ Prettig voelen Krisje wil graag dat studenten het gezellig hebben en zich prettig voelen. Zo hangt er in het toilet een telefoonnummer van een coach; studenten kunnen deze raadplegen voor zichzelf of met betrekking tot de academie. ‘We hebben veel oog voor het welzijn van de studenten; juist door mijn ervaring in het volwassenenonderwijs. Sommigen hebben bijvoorbeeld faalangst en die kunnen we door deze benadering veel beter helpen. Iedere student wordt toegevoegd aan de WhatsAppgroep. Zo ontstaan mooie connecties. Een synergie.’ ‘Als er wordt lesgegeven, ben ik zelf ook altijd – op de achtergrond – aanwezig. Ik ben niet een of andere CEO. Ik wil vooral verbinden, de sturende kracht zijn’. Onlangs deed ze nog een opleiding tot businesscoach zodat ze de studenten die zijn afgestudeerd kan bijstaan bij hun vervolgstappen. Als het gaat om het belang van samenwerken denkt Krisje steeds een stapje vooruit; zo moedigt ze haar studenten ook aan om lid te worden van O&O, en niet alleen vanwege LosVast. Wil je meer weten over de opleidingen? Bezoek dan de site: https://zen4alldogs.be/ n Met een aantal collega’s startte ze een nieuwe opleiding in hondenland. Helaas liep dat spaak. Na nog een valse start bedacht ze, waarom doe ik het niet zelf? Begin 2022 is haar bedrijf Zen4AllDogs een feit. Inmiddels kan je hier terecht voor thuisstudies, bijscholingen én praktijkopleidingen. Denk bij thuisstudies aan bijvoorbeeld TCM voedingsconsulente of Werken met de acupen, en voor de praktijkopleidingen aan Dog Pro Hondencoach of hondengedragsexpert. Totaalpakket Krisje wil graag een totaalpakket aanbieden; ze schuwt complementaire middelen niet. Zo zijn er ook lesdagen over massage, Bachbloesems en essentiële oliën. Wanneer ik vraag of Krisje het als holistische benadering ziet, benadrukt ze dat ze juist nieuwe wetenschappelijke inzichten zo belangrijk vindt en dat de kennis die ze aanbieden up-to-date moet zijn. En, dat er ook nog kritisch wordt gekeken naar die wetenschappelijke onderzoeken! Vaste docenten Krisje geeft maar een aantal lessen zelf; ze werkt samen met vaste docenten. Zoals ze zelf zegt ‘de besten van België’, zoals gedragsdierenarts Ilse Rediers – bekend van haar boek ‘Een Vlekkeloos hondenleven’ –, Daniëlla De Coster en Lisanne van Zwam, en soms ook met Nederlandse docenten. Lisanne geeft les over voeding in relatie tot gezondheid en gedrag, een essentieel onderdeel van de opleiding. Tegelijkertijd hecht Krisje ook enorm aan het plezier dat er moet zijn, op het veld én tijdens de opleidingen. Hanteren jullie een bepaalde methode? Krisje: ‘We werken positief; dat kan zijn met de clicker of een clickwoord, met voer, maar we leren de studenten kijken naar wat de hond belangrijk vindt, dus dat kan ook een aai of spel zijn. Daarnaast werken we vooral met y-tuigen, niet met hoofdhalsters of anti-trektuigen. We proberen steeds te kijken naar de behoefte van het individu, zowel bij de hond als de mens.’ ‘Verander de emotie, dan verandert het gedrag’ staat ook veelvuldig op haar site te lezen bij de
51 Helpt castratie bij rijgedrag, markeren en weglopen? Door: Pascalle Roulaux Reuen worden vaak gecastreerd vanwege hun gedrag, zo bleek uit eerder onderzoek (Roulaux et al., 2020). Vaak genoemde redenen zijn ongewenst rijgedrag, markeren en weglopen. Als deze gedragingen daadwerkelijk veroorzaakt worden door hormonen, zou je verwachten dat er verschillen zijn tussen gecastreerde en intacte honden, én tussen reuen en teven, aangezien hun hormoonhuishouding nogal verschilt. Dat is wat we hebben uitgezocht in een nieuw onderzoek, gepubliceerd in Journal of Veterinary Behaviour (Roulaux et al., 2023). Vragenlijst Voor ons onderzoek beantwoordden in totaal 982 Nederlandse hondeneigenaren – voor respectievelijk 547 reuen en 435 teven – een vragenlijst, met daarin onder andere de volgende drie vragen: • In welke mate vertoont uw hond rijgedrag (het bestijgen van en rijden op andere dieren, mensen of voorwerpen)? • In welke mate heeft markeergedrag (op verschillende specifieke plekken steeds kleine beetjes urineren) van uw hond invloed op uw wandeling? • In welke mate vertoont uw hond wegloopgedrag (weglopen uit huis of van het erf) als hij/zij daarvoor de kans krijgt? De vragen hadden steeds vijf antwoordopties, met toenemende frequentie of intensiteit van het gedrag. Omdat vooral rijgedrag en weglopen relatief weinig voorkwamen, hebben we het aantal opties voor de analyse teruggebracht naar twee: de hond toont het gedrag wél of niet. Rijgedrag kwam voor bij 17% van alle honden, markeren bij 60% en weglopen bij 30%. Waarom castratie? Voor 58% van alle gecastreerde reuen in de dataset, was het verminderen van ongewenst gedrag (een van de) reden(en) voor castratie. Eigenaren konden meerdere redenen aanvinken. Bij slechts 11% van de gecastreerde teven had ongewenst gedrag een rol gespeeld in de keuze van de eigenaar om te laten castreren. Voor de honden waarbij ongewenst gedrag een rol had gespeeld, gaven eigenaren aan vanwege welke gedragingen zij hadden gekozen voor castratie. Ongewenst rijgedrag had een rol gespeeld bij 31%, markeergedrag bij 18% en weglopen bij 14% van de reuen. Voor teven kwamen alle drie de gedragingen uit op 2%. Bij hen speelden (veelal preventieve) gezondheidsredenen een veel grotere rol in de keuze om te laten castreren dan gedragsredenen. Reu versus teef Bij de intacte honden vonden we dat markeren bijna twee keer zo veel voorkwam bij intacte reuen als bij intacte teven (78% versus 41%). Markeergedrag is daarmee seksueel dimorf. Dat wil zeggen: het komt voor in twee (‘di’) verschillende vormen (‘morf’), afhankelijk van de sekse van de hond. Dit seksueel dimorfisme was vele malen minder uitgesproken bij rijgedrag. Rijgedrag kwam voor bij 25% van de intacte reuen en 17% van de intacte teven. Een verschil dat officieel niet als verschil bestempeld mag worden, omdat de uitgevoerde statistische toets geen significant resultaat gaf: het gevonden verschil was te klein en kan op toeval berusten. Ook in wegloopgedrag was er geen verschil tussen intacte reuen en teven (32% versus 27%). Loopsheid wordt dus wellicht niet voor niets (weg)loopsheid genoemd! Onderzoek
52 geen van de drie gedragingen tussen intacte en gecastreerde honden. Bij zowel reuen als teven waren er geen verschillen tussen honden die werden gecastreerd op verschillende leeftijden. Mogelijk maakt de leeftijd op het moment van castratie voor deze gedragingen dus minder uit. Helpt castratie? Die vraag is nog niet zo gemakkelijk te beantwoorden met betrekking tot deze onderwerpen. Markeergedrag kwam veel vaker voor bij reuen dan bij teven, en vaker bij intacte dan bij gecastreerde reuen. Het lijkt dus te beïnvloeden door castratie. Toch vertoonden ook veel gecastreerde reuen markeergedrag. Castratie helpt waarschijnlijk dus lang niet altijd. Rijgedrag en weglopen verschilden weinig tot niet tussen reuen en teven. Hoewel ook gecastreerde reuen rijgedrag vertoonden, was er wel een verschil tussen intacte en gecastreerde reuen. Voor zowel rijgedrag als weglopen vonden we echter ook verschillen afhankelijk van de leeftijd van intacte honden. Oudere intacte honden vertoonden minder rijgedrag en liepen minder vaak weg dan jongere honden. Mogelijk verminderen rijgedrag en weglopen dus ook zonder castratie, simpelweg door de toegenomen leeftijd. Zeker kunnen we dit niet weten. Oudere intacte honden vertoonden minder rijgedrag Andere factoren? Onze onderzoeksopzet leent zich helaas niet voor het trekken van oorzakelijke conclusies. Met andere woorden, we weten niet zeker of de gevonden verschillen wel echt zijn toe te wijzen aan castratie, of dat er wellicht andere factoren spelen waar we geen weet van hebben. Een volgende stap in het oplossen van dit probleem is het vergelijken van het gedrag van dezelfde honden voor én na castratie. Meer kennis over de effecten van castratie helpt bij het inschatten of castratie ongewenst gedrag kan verminderen, in situaties waar niet ongewenste voortplanting, maar het gedrag, de gezondheid en het welzijn van de individuele huishond centraal staan. Invloed van loopsheid Eigenaren van intacte teven gaven aan of het gedrag sterker aanwezig is tijdens de loopsheid. Als dat zo is, dan is de kans groot dat het gedrag (voor een deel) wordt veroorzaakt door hormonen. Van de teven die markeergedrag toonden, deed 86% dit sterker tijdens de loopsheid (N=37 van 43). Rijgedrag werd vaker getoond tijdens de loopsheid door 44% van de teven die rijgedrag toonden (N=7 van 16) en weglopen door 45% (N=9 van 20). Een deel van de teven toonde de gedragingen zelfs alleen tijdens de loopsheid, daarbuiten niet. Loopsheid wordt dus wellicht niet voor niets (weg)loopsheid genoemd! Intact versus gecastreerd In ons onderzoek vonden we dat markeren vaker voorkwam bij intacte dan bij gecastreerde reuen (78% versus 66%), evenals rijgedrag (25% versus 18%). De kans bestaat dus dat deze gedragingen verminderd kunnen worden door castratie, maar merk op dat ze ook bij gecastreerde honden nog vrij vaak voorkomen. Er is dus geen garantie op het verminderen van ongewenst gedrag. Voor weglopen was er geen verschil tussen intacte en gecastreerde reuen (32% versus 31%). Mogelijk wordt het wegloopgedrag van reuen in Nederland niet hormonaal aangestuurd, maar heeft het andere redenen. Voor teven verschilden
57 Frustratie In het artikel over RAGE aan het begin van dit nummer, noemt Karolina Westlund vele redenen voor frustratie. Het komt vaak voor bij types die sterk gedreven zijn hun doel te bereiken, en daarbij worden belemmerd door bijvoorbeeld de lijn, de deur of de tralies van hun bench. Ze hebben een sterke drive en duidelijke behoeften, waaronder: heldere communicatie. Wanneer hun baasje van jongs af aan niet duidelijk communiceert, de hond zijn opkomende frustratie niet direct op een goede manier kan laten wegvloeien, kán dit uiteindelijk leiden tot gerichte agressie. RAGE Het ligt niet altijd, alleen maar, aan de opvoeding. Het is niet zo dat ‘als je maar zus of zo doet, dan …’ Nee. Nee. Nee! (Zei ik al dat ik gefrustreerd was?) Pups worden soms al geboren met grote of kleine rugzakjes, meer dan we kunnen bevroeden. In het nest is goed zichtbaar dat ze allemaal al een eigen karaktertje hebben. Of je dat nu labelt als active versus passive coper, dominant versus onderdanig (liever niet) of van ieder individu een profiel maakt van emoties en behoeften; geen pup is hetzelfde. Laten het nu vooral die active copers zijn waarvan de eigenaren aan de bel trekken vanwege probleemgevend gedrag ontstaan door frustratie - of dat nu staffies, herders of doodles betreft. NB We hebben het hier per definitie niet over predatie’agressie’, maar over agressie vanuit RAGE. Eigen strategieën Honden hebben over het algemeen zelf vaak prima strategieën om opkomende frustratie af te reageren. Denk aan: scheuren, graven, pulken (gras trekken, draadjes stof trekken), stevig sjorren, schudden (bijvoorbeeld aan een oude tak of flostouw) of middels ontladend ‘spel’ met soortgenoten. Onze eigen herplaatser Nanook, inmiddels tien jaar oud, is licht ontvlambaar, soms over heel – in onze ogen – kleine dingen. Dit is erger geworden na haar castratie. Het leidt niet tot agressie; ze ontlaadt het direct, ze pulkt aan het vetbed, ‘graaft’ haar kleedjes heen en weer door de kamer, kauwt op oude takjes in de tuin of ontlaadt zich op soortgenoot Tyra. Dat laatste was iets wat ik eerst voorkwam. Doordat ik zag dat Tyra – die ongeveer even groot en sterk is – dat ruige stoeien zelf geen probleem vindt, laat ik het gaan. Nanook wisselt het ruige spel altijd af met knibbelen (met voortandjes vacht groomen, meestal in de hals). De vlam slaat hierdoor nooit in de pan. Daarnaast is Nanook dol op strelen; ook dit kan haar goed kalmeren. Het vervelende is dat onze honden vaak onvoldoende de gelegenheid krijgen; in huis mogen ze niks slopen, in de tuin vaak ook niet – deze wordt vaak ontdaan van onkruid en takjes en/ Agressie vanuit frustratie helpen voorkomen of laten afvloeien Door: Hanneke Reitsma Bij álles wat we tegenwoordig weten over emoties, zouden sommige adviezen écht tot het verleden moeten behoren. ‘Negeer hem maar’ is daarvan eentje. Negeren kan zélfs tot bijtincidenten leiden. Maar ook andere, menselijke, factoren kunnen tot te veel activatie van RAGE leiden. In dit artikel schrijf ik mijn frustratie van me af én vind je suggesties over hoe de hond te helpen bij frustratie. In huis mogen ze NIKS slopen, in de tuin vaak ook NIET
58 geschikte honden. De eerste keren onder mijn begeleiding; de eigenaren moesten immers ook weer vertrouwen in hun hond krijgen. In eerste instantie deden we dit met een los slepende vijf meter lange biothane lijn, maar dat bleek al snel niet meer nodig – ze was zo goed trainbaar. Door tijdens de aangelijnde wandeling tussentijds ook even gericht te laten ontladen met een trekspeeltje en daarna te laten zoeken naar voertjes, ging de druk steeds van de ketel. De eigenaren leerde ik het gedrag te herkennen en duidelijker te zijn in communicatie. Al snel was de frustratie bij de hond én de eigenaren verdwenen. Gillende jonge herder Een zich zeer verantwoordelijk voelende eigenaresse had al voordat ze haar eerste hond aanschafte vele boeken en adviezen gelezen, en bewust gekozen voor een trainingsprogramma op internet. De herderpup had zijn eigen domein in de woonkamer: zijn gedeelte was afgeschermd met puppyhekjes. Mevrouw trainde de pup vaak en ijverig, volgens de adviezen, en volgde ook de vijfminuten-regel op voor het wandelen. De pup was inmiddels bijna vier maanden en een snelle leerling. Het probleem was dat de pup meer en meer was gaan gillen, als zij even wegliep. Ook in de nacht bleef hij vaak onrustig, ondanks dat mevrouw erbij sliep. Op het gillen van de pup kwam mevrouw weer in actie, en trainde weer even met de hond – zelfs ‘s nachts. Inmiddels stond mevrouw op instorten. De PUP kwam inmiddels nog maar een paar keer per DAG een kwartiertje UIT de bench! Ze bleek, precies zoals geadviseerd, de hele dag alle voer in een heuptasje bij zich te hebben en gebruikte het veelvuldig om te luren en bekrachtigen. Deze highdrive pup was hierdoor niet alleen nooit echt verzadigd, maar ook extra afhankelijk gemaakt. Als mevrouw wegliep, ging ook zijn kans op eten weg. Frustratie ten top! Deze uitte hij dan ook of is betegeld - en graven mogen ze al helemaal niet. Bijten in de riem wordt doorgaans ook niet geapprecieerd. ‘We halen de dekens weg in de kennel van de asielhond omdat hij ze stukmaakt’, aldus Maartje Horvers tijdens het seminar van NVGH over herplaatsen van agressieve honden. (Waarover een verslag in ons volgende nummer). Van cliënten hoor ik ook vaak dat ze de kleedjes uit de bench halen omdat hij deze stukbijt. Uiteindelijk ligt de hond in een kale bench. RAGE, zonder FEAR In de afgelopen tijd kwam ik aardig wat casussen tegen in mijn praktijk voor gedragstherapie waarbij RAGE een grote rol speelde. NB Bij alle honden zijn medische oorzaken zo goed mogelijk uitgesloten (ook giardia). Bijtende doodle Sommige doodles gedragen zich minder schattig dan verwacht. Zo nam een gezin contact met me op omdat hun doodleteefje van 10 maanden oud tijdens het wandelen steeds vaker naar hen begon te blaffen, happen en hard opsprong. Het was begonnen met in de lijn bijten; inmiddels had ze mijnheer al twee punctiewonden in de arm bezorgd. De fokker en de dierenarts hadden al gezegd dat ze haar harder aan moesten pakken, maar de instructeur – waar ze al sinds de puppytijd bij trainden – volhardde in zijn advies: negeren, wachten tot ze stopt, dan clickwoord en lekkers. Wie had er nu gelijk? En wat te doen? Is ze niet vals? Mijnheers geduld was inmiddels behoorlijk op. Het bleek dat ze dit gedrag vooral vertoonde als ze was aangelijnd en andere honden zag – ze mocht niet meer los want dan speelde ze ‘pak me dan als je kan’ – of op de terugweg naar huis. En soms ook zomaar, zo leek het. In huis was ze over het algemeen gezeglijk en ontspannen, passend bij haar leeftijd. We hadden te maken met een energieke, zeer slimme dame die tijdens de wandeling gefrustreerd was geraakt. Dit reageerde ze af op haar eigenaren. Wat we gingen veranderen: wél laten spelen met
61 Dogs in Translation is uniek in zijn soort te noemen. Het bevat foto’s van honden in allerlei situaties; in interactie met mensen, met andere honden en foto’s waarop ze gewoon ‘hun ding’ doen. Dat ook nog eens met een keur van honden qua uiterlijk. Door gebruik te maken van fotografie in een fractie van een seconde, kun je de meest subtiele tekenen opmerken die je vertellen wat een hond ervaart. De opeenvolging van die momentopnamen, van zo’n zeven opeenvolgende foto’s gemaakt in een seconde, laat ook het verloop van de interactie zien waardoor je kunt leren om uitkomsten te voorspellen. Het werkboek dat je erbij kunt kopen nodigt je uit om zelf te beschrijven en analyseren wat je ziet om vervolgens te schetsen wat er vervolgens zou kunnen gebeuren. Wat betreft de foto op de cover van het boek en werkboek: ik herkende het gedrag omdat ik het in het bos regelmatig zie bij mijn hond. Wat denk jij dat hier aan de hand is? Hondenkop fascinerend Deel één focust zich op wat het hondenlichaam ons allemaal vertelt. Te beginnen met het hoofd. Oren (tot in de kleinste puntjes!), voorhoofd, ogen, mond en mondhoeken, tong, neus en neusgaten, de kaak en de neusbrug zijn belangrijke onderdelen van het hoofd om je te helpen zijn emotionele staat en stemming te interpreteren. Hetzelfde geldt voor gezichtsexpressie, die afhankelijk van de situatie ook nog eens asymmetrisch kan zijn. Wij zijn geneigd om naar de meest opvallende helft van het gezicht te kijken en daaruit conclusies te trekken, maar als je jezelf dwingt om die met je hand (op de foto uiteraard) af te dekken, kun je ineens tot een heel andere conclusie komen. Rimpels en spierspanning, de hoogte waarop de hond zijn hoofd houdt, oor- en oogstand, iris, pupil en oogwit: het komt letterlijk tot in detail aan de orde in beeld en woord. In ontspanning, bij oplopende spanning en van subtiele waarschuwing tot openlijke agressie. A unique journey of observation and interpretation Dogs in Translation Door: Anita Kiers. Afbeeldingen: uit het boek Tien jaar lang hebben Katja Krauss en Gabi Maue gewerkt aan een boek dat je een ware schatkist mag noemen: Dogs in Translation. Maar liefst 1300 fenomenale foto’s met een gedetailleerde analyse van wat daarop te zien is, bieden je een deep dive in de lichaamstaal die honden fluisteren, spreken en soms schreeuwen om hun stemming en intenties aan te geven. Het resultaat is een prachtige visuele reis door de emotionele wereld van de hond. Het kost een paar centen, maar dan heb je ook wat! Boekbespreking
62 en hoe deze worden waargenomen door andere honden komt wederom tot in detail aan bod. Tongelen vanuit diverse emoties en met diverse intenties, oogknipperen, hoofd wegdraaien, lichaam wegdraaien, lopen in een boogje om een ander heen, al dan niet beleefde begroetingen, jezelf kleiner maken, lichaamstaal als een andere hond te opdringerig is, als mensen naderen, gaan liggen als een andere hond nadert of als uitnodiging voor andere honden om naderbij te komen, op je rug draaien, pootje heffen, snuffelen in uiteenlopende situaties, urineren, splitten, buigen (en niet alleen als spelboog!), schudden, krabben, gapen, het houdt niet op! Had ik al gezegd dat dit boek echt fascinerend is? Emoties Deel drie tenslotte gaat in op de emoties angst; verdriet; ergernis, woede, rage; afkeer, walging; vreugde en tenslotte nieuwsgierigheid. De foto’s leveren het bewijs van hoe honden deze gevoelens ervaren. De onderdelen bij angst en verdriet zijn op zijn zachtst gezegd indrukwekkend. Maar aan het einde van het boek word je weer helemaal blij als je de foto’s met uitleg bij de onderwerpen vreugde en nieuwsgierigheid mag bewonderen. Als een hondenkop niet al fascinerend vond, ben je na hoofdstuk één overstag! Dan volgt het gehele lijf. Om conclusies te kunnen trekken, is het van belang om te weten hoe het lijf van een hond is als hij relaxed is, een neutrale houding heeft. De positie van de poten, de helling van de gewrichten, de staart, de kromming van de rug; je leert ze lezen met gebruik van onder andere hulplijnen die in diverse foto’s zijn aangebracht. Manieren van voortbewegen en wat die vertellen, houding bij spel en als de hond wil imponeren, de balans (gecentreerd, of naar voren of achteren reikend), staart, vacht en het lichaam bij pijn en ziekte: het is niet te geloven! Als je een HONDENKOP niet al fascinerend vond, ben je na HOOFDSTUK één overstag Communicatiesignalen In deel twee worden communicatiesignalen onder de microscoop gelegd. Het gedragsrepertoire dat honden gebruiken in dagelijkse interacties
64 Mens in het DNA Er zijn vier functionele categorieën voor alles wat in de omgeving van een dier voorkomt. Iets in de omgeving is Predator, Prooi, Neutraal Object of Soortgenoot. Met een roofdier of prooi bouw je geen relatie op; het is eten of gegeten worden, er is geen sprake van communicatie of agressie. Dieren die nog nooit een mens hebben gezien, beschouwen de mens vaak als predator. Er is dan uitvoerige habituatie nodig om de mens als neutraal object te gaan zien. Onderzoekers moeten zich continu in de nabijheid van wilde dieren ophouden zonder iets te doen. Het vergt positieve associaties om de mens als positief te gaan beschouwen. Wanneer verandert de mens dan van ‘voermachine’ in een sociale partner? Inmiddels hebben honden de speciale categorie ‘mens’ ingebakken in hun DNA en ze gebruiken een set gedragingen tegenover de mens, die ze niet in de interactie met soortgenoten gebruiken. Voor hondenpups is een paar minuten oogcontact met een mens al genoeg voor socialisatie en dat werkt zelfs nog op een latere leeftijd. Wolvenwelpen moeten heel vroeg en intensief gesocialiseerd worden met mensen om hun natuurlijke schuwheid voor hen te overwinnen. Ter vergelijDoggo Seminar - 2 Zsófia Virányi: Hond en mens, hechting, hond in de stad en nog veel meer! Door: Iris Lammers Eerder in dit nummer het eerste deel van het tweedaagse seminar van Zsófia Virányi, over de verschillen tussen honden en wolven en domesticatie. In dit deel de vele aspecten van de hond met betrekking tot het samenleven met de mens.
65 king; als konijnen in de eerste week van hun leven in contact zijn met mensen, is er geen verschil in ‘tamheid’ tussen wilde en gedomesticeerde konijnen. De speciale categorie ‘mens’ zit ingebakken in hun DNA Gehechtheidsrelatie De volgende stap is een gehechtheidsrelatie van de hond met een individuele persoon. Hoewel een (voldoende gesocialiseerde) pup onbekende mensen zal benaderen, herkent hij zijn ‘eigen’ mens zelfs op een foto. Honden gaan een verbintenis aan met hun individuele verzorger, in tegenstelling tot door mensen grootgebrachte wolven. Bij scheidingstesten schenken wolven zelfs méér aandacht aan hen onbekende mensen wanneer die binnenkomen, dan aan de persoon die ze met de hand heeft grootgebracht. Honden schenken in zulke testen veel meer aandacht aan hun eigen verzorger en tonen zelfs voorkeur voor één persoon van het gezin. NB vanaf een bepaalde leeftijd verbleven de wolven uit het onderzoek ook nooit meer bij de verzorgers terwijl de honden nog wel regelmatig mee naar huis gingen. Het is bewezen dat mensen een pup, die gescheiden wordt van het nest, effectiever kunnen kalmeren dan hun eigen moeder. Zelfs elektrische schokken weerhouden een hond er niet van om hun mensen te benaderen. De individuele band en hoe honden zich gedragen ten opzichte van hun verzorger is vergelijkbaar met de gedragingen van baby’s / jonge kinderen ten opzichte van hun moeder. (zoals te zien op dit filmpje) Vier hechtingsstijlen Er is daarbij sprake van vier verschillende stijlen van hechting: veilige hechting, onveilige hechting, vermijding en inconsistentie. Dit kan worden onderzocht aan de hand van drie testmethoden: afhankelijkheid, gekenmerkt door nabijheid zoeken en zich verweren tegen scheiding (Dependency), de veilige basis (Secure Base Effect) en het veilige-haven-effect (Safe Haven Effect). Het Secure Base Effect onderzoekt bepaalde verwachtingen over de beschikbaarheid van de zorgfiguur. Als kind/hond zich in een nieuwe omgeving bevindt, durft hij alleen op onderzoek uit te gaan als zijn hechtingsfiguur in de buurt en beschikbaar is. Het Safe Haven Effect is er wanneer er iets beangstigend of bedreigends gebeurt en het kind/de hond vlucht naar zijn hechtingsfiguur. Zsófia toont de, ons inmiddels wel bekende, filmpjes van de experimenten van Harlow in de jaren ‘60 en ’70 met Kapucijnaapjes. Hoe controversieel en onethisch deze experimenten ook zijn, ze hebben een grote invloed gehad op hoe kinderen (en honden) worden opgevoed. Er is wel overeenstemming over de functie van relaties Relaties Relaties zijn nooit één-dimensionaal. Bedenk maar eens drie relaties die je hebt met andere mensen en bedenk dan in welke opzichten deze verschillen en overeenkomen ten opzichte van elkaar. De wetenschap zal daar nooit overeenstemming over kunnen bereiken. Er is wel overeenstemming over de functie van relaties, bijvoorbeeld stressreductie, sociale samenhang, steun in conflictsituaties, samenwerking en verbeterde probleemoplossing. Honden kunnen daarnaast ook relaties opbouwen met andere diersoorten, bijvoorbeeld katten, paarden en schapen. Componenten van een relatie zijn: verwantschap, verbondenheid, dominantie, sociale steun en tolerantie. Hoe kun je deze componenten meten om wetenschappelijke resultaten te bereiken? Er wordt dan gescoord op nabijheid, sociaal lichamelijk contact, gedragssynchronisatie, sociale controle en sociale vocalisaties. Beïnvloeden? Mensen communiceren zowel met bewuste, als met onbewuste signalen. Honden kunnen menselijke geluks- en angstgevoelens ruiken en correct interpreteren. Honden kunnen aan een menselijke pop het verschil zien tussen een vriendelijke en Doggo Seminar - 2
68 Nieuws van de vereniging Workshop: Trainen is leuk!? HR-hond op jouw hondenschool (VIP-traject) BEN JE KYNOLOGISCH INSTRUCTEUR? EN BEN JE ER HELEMAAL KLAAR VOOR? Je hebt je ongelooflijk goed verdiept in de mogelijke problematiek die een hoog-risicohond met zich kan meebrengen in de maatschappij. Je kunt de lichaamstaal van de honden tot in detail lezen en weet hoe je moet voorkomen dat de opwinding of stress oploopt. Voorbereiding:check! Maar zijn de omstandigheden op jouw hondenschool ook volledig ingesteld op het lesgeven aan deze hoog-risicohonden? Daarover ga je je intensief buigen tijdens deze eendaagse theoretische O&O-module ‘HR-hond op jouw hondenschool’. Datum: 2 december 2023. Locatie: Woudenberg Meer informatie en de toelatingseisen vind je op onze website: https://hondenopvoeding.nl/cursussen/hr-hond-op-jouw-hondenschool. Jouw trainingsvaardigheden tot een hoger niveau brengen in 2 dagen? Meld je aan met je hond voor de workshop ‘Trainen is leuk!?’ door Bianca van Gils. Deelname is dus mét hond, op 9 en 23 september in Kerkwijk, voor instructeurs uit alle disciplines. Kijk op onze website voor meer informatie: www.hondenopvoeding.nl/cursussen/workshops. Er is nog plaats! ... in module B train de hond en in module C train de mens Wil je deze nog volgen, schrijf je dan snel in! STARTDATA: module B: 28 oktober 2023 module C: 7 oktober 2023 Voor meer informatie: www.hondenopvoeding.nl > Cursussen
69 ALV en lezing op zaterdag 3 juni 2023 Op deze mooie zaterdag kwamen 15 leden naar Woudenberg voor de ALV. De concept-notulen vind je op het besloten ledendeel van onze website. Na de vergadering volgden 71 leden de lezing ‘Wat is nou geluk?’ van Hans Schnock. Hij hield een boeiend betoog voor de mogelijkheden om het geluk van hond, begeleider en instructeur te vergroten. Voor de vrijwilligers van O&O werd de avond afgesloten in Renswoude, waar gelegenheid was om met elkaar in gesprek te gaan onder het genot van een hapje en een drankje. Help jij ons als kascommissielid? Om onze boekhouding te controleren hebben we een vrijwilliger nodig die alvast mee kan kijken met de huidige vrijwilliger. Het is kleine klus van grote betekenis voor O&O. Je hoeft niet financieel onderlegd te zijn, natuurlijk mag het wel. Aanmelden kan via [email protected] Praktijkruimte gezocht! WEET JIJ EEN PRAKTIJKLOCATIE VOOR ONS? We zijn op zoek naar een verwarmbare overdekte ruimte van minimaal 250 m2 met daarbij een kantine en parkeergelegenheid. Deze locatie dient goed bereikbaar te zijn. Onze voorkeur gaat uit naar een centraal in Nederland gelegen locatie. Heel graag horen we van jou, via mail: [email protected] Bijzondere ledenvergadering 3 juli 2023 Op de ALV van 3 juni 2023 waren te weinig leden aanwezig om een rechtsgeldig besluit te nemen over conceptstatuten, daarom is er op 3 juli 2023 een online ledenvergadering. Start om 19.00 uur. Vanaf 18.45 uur laten we de leden binnen. De inlogcode vind je op het ledendeel van onze website. AGENDAPUNTEN: • Opening • Concept-verslag ALV 3 juni 2023 • Stemming over het aannemen van de concept-statuten • Rondvraag • Vaststellen datum volgende ALV • Sluiting
70 Bestuur O&O Voorzitter Lida Kalmeijer [email protected] Secretaris Marian Knip [email protected] Penningmeester Gisela Alserda [email protected] Algemeen bestuurslid Ingrid Giesen [email protected] Ereleden Loes van den Bogaard-Mutze † Martin Brouwer Maud Grevelink Gré Hooijmeijer Quirine Potter van Loon Service-adressen Cursusbureau Maud Grevelink [email protected] Ledenadministratie Christa de Ruiter [email protected] Opleidingen Ingrid Giesen [email protected] Nieuwsbrief Anita Kiers [email protected] Website (internet) Inloggen op het ledendeel: Gebruikersnaam: Wachtwoord: Vakblad LosVast Redactie: Hanneke Reitsma (hoofdredacteur) Dorien Evers-Damstra (eindredactie) Anita Kiers Regine Voort Contact: [email protected] Adreswijzigingen/opzegging lidmaatschap: • Inloggen Mijn O&O (via www.hondenopvoeding.nl) Een lidmaatschapsjaar is gelijk aan een kalenderjaar. Opzeggen doe je vóór 1 december. Financiën Betalingen aan O&O altijd o.v.v. jouw lidnummer IBAN-nummer NL94INGB0005276292 ten name van Ned Ver v Instr in hondenopvoeding en opleiding BIC-code INGBNL2A (voor betalingen vanuit het buitenland) Contributie Per kalenderjaar, voor leden € 30,00 voor leden/donateurs € 15,00 voor gezinsleden Nieuwe (gezin)leden betalen eenmalig € 5,00 inschrijfgeld Leden buiten NL betalen € 11,00 toeslag t.b.v. porto LosVast Start het lidmaatschap na 1 juli, dan betaal je: € 20,00 voor leden/donateurs (incl. inschrijfgeld) € 12,50 voor gezinsleden (incl. inschrijfgeld) Vragen over jouw contributie? Mail (met jouw lidnummer) naar: [email protected] Doordat O&O met vrijwilligers werkt, zijn we beperkt bereikbaar. We doen ons best om iedereen zo snel mogelijk van dienst te zijn. Het vakblad LosVast wordt uitgegeven door O&O, de Nederlandse Vereniging voor Instructeurs in Hondenopvoeding en -opleiding Opgericht 8 maart 1980 - Kamer van Koophandel nummer 40479415 Colofon LosVast is een uitgave van de vereniging O&O (hondenopvoeding.nl). Het doel van het blad is het bevorderen van communicatie binnen de vereniging en kwaliteitsverbetering van hondentrainingen door het verzorgen van informatie op het gebied van hondenopvoeding en -training. Uitspraken en opvattingen in het redactionele gedeelte komen voor rekening van de auteur of de geciteerde persoon en kunnen afwijken van de visie van O&O. Het bestuur is verantwoordelijk voor de inhoud van de rubriek Verenigingsnieuws. Verschijnt 4 maal per jaar in maart, juni, september en november. Overname van artikelen/foto’s alleen toegestaan na schriftelijke toestemming van de redactie en/of auteur/fotograaf. Vormgeving en druk: De Mediagraaf (demediagraaf.nl)
71 Omgaan met over-de-top gedrag Meer weten? Kijk op www.dogvision.nl Volg een cursus met STAP-budget Welzijn en abnormaal Gedrag bij Honden Mens achter de Hond Biologie van de Hond Probleemgedrag bij Honden Volg uitdagende en praktijkgerichte nascholing bij DogVision! Op zoek naar actuele kennis over hondengedrag? Op zoek naar actuele kennis over hondengedrag? Nascholingspunten toegekend door CKI van de Raad van Beheer. webmail.hostingserver.nl 5.184×3.140 pixels 13-02-2023 21:31 https://webmail.hostingserver.nl/?_task=mail&_mbox=INBOX&_uid=30388&_part=2&_action=get&_extwin=1&_framed=1&_mimewarning=1&_embed=1 Pagina 1 van 1 MODULE A KEN DE HOND Basiskennis: een stevige theoretische basis vereist voor elke opleiding bij O&O 4 dagen (op locatie) of 8 dagdelen (online) of een combinatie hiervan MODULE B TRAIN DE HOND Dé trainingsmodule voor iedereen die meer wil leren van en met honden. Leer kijken met een heel brede blik naar training en hondensport. 1 dag theorie en 2 dagen praktijk (op locatie) MODULE C TRAIN DE MENS Lesgeven in de praktijk; vormgeven en uitvoeren van opvoedingscursussen aan eigenaren. Sluit aan op module A en B. Met goed gevolg afgelegd? Dan ontvang je het diploma kynologisch instructeur 9 dagen: 8 dagen praktijk op locatie en 2 dagdelen theorie (online) WIL JIJ GRAAG MEER WETEN OVER HONDEN VOLGENS DE NIEUWSTE INZICHTEN? Dan ben je bij O&O aan het juiste adres! We hebben onze modules en website vernieuwd. Neem een kijkje op: www.hondenopvoeding.nl Bijscholingen Trainen is leuk!? (voor de KI) 2-daagse workshop HR-hond op jouw hondenschool (onderdeel van het VIP-traject) 1-daagse module Lezingen Mét accreditatiepunten – 2 keer per jaar - voor O&O-leden gratis Meer informatie? Kijk op de O&O website www.hondenopvoeding.nl Inschrijven? Ga naar Inloggen/ Mijn O&O, log in en ga naar Activiteiten. O&O is een door CKI / RvB geaccrediteerde vereniging voor de opleiding tot kynologisch instructeur. Omslag juni 2023.indd 2 O&O Module B.indd 1 23-02-2023 14:36 12-06-2023 09:27
72 Jaargang 43 • Nummer 2 2023 EMOTIE RAGE niet hetzelfde als agressie Nieuwe inzichten: Socialisatie Symposium Euthanasie bij honden met gedragsproblemen PERSONEELSBELEID Instructeurs zijn goud waard! Frustratie voorkomen of ontladen Seminar Wolf-hondvergelijkingen hond-mensrelatie OPLEIDINGEN Onze Academie is ‘net anders’ omdat we alles in één geheel zien. Opvoeding en training van honden is belangrijk, maar kan ook ‘net anders’. We hebben oog voor het welzijn van de hond met ondersteuning van massage, aromatherapie, fytotherapie en andere complementaire benaderingen. Je krijgt de ‘full package’ mee in de opleiding. We geven onze HondenGedragsExperten en HondenCoachen vele tools mee waarmee ze aan de slag kunnen, zo nemen we ook de voeding mee onder de loep. Je bent wat je eet gaat ook bij honden op. Onze Zen4AllDogs Academie is een erkend opleidingcentrum voor Kort Beroepsonderwijs en CRKBO geregistreerd. Zen4AllDogs Academie BeNe www.zen4alldogs.be 0032 476 50 58 78 Zen4AllDogs advertentie 1 pag.indd 1 Omslag juni 2023.indd 1 06-06-2023 09:03 12-06-2023 09:27